What is LessonUp
Search
Channels
Log in
Register
‹
Return to search
2hv_Kapitel 2_B Wortschatz
Kapitel 2: GESUNDHEIT
1 / 21
next
Slide 1:
Slide
Duits
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 3
This lesson contains
21 slides
, with
interactive quizzes
,
text slides
and
1 video
.
Start lesson
Save
Share
Print lesson
Items in this lesson
Kapitel 2: GESUNDHEIT
Slide 1 - Slide
GESUNDHEIT
Slide 2 - Slide
6
Slide 3 - Video
00:25
Wat betekent Körperteile?
A
koperdelen
B
levensloop
C
koopdelen
D
lichaamsdelen
Slide 4 - Quiz
00:44
Gezicht betekent in het Duits
A
Gesicht
B
Kopf
C
Haare
D
Gezicht
Slide 5 - Quiz
01:12
Mit was kann man riechen.
A
die Augen
B
die Zunge
C
die Nase
D
das Ohr
Slide 6 - Quiz
02:01
Vertaal de hand - de handen
A
die Hand - die Hände
B
die Hand - die Hande
C
die Hand - die Handen
D
die Hand - die Hands
Slide 7 - Quiz
03:14
benen in het Duits?
A
Beene
B
Beine
C
Bein
D
Beinen
Slide 8 - Quiz
03:56
je 'achterste'
A
der Hintern
B
der Po
C
der Arsch
D
der Popo
Slide 9 - Quiz
der
die
das
Hand
Bein
Arm
Rücken
Gesundheit
Mund
Körper
Nase
Schmerzen
Gesicht
Slide 10 - Drag question
der, die und das
De bepaalde lidwoorden in het Nederlands:
de
en
het
worden in het Duits aangegeven met:
der, die en das
der = mannelijk
die = vrouwelijk
das = onzijdig
Slide 11 - Slide
mannelijk = der
Wanneer is een zelfstandig naamwoord
mannelijk? -
>
DER
- mannelijke personen (der Bruder, der Opa)
- mannelijke dieren (der Stier, der Hund)
- mannelijke beroepen (der Lehrer, der Sänger)
Slide 12 - Slide
vrouwelijk = die
1. Veel Duitse woorden die op een
-e
eindigen zijn vrouwelijk
de school
die
Schul
e
de pauze
die
Paus
e
de lamp
die
Lamp
e
2. Dieren/personen/beroepen van het vrouwelijk geslacht
de koe
die
Kuh
de lerares
die
Lehrer
in
Slide 13 - Slide
onzijdig = das
das:
Als ik in het Nederlands 'het' gebruik.
het huis = das Haus
het kind = das Kind
Slide 14 - Slide
Wat is het onbepaalde lidwoord in het Nederlands?
Slide 15 - Open question
Wat is het onbepaalde lidwoord in het Duits is?
Slide 16 - Open question
Weet je het nog?
Wanneer krijg je: ein?
A
der, das
B
die
Slide 17 - Quiz
En wanneer: eine?
A
der, das
B
die
Slide 18 - Quiz
Die Körperteile
Wat kun je ermee?
Slide 19 - Slide
sehen
fühlen
rennen
schreiben
hören
lecken
riechen
das Auge
der Finger
das Bein
die Hand
das Ohr
die Zunge
die Nase
Slide 20 - Drag question
Gut gemacht!
Slide 21 - Slide
More lessons like this
Proefles Duits körperteile
April 2024
- Lesson with
20 slides
Duits
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 3
DHA3A Wortschatz Gesundheitsquiz
June 2024
- Lesson with
13 slides
Duits
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 3
DHA3A Wortschatz Gesundheitsquiz
November 2024
- Lesson with
10 slides
Duits
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 3
Les 8 12-11-2024 K2 Gesundheit
November 2024
- Lesson with
26 slides
Duits
Middelbare school
havo
Leerjaar 3
DHA3A Wortschatz Gesundheitsquiz
November 2023
- Lesson with
28 slides
Duits
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 3
DHA3A Wortschatz Gesundheitsquiz
December 2024
- Lesson with
28 slides
Duits
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 3
Wortschatz Gesundheitsquiz
March 2025
- Lesson with
28 slides
Duits
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 3
Les 8 12-11-2024 K2 Wortschatz Gesundheit
November 2024
- Lesson with
24 slides
Duits
Middelbare school
havo
Leerjaar 3