Leesdoelen en leesstrategieën havo 5 herhaling

Leesstrategieën en leesdoelen havo 5 herhaling
1 / 24
suivant
Slide 1: Diapositive
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 5

Cette leçon contient 24 diapositives, avec diapositives de texte et 5 vidéos.

time-iconLa durée de la leçon est: 90 min

Éléments de cette leçon

Leesstrategieën en leesdoelen havo 5 herhaling

Slide 1 - Diapositive

Wat gaan we vandaag doen?
Herkansing SE3
Werkwoordspelling oefenen (CE)
Korte uitleg over begrippen CE; deze verwerk in je in een opdracht (CE)
Je weet welke doelen er zijn en welke tekstsoorten hierbij passen (CE)

Slide 2 - Diapositive

Slide 3 - Diapositive

Slide 4 - Diapositive

Slide 5 - Diapositive

Slide 6 - Diapositive

Slide 7 - Diapositive

Slide 8 - Diapositive

Hoofdgedachte en hoofdvraag
Hoofdgedachte is:.....
  • Tekst: boodschap van de schrijver
  • Alinea: Belangrijkste boodschap van de alinea
Hoofdvraag is:.....
  • Centrale vraag van de schrijver over het tekstonderwerp
Minimaal één examenvraag gaat hierover.



Slide 9 - Diapositive

Opbouw van een alinea
Hoofdgedachte (kernzin) 
+
Extra informatie (uitleg/voorbeelden/bewijs)
-> Waar kennen we deze opbouw ook van?

Waar in de zin staat de hoofdgedachte meestal?
Onderwerp: gemeenschappelijk in een alinea

Slide 10 - Diapositive

Slide 11 - Diapositive

Leesstrategieën
Wat zijn dat?
  • Manieren van lezen
Waarom moet je dit weten?

Slide 12 - Diapositive

THEORIE leesstrategieën

Slide 13 - Diapositive

Leestrategieën

Slide 14 - Diapositive

Slide 15 - Diapositive

Aan de slag!
Doel: verwerken van informatie die zojuist gegeven is
Je krijgt een vragenblad, vul deze zo goed mogelijk in.
Samenwerken mag.
Tijd: 15 minuten.
Klaar? Lees de FAQ, blz. 25 van de Examenbundel.
timer
15:00

Slide 16 - Diapositive

Slide 17 - Diapositive

Aan de slag!
Maak oefening 3.1 (blz. 49)
Welke signaalwoorden worden gebruikt?
Welk verband geeft het signaalwoord aan?
Kijk zelf na.

Op Quizlet oefenen:
timer
15:00

Slide 18 - Diapositive

Quizlet
Functiewoorden en kernwoorden:
Vaak worden dezelfde kernwoorden in het CE gebruikt dus handig als je weet wat de kernwoorden betekenen.
Er worden meestal 3 a 4 vragen gesteld over de functies van een bepaalde alinea dus deze functies moet je (her)kennen.

Slide 19 - Diapositive

Slide 20 - Vidéo

Slide 21 - Vidéo

Slide 22 - Vidéo

Slide 23 - Vidéo

Slide 24 - Vidéo