3.3 elektriciteit gebruiken deel 3

3.3 elektriciteit gebruiken deel 3
Energieverbruik
1 / 13
suivant
Slide 1: Diapositive
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 3

Cette leçon contient 13 diapositives, avec quiz interactif, diapositives de texte et 1 vidéo.

time-iconLa durée de la leçon est: 45 min

Éléments de cette leçon

3.3 elektriciteit gebruiken deel 3
Energieverbruik

Slide 1 - Diapositive

elke knipper is 1 wh
dus 1000 is 1 kwh
Digitale kWh-meter oftewel slimme meter

Slide 2 - Diapositive

Waar ligt het verbruik aan?
  • Het verbruik kan je toewijden aan 2 belangrijke spelers: het vermogen van de toestellen en de tijd dat ze aan staan.
  • Hoe groter het vermogen, hoe langer je ze gebruikt, des te meer het verbruik is.

Slide 3 - Diapositive

Aan de slag
blz 188
24 t/m 27

Slide 4 - Diapositive

Energieverbruik
1
2
3

Slide 5 - Diapositive

Energieverbruik

Slide 6 - Diapositive

Hoeveel elektrische energie (kWh)
gebruikt een lamp (100 W) als deze 12 uur brandt?
Noteer de volledige berekening.

Slide 7 - Question ouverte

Aan de slag
bladzijde 189
opgave 28 t/m 34

Slide 8 - Diapositive

Prijsberekening
  • Het uitrekenen doe je met deze formule:
kosten = energie x prijs

Slide 9 - Diapositive

Rekenvoorbeeld 1
  • Een vaatwasser verbruikt 0,9kWh tijdens een wasbeurt.  
  • 1kWh kost €0,32
  • Bereken hoeveel je moet betalen

  • kosten = energie x prijs
  • kosten = 0,9kWh x €0,32
  • kosten = €0,288 = €0,29

Slide 10 - Diapositive

Rekenvoorbeeld 2
  • Een boormachine verbruikt 600W tijdens een herstelling van 30 minuten.  
  • 1kWh kost €0,40
  • Bereken hoeveel je moet betalen

  • kosten = energie x prijs          Energie = vermogen x tijd 
  • Reken 600W om naar kW → 0,6kW
  • Reken 30 minuten om naar uur → 0,5h
  • Energie = vermogen x tijd = 0,6kW x 0,5h = 0,3kWh

Slide 11 - Diapositive

Aan de slag
blz 190
opgave 36 t/m 38

Slide 12 - Diapositive

0

Slide 13 - Vidéo