Je kunt situaties herkennen waarin verhoudingen voorkomen, ook als deel van deel, en je kunt de bijbehorende verhoudingentaal herkennen en gebruiken.
Je kunt situaties herkennen waarin driedelige verhoudingen voorkomen.
Je kunt tweedelige en driedelige verhoudingen, ook gegeven in formele notatie, met elkaar vergelijken.
1 / 22
suivant
Slide 1: Diapositive
RekenenMBOStudiejaar 1
Cette leçon contient 22 diapositives, avec quiz interactifs, diapositives de texte et 2 vidéos.
La durée de la leçon est: 30 min
Éléments de cette leçon
H2.2 Verhoudingen herkennen
Herkennen van verhoudingen in allerlei situaties:
Je kunt situaties herkennen waarin verhoudingen voorkomen, ook als deel van deel, en je kunt de bijbehorende verhoudingentaal herkennen en gebruiken.
Je kunt situaties herkennen waarin driedelige verhoudingen voorkomen.
Je kunt tweedelige en driedelige verhoudingen, ook gegeven in formele notatie, met elkaar vergelijken.
Slide 1 - Diapositive
In zijn cloud is nog 12,3 GB vrij. Een afbeelding is gemiddeld 3 MB groot. Hoeveel afbeeldingen zou Ernie in zijn cloud kunnen zetten? 1GB = 1000MB
A
12,3 : 3 = 4,1
B
12.300: 3= 4100
Slide 2 - Quiz
Ben jij 18 +?
JA
NEE
Slide 3 - Sondage
Wat is de kleinste verhouding van blauw : wit ?
A
4 : 5
B
2 : 2,5
C
1 : 1,25
D
8 : 10
Slide 4 - Quiz
Verbind de gelijke verhoudingen met elkaar.
6 : 48
9 : 21
3 : 12
1 : 4
1 : 8
3 : 7
Slide 5 - Question de remorquage
Wat is de verhouding 18- en 18 + in de klas? Kan je deze verhouding kleiner maken?
Slide 6 - Question ouverte
Hoe vaak sport jij per week?
Elke dag
meer dan 1 x of meer
Nooit
Slide 7 - Sondage
Slide 8 - Vidéo
Sammie telt voertuigen die langs haar eigen huis rijden. Ze telt in 5 minuten: 54 auto's, 4 motoren en 2 vrachtwagens.
De verhouding auto's : motoren : vrachtwagens =
(Let op vereenvoudigen)
A
54:4:2
B
27:2:1
C
13,5:1:0,5
D
25:2:1
Slide 9 - Quiz
Breuken
Breuk: deel van een getal
1/5 = delen door 5
2/5= delen door 5 keer 2
Slide 10 - Diapositive
Verhoudingen/breuken
1: 10 <- totaal 11 delen 11/11
1:3:3 <- totaal 7 delen 7/7
1/6 deel is blauw, 1/3 deel is rood. 1/2 deel is oranje
De verhouding =
1:2:3
Je maakt de breuken gelijknamig om de juiste verhouding te berekenen
Slide 11 - Diapositive
Slide 12 - Vidéo
3-delige verhouding
1/6 deel is blauw, 1/3 deel is rood. 1/2 deel is oranje
De verhouding = 1:2:3
Verander alle breuken naar de kleinste breuk (1/3 =2/6 1/2 = 3/6)
Slide 13 - Diapositive
Slide 14 - Diapositive
Wat is de kleinste verhouding witte kralen : zwarte kralen?
A
4 : 2
B
2 : 4
C
1 : 2
D
2 : 1
Slide 15 - Quiz
verdeling van de merken A, B en C achtereenvolgens: een derde, 2/9, 4/9
Welke strook geeft deze verhouding het beste weer? Tip: Wat is de kleinste breuk?
A
boven
B
midden
C
onder
Slide 16 - Quiz
Wat is de verhouding groen : geel : rood
A
4 : 8 : 8
B
1 : 2 : 2
Slide 17 - Quiz
Verhoudingen vergelijken
Om iets te vergelijken moet 1 eenheid hetzelfde zijn.
Reken terug naar 1ML of 100 ML Deze zijn beide 500g dus die kan je vergelijken
Slide 18 - Diapositive
Vergelijk de prijs van 4 frisdranken: Loway kost € 3,30 (1500 ml). Brown kost € 1,- (33cl). Kola kost € 1,50 (1 liter). Sespi kost € 3,- (3 flessen van 20 cl). Wat is verhoudingsgewijs de duurste frisdrank?