les 2 omgaan met ziekte

1 / 14
suivant
Slide 1: Diapositive
GezonheidsbevorderingMBOStudiejaar 1

Cette leçon contient 14 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 45 min

Éléments de cette leçon

Slide 1 - Diapositive

11.1.c

Slide 2 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Slide 3 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Slide 4 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Wanneer is iemand ziek? Je kunt bij ‘ziek zijn’ praten over de ziektediagnose, ziektebeleving of het ziektegedrag. Zet de juiste invulling van het begrip ziekte bij de situaties.
ziekte beleving
ziekte gedrag
ziekte gedrag
ziekte diagnose
Bij Moniek is griep vastgesteld
Lee heeft hoofdpijn gekregen van de vergadering.
Koos slikt drie pijnstillers per dag.
Karim windt elke dag een verband om zijn zere enkel.

Slide 5 - Question de remorquage

In de voorbeelden die horen bij ziektediagnose betreft het een situatie waarin objectief een ziekte wordt vastgesteld. De voorbeelden die horen bij ziektebeleving gaan over een situatie die de persoonlijke beleving van de ziekte weergeeft.
Bij ziektegedrag horen de situaties waarin iemand zich gedraagt als iemand die ziek is.

Slide 6 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Slide 7 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Wat zijn kenmerken van
lichamelijke klachten
bij ziekte?

Slide 8 - Carte mentale

  • Pijn
  • Gewichtsverandering: 
  • Eetlust:
  • Slaapritme
  • Conditie
  • Samenhang tussen lichamelijke en geestelijke reacties

Slide 9 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Slide 10 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Slide 11 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Slide 12 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Slide 13 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Slide 14 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions