H3 Formuleren - verbanden tussen zinnen

H3 Formuleren
Verbanden tussen zinnen
1 / 29
suivant
Slide 1: Diapositive
NederlandsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

Cette leçon contient 29 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 15 min

Éléments de cette leçon

H3 Formuleren
Verbanden tussen zinnen

Slide 1 - Diapositive

Doel
Na deze les kun je verbanden tussen zinnen leggen door signaalwoorden te gebruiken.

Slide 2 - Diapositive

Wat weet je al?

Slide 3 - Diapositive

Ik kleedde me dik aan, omdat het zo koud was.

Signaalwoord =

Slide 4 - Question ouverte

Het zonnetje scheen, maar het was nog steeds koud.
Signaalwoord =

Slide 5 - Question ouverte

Eerst ging ik naar school en daarna ging ik naar de hockeytraining
Signaalwoord =

Slide 6 - Question ouverte

Ik koop een cadeautje + ik ga naar een verjaardag.

Slide 7 - Question ouverte

Ik kijk Netflix + ik speel Call of Duty

Slide 8 - Question ouverte

Theorie

Slide 9 - Diapositive

Verbanden tussen zinnen
Een verband laat zien op welke manier (delen van) zinnen, alinea's of tekstgedeelten met elkaar te maken hebben.
Een tekst wordt duidelijker als de schrijver de verbanden duidelijk aangeeft.
Verbanden worden aangegeven met signaalwoorden.
Ik heb mijn huiswerk niet gemaakt, omdat ik het te druk had met leren.

Slide 10 - Diapositive

Verbanden tussen zinnen
Er zijn bepaalde signaalwoorden die altijd bij een bepaald verband horen - blz. 92

opsomming: ook, bovendien, en
tegenstelling: maar, echter
tijd: eerst, toen, eens, vroeger, nu
oorzaak-gevolg: daardoor, doordat, als gevolg van
reden: omdat, want, namelijk
toelichting: bijvoorbeeld, zoals
conclusie/samenvatting: dus, samengevat, daarom
voorwaarde: indien, tenzij, wanneer

Slide 11 - Diapositive

Een deel van Nederland vindt dat de coronamaatregelen strenger worden, maar ik vind van niet.
A
Opsommend verband
B
Tegenstellend verband
C
Oorzakelijk verband
D
Toelichtend verband

Slide 12 - Quiz

Doordat het zo hard regende, kwam ik doorweekt op school aan.
A
Opsommend verband
B
Tegenstellend verband
C
Oorzakelijk verband
D
Toelichtend verband

Slide 13 - Quiz

Ten eerste had ik geen zin in de opdracht en ten tweede had ik ook niet genoeg tijd.
A
Opsommend verband
B
Tegenstellend verband
C
Oorzakelijk verband
D
Toelichtend verband

Slide 14 - Quiz

Ik vind veel series leuk, zoals The 100, Gossip Girl en La Casa de Papel
A
Opsommend verband
B
Tegenstellend verband
C
Oorzakelijk verband
D
Toelichtend verband

Slide 15 - Quiz

Nu jij!
Tip: gebruik bladzijde 92 van je lesboek!

Slide 16 - Diapositive

Signaalwoord?
Ik wil graag Netflix kijken, maar ik ben nog niet klaar met leren.

Slide 17 - Question ouverte

Verband?
Ik wil graag Netflix kijken, maar ik ben nog niet klaar met leren.

Slide 18 - Question ouverte

Signaalwoord?
Ik kijk graag spannende series, zoals The 100.

Slide 19 - Question ouverte

Verband?
Ik kijk graag spannende series, zoals The 100.

Slide 20 - Question ouverte

Signaalwoord?
Ik vind gamen erg leuk en daarom game ik elke dag.

Slide 21 - Question ouverte

Verband?
Ik vind gamen erg leuk en daarom game ik elke dag.

Slide 22 - Question ouverte

Signaalwoord?
Als ik mijn huiswerk heb gemaakt, dan mag ik naar buiten

Slide 23 - Question ouverte

Verband?
Als ik mijn huiswerk heb gemaakt, dan mag ik naar buiten

Slide 24 - Question ouverte

Nu iets moeilijker!

Slide 25 - Diapositive

Verzin een zin met het verband 'tijd'

Slide 26 - Question ouverte

Verzin een zin met het verband 'opsomming'

Slide 27 - Question ouverte

Verzin een zin met het verband 'oorzaak-gevolg'

Slide 28 - Question ouverte

Extra oefenen?
NN online - extra opdrachten - formuleren

Slide 29 - Diapositive