Les 7 C5 Grammatica §4 Onderwerp

Welkom
Pak Nieuw Nederlands en laptop (laat het nog dicht!).
timer
3:00
1 / 29
suivant
Slide 1: Diapositive
NederlandsMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 1

Cette leçon contient 29 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 50 min

Éléments de cette leçon

Welkom
Pak Nieuw Nederlands en laptop (laat het nog dicht!).
timer
3:00

Slide 1 - Diapositive

C5 Grammatica §4 Onderwerp
We maken de laatste opdrachten 4-7  (p. 205) van §4 af

Slide 2 - Diapositive

Schrijf de werkwoorden op
  • Christian wilde graag een scooter kopen.
  • Wat is de persoonsvorm?
  • Schrijf twee manieren op hoe je de pv kunt vinden

Slide 3 - Diapositive

Tijdsproef
Vraagproef
Schrijf op je wisbord:
  • Mijn nieuwe kapsel is leuk.
  • Ik heb een lekkere taart gemaakt.
  • Wij houden van deze muziek.

Slide 4 - Diapositive

Tijdsproef
Vraagproef
  • Hij kookte in de keuken.
  • Zij veegde haar gezicht af met een servet.
  • De hond herkende zijn baasje niet.
  • Hij schatte haar tien jaar jonger.
Onderwerp

Slide 5 - Diapositive

Slide 6 - Diapositive

Slide 7 - Diapositive

Slide 8 - Lien

Bekijk de volgende zin:
Tamar zingt in een musical.

In deze zin is zingt de pv en Tamar het ow. 

Vaak is het onderwerp van de zin een persoon die iets doet. Het kan ook een dier of een ding zijn. Het onderwerp en de persoonsvorm horen bij elkaar.

Zo vind je het onderwerp: wie/wat + pv = ow


Slide 9 - Diapositive

C5 Grammatica §4 Onderwerp
Open je laptop en ga naar: lessonup.app

Slide 10 - Diapositive

Persoonsvorm?
Olaf leest vaak een verhaaltje voor aan zijn kleine zusje.

Slide 11 - Question ouverte

Persoonsvorm?
De hele dag hebben vlinders rond de bloemen in onze tuin gefladderd.

Slide 12 - Question ouverte

Persoonsvorm?
Tot diep in de nacht bekeek Aissa afleveringen van haar lievelingsserie.

Slide 13 - Question ouverte

Persoonsvorm en onderwerp?
Mijn broer begint na de zomer aan een opleiding tot meubelmaker

Slide 14 - Question ouverte

Persoonsvorm en onderwerp?
Op het festivalterrein stonden de bezoekers in de rij bij de foodtrucks.

Slide 15 - Question ouverte

Persoonsvorm en onderwerp?
Vrijdag gaat Rosa met haar bijbaantje als vakkenvuller beginnen.

Slide 16 - Question ouverte

Persoonsvorm en onderwerp?
Die nieuwe bakker verkoopt heel lekkere appelflappen!

Slide 17 - Question ouverte


Maak een zin. Begin met het onderwerp.
in het weekend / geeft / een feestje / Mehmet

Slide 18 - Question ouverte


Maak een zin. Begin met het onderwerp.
kunnen / 25 jaar / goudvissen / worden

Slide 19 - Question ouverte

Maak een zin. Begin met het onderwerp.
gekocht / gisteren / heeft / mijn vriendin / nieuwe kleren

Slide 20 - Question ouverte


Wat is het onderwerp?
Niemand was op tijd bij de training. (1)

Slide 21 - Question ouverte

Wat is het onderwerp?

Elke ochtend staat de klusjesman al heel vroeg bij ons voor de deur. (2)

Slide 22 - Question ouverte

Wat is het onderwerp?

Volgens het weerbericht trekt die enorme regenbui precies langs ons heen. (3)

Slide 23 - Question ouverte

Wat is het onderwerp?

In het weekend hangen mijn vriend en ik het liefst de hele dag op de bank. (4)

Slide 24 - Question ouverte

Noem in de titel en in elke zin het onderwerp

Slide 25 - Diapositive

Slide 26 - Diapositive

NN online §6 Mixopdrachten
  • Online nog meer oefenen met persoonsvorm en onderwerp.
  • Doe dit thuis vóór de SO.

Slide 27 - Diapositive

Hoe vind je de persoonsvorm
A
Tijdsproef
B
wie + wat vraag
C
Vraagproef

Slide 28 - Quiz

Hoe vind je het onderwerp
A
wie + persoonsvorm
B
persoonsvorm + wat
C
zin in andere tijd zetten
D
zin vragend maken

Slide 29 - Quiz