Glasachtig lichaam = een soort doorzichtige gel.
Lens = zorgt dat er een scherp beeld op het netvlies valt.
Gele vlek = hier liggen de meeste kegeltjes bij elkaar.
Blinde vlek = hier liggen geen zintuigcellen.
op deze plek gaat de oogzenuw door drie
oogvliezen heen, naar de hersenen.
Iris = gekleurde deel van het oog.
Pupil = opening in de iris (zwart rondje).
hierdoor komt licht je ogen binnen.
Oogspier = hiermee zitten de oogbollen vast aan de oogkassen.