Unit 5 present tenses

This period
  • 14-05 PW Unit 5
  • 28-05 Writing test
  • June toetsweek - Reading test

Practice reading: 
Practice reading:  www.readtheory.org 
1 / 23
suivant
Slide 1: Diapositive
EngelsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

Cette leçon contient 23 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

Éléments de cette leçon

This period
  • 14-05 PW Unit 5
  • 28-05 Writing test
  • June toetsweek - Reading test

Practice reading: 
Practice reading:  www.readtheory.org 

Slide 1 - Diapositive

Homework (short term)
  • Prepare for the lesson of Monday 6 May
          Watch films about the 4 future tenses: 
  1.           present continuous, 
  2.           present perfect, 
  3.          present perfect continuous, 
  4.           present simple
          
              https://www.engelsacademie.nl
                             Tip: take notes!

Slide 2 - Diapositive

Present tenses

Slide 3 - Diapositive


Present Simple
Wanneer gebruik je de Present Simple?
A
Wanneer iets altijd, nooit of regelmatig gebeurt.
B
Wanneer iets nu bezig of aan de gang is.
C
Wanneer iets in het verleden is gebeurd.
D
Wanneer iets in het verleden is begonnen en nu nog bezig is.

Slide 4 - Quiz

Present simple:
Wat is de regel van de present simple?
A
SHIT-regel
B
hele ww (bij I, you, we, they) hele ww + s (bij he, she, it)
C
Hele werkwoord
D
Werkwoord + -ed

Slide 5 - Quiz


Present perfect
Wanneer gebruik je de Present perfect?
A
Wanneer iets altijd, nooit of regelmatig gebeurt.
B
Wanneer iets nu bezig of aan de gang is.
C
Wanneer iets in het verleden is gebeurd.
D
Wanneer iets in het verleden is begonnen en nu nog bezig is.

Slide 6 - Quiz

Present perfect:

Wat is de regel van de present perfect?
A
hele werkwoord + -ed. (worked)
B
shit rule= hele ww+ -s
C
vorm van to be (am/are/is) + hele werkwoord + -ing
D
have/has + voltooid deelwoord (helped, found)

Slide 7 - Quiz


Present Continuous
Wanneer gebruik je de Present Continuous?
A
Wanneer iets altijd, nooit of regelmatig gebeurt.
B
Wanneer iets nu bezig of aan de gang is.
C
Wanneer iets in het verleden is gebeurd.
D
Wanneer iets in het verleden is begonnen en nu nog bezig is.

Slide 8 - Quiz

Present continuous:

Wat is de regel van de present continuous?
A
hele ww+ -ed
B
shit = hele ww+ -s
C
vorm van to be (am/are/is) + hele ww+ -ing

Slide 9 - Quiz

Present simple

Slide 10 - Diapositive

Present Simple
Wat weet je nog over de Present Simple?

Slide 11 - Diapositive

SHIT
She
He
IT
bij He/She/IT 

werkwoord
werkwoord eindigend op S-klank
werkwoord eindigend op medeklinker Y
-S
-ES
-IES

Slide 12 - Diapositive

Slide 13 - Diapositive

Slide 14 - Diapositive

Slide 15 - Diapositive

De present perfect continuous gebruik je.....
A
bij acties die NU bezig zijn
B
wanneer iets al een tijd bezig is en je wil de tijdsduur benadrukken
C
om irritatie uit te drukken als iets lang duurt/telkens opnieuw gebeurt
D
als iets in het verleden is gebeurd, maar je hebt nu resultaat

Slide 16 - Quiz

Which is the present perfect continuous?
A
Lisa has been reading since 9 AM.
B
Lisa has read that book.

Slide 17 - Quiz

Hoe maak je de Present Perfect Continuous?
A
have/has+ voltooid deelwoord
B
have/has + been + werkwoord+ing
C
werkwoord + ing
D
werkwoord + ed

Slide 18 - Quiz

Present Perfect Continuous
They_______(drive) for 3 hours now.

Slide 19 - Question ouverte

Vul in deze zin de present perfect continuous in:
Milly (to wait) for ages!

Slide 20 - Question ouverte

Choose the present perfect continuous form.
A
We are playing tennis.
B
We have played tennis.
C
We were playing tennis two hours ago.
D
We have been playing tennis.

Slide 21 - Quiz

Maak een vraag in de present perfect continuous met het werkwoord live

Slide 22 - Question ouverte

I understand the difference between the present tenses and can use them properly
😒🙁😐🙂😃

Slide 23 - Sondage