Cette leçon contient 17 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.
Éléments de cette leçon
Past Simple
PAST SIMPLE
Slide 1 - Diapositive
Past simple Wanneer gebruik je de past simple.
A
Wanneer iets altijd, nooit of regelmatig gebeurt.
B
Wanneer iets nu bezig of aan de gang is.
C
Wanneer iets in het verleden is gebeurd.
D
Wanneer iets in het verleden is begonnen en nu nog bezig is.
Slide 2 - Quiz
past simple
Geen past simple! Ook geen verleden tijd
Geen past simple! Wel verleden tijd
Slide 3 - Question de remorquage
Pak je boek erbij
Maak opdracht 1 op blz 229.
Time? 10 Minuten
Done? Steek je vinger op.
Questions? Steek je vinger op.
timer
5:00
Slide 4 - Diapositive
Past Simple:
Wat is de regel van de past simple?
A
hele ww+ - ed of irregular verb
B
vorm van to be + hele ww+ -ing
Slide 5 - Quiz
Past Simple
2. Which sentence is correct?
A
Did he talked to you?
B
Did he talk to you?
Slide 6 - Quiz
Past Simple
5. Which sentence is correct?
A
The titanic sank to the bottom of the ocean.
B
The titanic sink to the bottom of the ocean.
Slide 7 - Quiz
5. Which sentence is correct?
A
I studyed for three hours straight.
B
I studied for three hours straight.
Slide 8 - Quiz
Antwoord de volgende vragen. 1. Eindigen alle woorden op -ed in de past simple? Leg uit. 2. Hoe zet je woorden die eindigen op -y in de past simple? Leg uit.
Slide 9 - Question ouverte
Opdracht 1
Maak de opdracht in stilte.
Time? 10 Minuten
Done? Steek je vinger op.
Questions? Steek je vinger op.
timer
10:00
Slide 10 - Diapositive
LET'S DISCUSS
Slide 11 - Diapositive
Woordenzoeker
1. Vind de 14 woorden in jouw woordenzoeker.
2. Schrijf dan de NL vertaling op in je schrift.
3. Done? Vraag je buurman/vrouw.
4. Questions? Steek je vinger op.
Slide 12 - Diapositive
Waar heb je nog moeite mee?
Meervoud (plural)
Much/many/a lot
Text purposes (to inform/to amuse/to persuade)
Past simple
Slide 13 - Sondage
BELANGRIJK
Toets: Op vrijdag 10 juni of maandag 13 juni?
Grammatica (much/many/a lot + meervoud + past simple).
Chuncks + woorden.
1 tekst.
Slide 14 - Diapositive
Slide 15 - Diapositive
Pak je boek erbij
Maak opdracht 3b op blz 201.
Time? 10 Minuten
Done? Steek je vinger op.
Questions? Steek je vinger op.
timer
10:00
Slide 16 - Diapositive
LET'S DO SOME GROCERIES
5 GROEPEN VAN 4 + 1 GROEP VAN 3.
PER GROEP IS 1 PERSOON DE 'CUSTOMER'. DE REST VAN DE GROEP ZIJN DE 'SHOP ASSISTANTS'. HEEFT DE CUSTOMER HET JUISTE ITEM GEVONDEN, DAN MAG DEZE TERUG NAAR DE GROEP. DE VOLGENDE TEAMLID IS DAN DE CUSTOMER, ETC.
THE FIRST GROUP THAT BUYS ALL ITEMS ON THEIR GROCERY LIST WINS!
USE THE SENTENCES FROM EXERCISE 3B + THE CHUNCKS ON PAGE 200.