4.1 Geslachtsorganen

To do
Welkom! 
  1. Doe je jas uit en tas van tafel
  2. Ga rustig zitten en pak je boek, schrift en pen erbij 
  3. Als je klaar bent: Maak je je schrift open, en schrijf je op wat je je nog kan herinneren van wat we de vorige les hebben behandeld. 
timer
2:00
1 / 36
suivant
Slide 1: Diapositive
BiologieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

Cette leçon contient 36 diapositives, avec quiz interactifs, diapositives de texte et 2 vidéos.

time-iconLa durée de la leçon est: 60 min

Éléments de cette leçon

To do
Welkom! 
  1. Doe je jas uit en tas van tafel
  2. Ga rustig zitten en pak je boek, schrift en pen erbij 
  3. Als je klaar bent: Maak je je schrift open, en schrijf je op wat je je nog kan herinneren van wat we de vorige les hebben behandeld. 
timer
2:00

Slide 1 - Diapositive

Planning
1: Binnenkomst (5 min)
2:Basisstof 1 lezen + begrippen (10 min)
3: Leerdoelen + uitleg (15 min)
4: oefenen (15 min)
5: Opdrachten nakijken (10 min)
6: Afsluiten (5 min)

Slide 2 - Diapositive

Leerdoelen 4.1:
 - Je kunt de delen van het voortplantingsstelsel van een man en een vrouw noemen met hun functies en kenmerken.

Slide 3 - Diapositive

Wat zijn de primaire geslachtskenmerken van de vrouw?

Slide 4 - Question ouverte

Wat zijn de secundaire geslachtskenmerken van een vrouw?

Slide 5 - Question ouverte

  • Vulva: verzamelnaam voor de uitwendige geslachtsorganen van een vrouw
  • Vagina: opening die de vulva verbindt met de baarmoeder
  • Clitoris: orgaan dat gevoelig is voor prikkels die een fijn gevoel geven




Slide 6 - Diapositive

zwellichaam
orgaan dat zich vult met bloed bij seksuele opwinding

Slide 7 - Diapositive

Slide 8 - Diapositive

Maagdenvlies
JE KAN NIET AAN HET MAAGDENVLIES ZIEN OF IEMAND MAAGD IS. 


Het maagdenvlies verdwijnt NIET na de eerste keer.

Slide 9 - Diapositive

De onrijpe eicellen zijn al aanwezig vanaf de geboorte.
Vanaf de puberteit wordt ongeveer 1 keer per maand een eicel rijp. De rijpe eicel 
komt dan vrij uit de eierstok.

Dit heet ovulatie of eisprong.

Slide 10 - Diapositive

Een vrouw heeft een baardmoeder en eierstokken.
In de baarmoeder groeit een baby als de vrouw zwanger is.
In elke eierstok zitten honderdduizenden onrijpe eicellen. Eicellen zijn de vrouwelijke geslachtscellen.

Slide 11 - Diapositive

Slide 12 - Vidéo

Slide 13 - Diapositive

Slide 14 - Diapositive

Slide 15 - Diapositive

Uitwendige voortplantingsorganen

Bij mannen zie je bijna al hun voortplantingsorganen aan de buitenkant.

Alleen de prostaat en de zaadblaasjes liggen in de onder in de buik.


Slide 16 - Diapositive

Als een jongen ongeveer 13 jaar is, beginnen zijn teelballen te functioneren. Vanaf die leeftijd produceren de teelballen elke dag miljoenen zaadcellen (spermacellen).

Zaadcellen zijn mannelijke geslachtscellen.

Slide 17 - Diapositive

De teelballen liggen in een huidplooi: de balzak.
De temperatuur in de balzak is iets lager dan in de buikholte. Dat is gunstig voor de ontwikkeling van de zaadcellen.

De zaadcellen worden tijdelijk opgeslagen in de bijballen.

De zaadleiders vervoeren de zaadcellen.

Slide 18 - Diapositive

De zaadblaasjes en de prostaat voegen vocht toe aan de zaadcellen. Het vocht uit de zaadblaasjes bevat voedingsstoffen voor de zaadcellen.

Het vocht uit de zaadblaasjes en de prostaat met de zaadcellen samen noem je sperma.

Slide 19 - Diapositive

Bij de prostaat komen de zaadleiders uit in de urinebuis. De urinebuis loopt door de penis.

De top van de penis, de eikel, is erg gevoelig. De eikel is bedekt met een dunne huidplooi: de voorhuid. Deze beschermt de penis.

Bij sommige jongens wordt de voorhuid weggesneden. Dit heet besnijden.

Slide 20 - Diapositive

De penis hangt meestal slap, maar hij kan ook groter en stijf worden. Dat noem je een 'stijve' of een erectie.

Een erectie wordt veroorzaakt door de zwellichamen in de penis.

Slide 21 - Diapositive

De zwellichamen kunnen zich met bloed vullen, waardoor  ze groter en steviger worden.

De penis wordt dan stijf.

Slide 22 - Diapositive

Het voortplantingsstelsel van de man 
Een zaadcel bestaat uit:
  • Zweepstaart om zich voort te bewegen
  • Kop met genetisch materiaal voor het kind

Slide 23 - Diapositive

sperma
  • zaadcellen worden tijdelijk opgeslagen in de bijballen
  • zaadcellen worden vervoerd door de zaadleiders
  • zaadblaasjes en de prostaat voegen vocht toe
  • vocht uit zaadblaasjes bevat voedingsstoffen voor de           zaadcellen
  • vocht en zaad = sperma

Slide 24 - Diapositive

besnijden

• hygiënische reden

• godsdienstige reden

Slide 25 - Diapositive

Een zaadcel is de kleinste menselijke cel. Met de zweepstaart kan de zaadcel zich voortbewegen. Een zaadcel 'zwemt' dus naar een eicel toe.

Slide 26 - Diapositive

Slide 27 - Vidéo

Slide 28 - Diapositive

In welk onderdeel van het mannelijk geslachtsorgaan worden zaadcellen bewaard?

Slide 29 - Question ouverte

Is de penis een primair of secundair geslachtskenmerk?
A
Primair
B
Secundair

Slide 30 - Quiz

Zaadcellen zijn kleiner dan eicellen.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 31 - Quiz

zwellichaam
zaadleider
urinebuis
bijbal
teelbal
balzak
prostaat
zaadblaasje

Slide 32 - Question de remorquage

Tekst
Tekst
Tekst
Te
teelbal, testis
zaadleiders
de prostaat
teelballen
zaadblaasjes
worden zaadcellen gemaakt
Opslag plaats voor zaadcellen
zorgen voor het vervoer van zaadcellen
voegt vocht toe aan de zaadcellen
voegt vocht en voedingsstoffen aan de zaadcellen toe

Slide 33 - Question de remorquage

In welke volgorde gaat een zaadcel door het mannelijke voortplantingsstelsel bij een zaadlozing?
Sleep de onderdelen naar de juiste plek.
1
2
3
4
5
Urinebuis
Prostaat
Zaadleider
Bijbal 
Teelbal 

Slide 34 - Question de remorquage

Komen de zaadcellen eicel tegen, dan kan deze bevrucht worden.

Een eicel kan zelf niet bewegen.

Een eicel kan alleen vlak na de eisprong worden bevrucht (tot 24 uur erna).

Slide 35 - Diapositive

timer
10:00

Slide 36 - Diapositive