Handelsbalans

Klas 4

Nederland Handelsland

1 / 37
suivant
Slide 1: Diapositive
EconomieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

Cette leçon contient 37 diapositives, avec quiz interactifs, diapositives de texte et 1 vidéo.

time-iconLa durée de la leçon est: 15 min

Éléments de cette leçon

Klas 4

Nederland Handelsland

Slide 1 - Diapositive

Lesdoelen

- Wat levert export Nederland op?
- Waarom is niet alle import voor Nederland bestemd?

- Welke invloed heeft de wisselkoers om import & export?


Slide 2 - Diapositive

0

Slide 3 - Vidéo

Internationale handel
Het kopen van, of verkopen aan bedrijven in het buitenland. Internationale handel bestaat dus uit het in- en uitvoeren van goederen en diensten.

Slide 4 - Diapositive

Import



Import: er gaat geld naar het buitenland
          
Bijvoorbeeld: We voeren bananen in.
                             Ed Sheeran geeft een concert in de Ziggo Dome.
                             De leerlingen geschiedenis zijn op schoolreis                                       geweest naar België!



Slide 5 - Diapositive

Slide 6 - Diapositive

Export
Export: Het buitenland betaalt ons geld.

Bijvoorbeeld : Een Nederlands baggerbedrijf baggert in Dubai.
                              Ed Sheeran drinkt hier een biertje op het terras.
                              We verkopen Beemsterkaas aan Duitsland.

Slide 7 - Diapositive

Slide 8 - Diapositive


Nederlandse vrouw in de V.S.

Slide 9 - Diapositive


Amerikaanse man in NL

Slide 10 - Diapositive

Gesloten economie
Noord-Korea heeft een gesloten economie

Of Noord-Korea naar verhouding veel met het buitenland handelt, kun je meten m.b.v. de export- en importquote.

Slide 11 - Diapositive

Open economie
Nederland heeft een open economie.

Of Nederland naar verhouding veel met het buitenland handelt kun je meten m.b.v. de export- en importquote.

Slide 12 - Diapositive

import- en exportquote
Het percentage van de totale importwaarde of exportwaarde ten opzichte van het nationaal inkomen.

Slide 13 - Diapositive

Importquote
het percentage van het nationaal inkomen (= wat totaal in een land wordt verdiend) dat wordt uitgegeven aan import
Exportquote
het percentage van het nationaal inkomen (= wat totaal in een land wordt verdiend) dat wordt verdiend met export

Slide 14 - Diapositive

Samenvattend
Open economie                                Gesloten economie
Een land dat relatief veel              Een land dat relatief weinig 
handelt met het buitenland        handelt met het buitenland

Hoe hoger de exportquote =>  hoe opener de economie        

Hoe hoger de importquote => hoe opener de economie     

Slide 15 - Diapositive

T-shirts uit Bangladesh
Bangladesh is een ontwikkelingsland in zuidelijk Azië. Er wonen 160 miljoen mensen, waarvan een kwart onder de armoedegrens leeft. Bangladesh heeft zich gespecialiseerd in de productie en export van kleding. De export van Bangladesh bestaat voor meer dan 80% uit de export van kleding.

Nederlandse import- en exportwaarde van goederen met Bangladesh × € 1.000
jaren          importwaarde      exportwaarde
2015          870.473                   184.460
2016          989.592                   195.358
2017          1.252.461                  334.870

Slide 16 - Diapositive

T-shirts uit Bangladesh
In 2017 bedroeg de totale Nederlandse goederenimport € 400 miljard. Nederland importeert maar weinig uit Bangladesh.

(1 Punt) Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.

In 2017 was de importwaarde van Nederland uit Bangladesh meer dan 1% / minder dan 1% / precies 1%
 van de totale waarde van de Nederlandse goederenimport. Nederland had in dat jaar een overschot / tekort 
 op de goederenbalans met Bangladesh.



Slide 17 - Diapositive

Handelsbalans
De handelsbalans (of goederenbalans) geeft een overzicht van de exportwaarde en de importwaarde van goederen. Het verschil tussen de export- en importwaarde noem je het saldo van de handelsbalans.

Slide 18 - Diapositive

Nationaal inkomen
De optelsom van alle inkomens uit arbeid en bezit (zoals loon, rente, huur, pacht).

Wat zegt dit? Je kunt pas vergelijken met andere landen als je het inkomen per hoofd van de bevolking weet.


Slide 19 - Diapositive

Voorbeeld wederuitvoer:
  • Auto uit de V.S. komt naar Nederland en is voor Duitsland bestemd.

Slide 20 - Diapositive

T-shirts uit Bangladesh

Een groot deel van de Nederlandse import uit Bangladesh bestaat uit kleding, zoals T-shirts. Er worden in Nederland geen T-shirts geproduceerd.

Volgens het CBS waren er 17,5 miljoen 

Nederlanders in 2018.

(2 Punten) Bereken hoeveel T-shirts er 

gemiddeld per Nederlander gekocht 

werden. Schrijf je berekening op.


Slide 21 - Diapositive

Invloed van wisselkoersen
De wisselkoersen van vreemde valuta hebben invloed op de internationale handel. Vooral de dollarkoers is belangrijk. Veel goederen worden in Amerikaanse dollars afgerekend.

Slide 22 - Diapositive

Nederlanders houden graag vakantie in het buitenland. Als ze met een buitenlandse vliegmaatschappij reizen dan is er sprake van:
A
export van goederen.
B
export van diensten.
C
import van goederen.
D
import van diensten.

Slide 23 - Quiz

Als twee of meer landen met elkaar handelen noem je dat:
A
importeren
B
exporteren
C
internationale handel
D
buitenlandse zaken

Slide 24 - Quiz

Een voordeel van meer export is ...
A
dat de werkgelegenheid daalt.
B
dat de werkgelegenheid stijgt.

Slide 25 - Quiz

Het voordeel van import voor de Nederlandse consument is ...
A
meer keuze in goederen en diensten.
B
minder keuze in goederen en diensten.

Slide 26 - Quiz

Wat is geen vorm van internationale handel?
A
Nederland verkoopt aan China
B
Duitsland koopt van Nederland
C
Brussel koopt van Londen
D
Amsterdam verkoopt aan Eindhoven

Slide 27 - Quiz

Als je in Duitsland naar de kapper gaat is dat:
A
Importeren
B
Exporteren

Slide 28 - Quiz

Als wij iets verkopen aan het buitenland noem je dat:
A
Importeren
B
Exporteren
C
internationale handel
D
verkopen

Slide 29 - Quiz

Als de wisselkoers van de euro stijgt, dan ...
(twee antwoorden zijn goed)
A
wordt de euro duurder voor het buitenland.
B
dan wordt de euro goedkoper voor het buitenland.
C
is de euro meer waard in het buitenland.
D
is de euro minder waard in het buitenland.

Slide 30 - Quiz

Veel Nederlandse winkelketens hebben het akkoord ondertekend. Het gevolg kan zijn dat de T-shirts uit Bangladesh duurder worden. Deze winkelketens verwachten echter dat door het ondertekenen van het akkoord de winst gelijk zal blijven of toenemen.

(1 Punt) Leg uit dat door het ondertekenen
van het akkoord de winst van deze winkelketens kan stijgen.
A
De consumenten waarderen het positieve gedrag van de winkelketens, waardoor mogelijk de omzet en de winst kan toenemen.
B
De consumenten kopen meer kleding, omdat ze in een consumptiemaatschappij leven.
C
Het nieuwe seizoen komt eraan, dus er wordt extra veel kleding gekocht.
D
De consumenten zamelen op die manier geld in voor de slachtoffers.

Slide 31 - Quiz

Wat zijn kenmerken van een land met een open economie?
A
Weinig invoer (import) en uitvoer (export) in verhouding tot de productie.
B
Veel invoer (import) en veel uitvoer (export) in verhouding tot de productie.

Slide 32 - Quiz

Als de waarde van de geïmporteerde goederen groter is dan de waarde van de geëxporteerde goederen heb je:
A
een overschot op de handelsbalans
B
een tekort op de handelsbalans
C
een evenwicht op de handelsbalans

Slide 33 - Quiz

Veel handelen met het buitenland heet:
A
open economie
B
gesloten economie
C
internationale economie
D
nationale economie

Slide 34 - Quiz

De betalingsbalans geeft de waarde weer van de:
A
geïmporteerde en geëxporteerde goederen
B
geïmporteerde en geëxporteerde diensten
C
alle betalingen en ontvangsten uit het buitenland

Slide 35 - Quiz

Begrippen
  • Internationale handel
  • Import (quote)
  • export (quote)
  • open en gesloten economie
  • handelsbalans

Slide 36 - Diapositive

Zelf aan de slag!

Maak zelfstandig de oefenexamenvragen op Learnbeat.
Kom je er niet uit? Zoek de lesstof op in je leerboek.
Kom je er dan nog niet uit, vraag aan mij!
Klaar? Kijk dan je antwoorden na!!

Slide 37 - Diapositive