NLT Koe les 3

Wat was dit ook alweer?
A
carnavalskostuum
B
pij van een monnik
C
kleding van een pestdokter
D
pij van een lepra-patiënt
1 / 17
suivant
Slide 1: Quiz
NLTMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

Cette leçon contient 17 diapositives, avec quiz interactifs, diapositives de texte et 4 vidéos.

time-iconLa durée de la leçon est: 30 min

Éléments de cette leçon

Wat was dit ook alweer?
A
carnavalskostuum
B
pij van een monnik
C
kleding van een pestdokter
D
pij van een lepra-patiënt

Slide 1 - Quiz

Tussengastheren
De pest: vlooien (via ratten)
Ziekte van Lyme: teken
Malaria: Malariamug

Maar dit zijn dus niet de ziekteverwekkers!

Slide 2 - Diapositive

Het R-getal. Zie fig.10 blz 24

Slide 3 - Diapositive

Slide 4 - Vidéo

Ziektebestrijding (H5)
variolatie --> vaccins (Jenner)
Leidt tot immuniteit
Actief
Passief

Antibiotica (Fleming)
resistentie

Slide 5 - Diapositive

Slide 6 - Vidéo

Waar komt de naam 'vaccin' vandaan?
A
van koeien
B
van Jenner
C
van vakantie
D
van virus

Slide 7 - Quiz

Difterie
Op kerstavond 1891 injecteerde Ernst Geissler antiserum bij een kind dat leed aan difterie. Het kind genas wonderwel. Welke vorm van immunisatie is dit?

A
kunstmatig actief
B
kunstmatig passief
C
natuurlijk actief
D
natuurlijk passief

Slide 8 - Quiz

Wat is het verschil tussen actieve en passieve immunisatie
[meerdere antwoorden goed]
A
Actief= direct antistoffen binnen krijgen.
B
Passief= direct antistoffen binnen krijgen.
C
Actief= verzwakte of dode ziekteverwekkers inspuiten
D
Passief= verzwakte of dode ziekteverwekkers inspuiten.

Slide 9 - Quiz


Bas is erg ziek geweest, hij had mazelen. Gelukkig is hij weer beter en kan hij het nooit meer krijgen.
Dit is een voorbeeld van:
A
natuurlijke immuniteit, passief
B
kunstmatige immuniteit, actief
C
natuurlijke immuniteit, actief
D
kunstmatige immuniteit, passief

Slide 10 - Quiz

Je bent op safari en wordt gebeten door een giftige slang. Gelukkig heeft de gids een serum bij zich die hij direct in je arm spuit. Hierdoor overleef je het.
Wat voor soort immunisatie is dit?
A
actief, natuurlijk
B
actief, kunstmatig
C
passief, natuurlijk
D
passief, kunstmatig

Slide 11 - Quiz

Slide 12 - Vidéo

Waar staat MRSA voor?
A
Multi Resistent Staphylococcus Aureus
B
Methicilline Resistent Staphylococcus Aureus
C
Multi Reliable Staphylococcus Aureus
D
Multi Resistent Superbug Aire

Slide 13 - Quiz

Het ontstaan van resistentie

Slide 14 - Diapositive

Waardoor ontstaan resistente bacteriën (of bacterie-stammen)?

Slide 15 - Question ouverte

Wat is volgens jou het verschil tussen resistentie en immuniteit?

Slide 16 - Question ouverte

Slide 17 - Vidéo