Herhaling veerconstante, momenten en krachten samenstellen

Herhaling veerconstante, momenten en krachten samenstellen
1 / 17
suivant
Slide 1: Diapositive
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo lwoo, tLeerjaar 3

Cette leçon contient 17 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 45 min

Éléments de cette leçon

Herhaling veerconstante, momenten en krachten samenstellen

Slide 1 - Diapositive

Momentenwet

Slide 2 - Diapositive

Wat is de afstand van de spierkracht tot het draaipunt?
A
20cm
B
80cm
C
100cm
D
120cm

Slide 3 - Quiz

Mart (m = 35kg) en zijn vader Simon zitten op een wip. Simon oefent een kracht van 700N uit op de wip. De wip heeft een rails met verstelbare stoelen. Mart zit links op 150cm van het draaipunt. Hoeveel meter moet vader Simon van het draaipunt af gaan zitten op de wip in evenwicht te houden? Rond NIET af en gebruik een komma.
Tip bereken eerst de zwaartekracht op mart.
Tip reken de afstand van Mart tot het draaipunt om in meter.
Noteer al je berekeningen op een kladblaadje.

Slide 4 - Question ouverte

Krachten samenstellen

Slide 5 - Diapositive

paragraaf 1 soorten kracht
de Resulterende kracht is de kracht die alle andere krachten kan vervangen en toch hetzelfde effect geeft.

Slide 6 - Diapositive

Hoe groot is Fr?
………N
(vul alleen het getal in)

Slide 7 - Question ouverte

Hoe groot is Fr?
………N
(vul alleen het getal in)

Slide 8 - Question ouverte

paragraaf 1 soorten kracht
wanneer krachten onder een hoek staan met elkaar, dus niet op dezelfde werklijn zoals op de vorige dia, dan mag je deze krachten niet optellen of van elkaar af trekken. je moet dan de parallellogrammethode of de kop,staart-methode gebruiken om de resultante te vinden.

Slide 9 - Diapositive

Slide 10 - Diapositive

1 cm = 1000N

Slide 11 - Diapositive

Slide 12 - Diapositive

Slide 13 - Diapositive

veerconstante

Slide 14 - Diapositive

C = F / u

u = F / C

F = C x u
De veerkracht is vaak in grootte gelijk aan de zwaartekracht (alleen tegengesteld gericht). 
Alleen niet als er staat er wordt aan de veer getrokken met een bepaalde kracht of de veer wordt ingedrukt. 
Als er echter iets aan een veer wordt gehangen, dan is Fv in grootte gelijk aan Fz alleen werkt Fv in tegenovergestelde richting als Fz dus kun je de grootte van Fv uit te rekenen met: Fz = m x g

Slide 15 - Diapositive

voorbeeldsom expert

Een veer (C=20N/m) heeft een lengte van 30cm wanneer er niets aan hangt. Bereken de totale lengte van de veer wanneer je er een blokje met een massa van 160g aan hangt.


Slide 16 - Diapositive

De veerconstante van een veer is 350 N/m de veer rekt 25cm uit. Hoe groot is de kracht die op de veer werkt? Noteer alleen het getal! Geen eenheid! Geef je antwoord in Newton. Gebruik indien nodig een komma en rond NIET af!

Slide 17 - Question ouverte