Rekenen met grote getallen

REKENEN MET 
GROTE GETALLEN
1 / 18
suivant
Slide 1: Diapositive
EconomieMiddelbare schoolvmbo t, mavoLeerjaar 3,4

Cette leçon contient 18 diapositives, avec quiz interactifs, diapositives de texte et 1 vidéo.

time-iconLa durée de la leçon est: 30 min

Introduction

Je leert hoe je handig kunt rekenen met grote getallen. Bij economie kom je vaak miljoenen en miljarden tegen.

Éléments de cette leçon

REKENEN MET 
GROTE GETALLEN

Slide 1 - Diapositive

Leerdoelen
Je leert hoe je handig kunt rekenen met grote getallen. Bij economie kom je vaak miljoenen en miljarden tegen.

Slide 2 - Diapositive

Slide 3 - Vidéo

LET OP!
Rekenmachines zijn vaak Amerikaans ingesteld:
de punt is een komma, en de komma is een punt.

1,000 als antwoord op de rekenmachine is dus 1.000
als je 1.000 intikt, ziet de rekenmachine dat als 1,0 (dus 1)


Slide 4 - Diapositive

Miljoenen en miljarden
Miljoen = 1.000.000
Miljard = 1.000.000.000

1 miljard is dus 1.000 miljoen
0,3 miljard is dus 300 miljoen

Slide 5 - Diapositive

Schrijf 32 miljard in miljoenen.

Slide 6 - Question ouverte

Reken uit:
27,3 miljard + 174 miljoen

Slide 7 - Question ouverte

Reken uit:
10 miljoen x 200

Slide 8 - Question ouverte

Wetenschappelijke notatie
Grote getallen kun je als machten van 10 schrijven:





100=1010=102
1.000=101010=103
1.000.000=101010101010=106
1.000.000.000=109

Slide 9 - Diapositive

Wat heb je geleerd?

Slide 10 - Diapositive

Reken uit:
20.000 x 45 miljoen

Slide 11 - Question ouverte

Om het inkomen per inwoner te kunnen berekenen moet het bbp van China gedeeld worden door het aantal inwoners van dat land. China heeft 1,33 miljard inwoners. Je moet dus 3,4 biljoen dollar delen door 1,33 miljard.
A
$ 255,64
B
$ 2.556,39
C
$ 25.563,90
D
$ 255.639

Slide 12 - Quiz

€ 200 miljoen x 5.000 = ...
miljoen x duizend = miljard
A
1 miljard
B
10 miljard
C
100 miljard
D
1.000 miljard

Slide 13 - Quiz

€ 100 miljoen x 8.000 = ...
A
8 miljard
B
80 miljard
C
800 miljard
D
8.000 miljard

Slide 14 - Quiz

Vul het juiste woord in.
Een kleine auto kost ongeveer  11                      euro.
Op de aarde wonen ongeveer 7,1                       mensen.
Nederland heeft ongeveer 17                              inwoners.
miljard
miljoen
duizend

Slide 15 - Question de remorquage

In India wonen 1.240.810.000 mensen.
Dat zijn ruim .... inwoners.
A
een miljoen
B
een miljard

Slide 16 - Quiz

In Rusland wonen 143.700.000 mensen.
Dat zijn ongeveer .... inwoners
A
143 miljoen
B
144 miljoen

Slide 17 - Quiz

Hoe schrijf je 1 miljard in een wetenschappelijke notatie?
A
106
B
109
C
10106
D
10109

Slide 18 - Quiz