9.2 Pop wordt volwassen - Minder is meer

1 / 34
suivant
Slide 1: Vidéo
KunstMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

Cette leçon contient 34 diapositives, avec diapositives de texte et 14 vidéos.

time-iconLa durée de la leçon est: 45 min

Éléments de cette leçon

Slide 1 - Vidéo

In de jaren '60 neemt het verzet tegen de gevestigde orde steeds meer toe. Er komen grote demonstraties tegen discriminatie en ongelijkheid. Er ontstaat een anti-oorlog beweging naar aanleiding van de Vietnam oorlog. De hippiebeweging ontstaat, die verlangt naar een vredelievende samenleving: 

"Make love, not war!"

Slide 2 - Diapositive

Slide 3 - Diapositive

Bands als The Beatles en The Rolling Stones maakten beatmuziek: een mix van rock-'n-roll, rhytm-and-blues en soul.

Slide 4 - Diapositive

De Beatles blijven echter niet bij beatmuziek: ze experimenteren er op los. Verschillende stijlen, van ballroom tot psychedelische muziek worden gebruikt. Ze zijn experimentele voorlopers: de avant-garde in de muziek.

Ze maken ook een experimenteel conceptalbum: een album waar alle nummers één geheel vormen; in elkaar overlopen.

Slide 5 - Diapositive

Slide 6 - Diapositive

Slide 7 - Vidéo

Slide 8 - Vidéo

Slide 9 - Vidéo

Slide 10 - Vidéo

Bod Dylan treedt ook op na de indrukwekkende 'I have a dream' speech van Martin Luther King. Zijn maatschappijkritische teksten maken hem een voorman van de protestbeweging. Zijn muziekstijl is 'Folk': een verhalende muziekstijl gebaseerd op traditionele volksmuziek. Meestal ook met traditionele akoestische instrumenten, zoals viool, banjo en gitaar.

Slide 11 - Diapositive

In 1969 vindt het eerste grote popfestival ter wereld plaats: 
Dit is DE plek waar alle hippies uit de hippiebeweging samenkomen. Flowerpower in plaats van dodelijke wapens. Make love, not war.

Slide 12 - Diapositive

Slide 13 - Vidéo

Belangrijke act op Woodstock is Jimi Hendrix. Hij bracht onder andere psychedelische rock: 
  • muziek waarin geëxperimenteerd werd met afwijkende instrumenten en geluidstechnische foefjes. 
  • Maar ook veel geëxperimenteerd als gevolg van het gebruik van allerlei soorten drugs.

Slide 14 - Diapositive

Slide 15 - Diapositive

Slide 16 - Vidéo

Slide 17 - Vidéo

Slide 18 - Diapositive

Losgekomen van de tradities gaan veel artiesten in de jaren '70 experimenteren en spelen met hun imago. De Britse artiest David Bowie is daar wel het toppunt van. Hij lijkt per album wel van imago te wisselen.

De ene keer is hij een androgyne persoon: een mix van mannelijke en vrouwelijke kenmerken. De andere keer is hij een buitenaards wezen, zoals zijn alter ego: Ziggy Stardust. Alter ego: een tweede persoonlijkheid waarmee een persoon zich onderscheidt van zijn werkelijke identiteit.

Slide 19 - Diapositive

Slide 20 - Vidéo

Slide 21 - Vidéo

Slide 22 - Diapositive

Slide 23 - Diapositive

Slide 24 - Diapositive

Slide 25 - Diapositive

Minimale kunst = Minimal Art = 
  • Kunst zonder verhaal en voorstelling. 
  • Een minimaal kunstwerk verwijst naar niets anders dan zichzelf.

Kenmerken:
  • Eenvoudige basisvormen (bol, kegel, cilinder en kubus)
  • Glad afgewerkt
  • Geen persoonlijke kenmerken van de kunstenaar

Slide 26 - Diapositive

Slide 27 - Diapositive

Minimal Music
In de muziek komt de  minimal music op. 
  • Niet de harmonie maar het ritme is belangrijk. 
  • Eenvoudige ritmische motieven worden herhaald  en soms langzaam verschoven.

Slide 28 - Diapositive

Slide 29 - Vidéo

Slide 30 - Vidéo

Deze minimale muziekvorm leent zich goed voor dans. 

Dat is ook wel logisch. Deze muziekvorm vindt zijn oorsprong in niet-westerse muziek, zoals in Afrikaanse en Indiase percussiemuziek. Op deze muziek werd ook veelvuldig gedanst!

Slide 31 - Diapositive

Slide 32 - Vidéo

Er bestaat zelfs Minimale Opera, zoals "Einstein on the beach". Het is gebaseerd op de relativiteitstheorie van de wetenschapper Einstein. 

De opera duurt 5 uur en heeft geen samenhangend verhaal. Flarden tekst worden eindeloos herhaald.

Zo zijn er zangpartijen die niets anders doen dan de lengte van de zangnoten aangeven: er wordt 'one-two-three-four, one-two-three-four' gezongen.

Slide 33 - Diapositive

Slide 34 - Vidéo