H4: weetjesquiz t/m Verlichting

Historische letterkunde quiz 4H
1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Historische letterkunde quiz 4H

Slide 1 - Tekstslide

Doelen vandaag
Herhaling begrippen en kenmerken 16e, 17e en 18e eeuw
Gericht inkijken van de syllabus

Slide 2 - Tekstslide

'Hebban olla vogala, enz...'. Deze zin komt ongeveer uit:
A
500 n Chr.
B
1300 n Chr.
C
1100 n Chr.
D
1500 n. Chr.

Slide 3 - Quizvraag

Welke uitvinding halverwege de vijftiende eeuw droeg bij aan de verspreiding van ideeën?
A
boekdrukkunst
B
bijbel in de volkstaal
C
papier
D
bibliotheken

Slide 4 - Quizvraag

timer
5:00
16e/17e eeuw: historische
kenmerken

Slide 5 - Woordweb

timer
5:00
16e/17e eeuw: literaire
kenmerken

Slide 6 - Woordweb

Hoe noemen we de culturele en literaire stroming in de 16e/17e eeuw?

Slide 7 - Open vraag

In de Renaissance was literatuur 'ter lering en vermaak'. Welke Latijnse term werd daarvoor gebruikt?
A
Utile dolce
B
Utile dominus
C
Utile datus
D
Utile dulci

Slide 8 - Quizvraag

Schrijvers wilden de werken uit de Oudheid overtreffen. Dat noem je:
A
aemulatio
B
anderatio
C
amutatio
D
alterlatio

Slide 9 - Quizvraag

Op het toneel zag men in de Renaissance vooral:
A
toespraken
B
kluchten
C
tragedies en komedies
D
sonnetten

Slide 10 - Quizvraag

Uit hoeveel bedrijven bestaat een klassieke tragedie en/of komedie?
(Vul een getal in.)

Slide 11 - Open vraag

Slide 12 - Tekstslide

Hoe heet deze dichtvorm?

Slide 13 - Open vraag

Met de eerste letters van de coupletten van het Wilhelmus schrijf je de naam 'Willem van Nassov'. Dit noem je een:
A
bariton
B
acrostichon
C
marathon
D
accordeon

Slide 14 - Quizvraag

timer
5:00
18e eeuw: historische
kenmerken

Slide 15 - Woordweb

timer
5:00
18e eeuw: literaire
kenmerken

Slide 16 - Woordweb

Hoe wordt deze periode ook genoemd?

Slide 17 - Open vraag

Wie schreef gedichtjes voor
kinderen waarin wijze lessen
verpakt zitten?
timer
3:00
A
Hiëronymus van Alphen
B
Betje Wolff & Aagje Deken
C
Justus van Effen
D
J.A. Schazs

Slide 18 - Quizvraag

Wie zijn Betje Wolff en Aagje Deken?
A
Schrijfsters van Reize door het Aapenland
B
Schrijfsters van opvoedkundige gedichten
C
Schrijfsters van Sara Burgerhart
D
Schrijfsters van De Spectator

Slide 19 - Quizvraag

Wat werd er zoal geschreven in de spectatoriale tijdschriften?
timer
3:00

Slide 20 - Open vraag

Renaissance
Verlichting
briefroman
imaginair reisverhaal
tragedie 
emblematiek
spectatoriaal tijdschrift
sonnetten 

Slide 21 - Sleepvraag