Les 4 Zorg bij zuurstoftherapie

Verpleegtechnisch handelen

Ademhaling, zuurstof en tracheacanule

Les 4
Zorg bij zuurstoftherapie
1 / 11
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 11 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Verpleegtechnisch handelen

Ademhaling, zuurstof en tracheacanule

Les 4
Zorg bij zuurstoftherapie

Slide 1 - Tekstslide

Lesprogramma
  • Lesdoelen

  • Theorie

  • Werken aan opdrachten in Learnbeat


  • Afsluiting 

Slide 2 - Tekstslide

Lesdoelen 
  • Je kunt precies en bekwaam werken volgens de bekwaamheidseisen, veiligheidsregels en -voorschriften en wettelijke richtlijnen, zoals de Wet BIG.

  • Je kunt je correct voorbereiden: je creëert de juiste voorwaarden en je controleert de gezondheidssituatie en de psychische gesteldheid van de zorgvrager.

  • Je kunt laten zien dat je rekening houdt met de beleving van de zorgvrager.

Slide 3 - Tekstslide

Welke impact kan O2 gebruik hebben op de cliënten?

Slide 4 - Woordweb

Impact op de zorgvrager 
Zorgvragers kunnen sociaal geïsoleerd raken door kortademigheid en het gebruik van een zuurstofmasker.

Beperkte mobiliteit kan leiden tot minder bezoek en gevoelens van schaamte over de apparatuur.

Angst voor benauwdheid. 

De zorgverlener moet stimuleren dat de zorgvrager sociale contacten onderhoudt.

Slide 5 - Tekstslide

Beperkingen door zuurstoftoediening
  • Verminderde mobiliteit: Zorgvragers zitten vast aan zuurstofapparatuur.

  • Beperkte zelfstandigheid: ADL-taken zoals douchen vergen meer zuurstof.

  • Praktische aanpassingen: Continue ventilatie en brandverzekering nodig.

  • Sociale impact: De zichtbaarheid van slangen kan emotioneel belastend zijn.

  • Vakantie en activiteiten: Kamperen en fysieke inspanning zijn lastiger.

Slide 6 - Tekstslide

Observaties bij zuurstoftoediening
Voor de handeling:
Zorgvrager goed informeren en materialen controleren. Controleren op allergieën en steriliteit van materialen.

Tijdens de handeling:
Reageert de zorgvrager goed? Is de apparatuur correct aangesloten en wordt de juiste hoeveelheid toegediend?

Na de handeling:
Observeren van huidskleur, lippen en nagels. Controleren of de zorgvrager veilig met de apparatuur omgaat. Noteren van zuurstofgebruik en veiligheidsvoorschriften in het zorgdossier.

Slide 7 - Tekstslide

Hoe ga je om met weerstand en plukgedrag van cliënten die zuurstof gebruiken?

Slide 8 - Woordweb

Bij het toedienen van zuurstof handel je volgens het protocol van de organisatie. Let op...
1. Hygiëne -> Verschoon de luchtbevochtiger dagelijks en controleer steriliteit. Zuurstofslang of masker volgens richtlijn vervangen, vaker bij verstopping.

2. Veiligheid en brandpreventie -> Zuurstof vergroot brandgevaar; juist gebruik is essentieel.
Roken bij zuurstofgebruik is strikt verboden! Zorgvragers en bezoekers moeten op de risico’s worden gewezen.

3. Veiligheidsmaatregelen -> Plaats zuurstofcilinders veilig: Niet in zonlicht of bij elektrische apparatuur, altijd goed ventileren en vastzetten.
Vermijd brandgevaarlijke stoffen: Geen synthetische kleding, kunststof beddengoed, vette crèmes of alcohol.

Slide 9 - Tekstslide

Maak deze vragen voor de volgende les over zorg bij
zuurstof therapie 
  1. Noem drie situaties waarin een cliënt zuurstoftherapie nodig kan hebben.

  2. Wat zijn de twee meest gebruikte hulpmiddelen om zuurstof toe te dienen?

  3. Waarom is roken bij zuurstofgebruik gevaarlijk?

  4. Wat kan een verzorgende doen als een cliënt klaagt over een droge neus bij zuurstoftherapie?

  5. Een cliënt met zuurstof klaagt over hoofdpijn en sufheid. Wat zou er aan de hand kunnen zijn?

Slide 10 - Tekstslide

Al klaar??
Dan aan de slag met Learnbeat...



 24.8 D

Slide 11 - Tekstslide