par. 3.6 de rivieren kloppen op de achterdeur

WELKOM!
Boek, aantekenblad 3.6 en pen op tafel. Etui in de tas.
Chromebook: inloggen in LessonUp, scherm half dicht zolang er geen quizvragen zijn.


1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

WELKOM!
Boek, aantekenblad 3.6 en pen op tafel. Etui in de tas.
Chromebook: inloggen in LessonUp, scherm half dicht zolang er geen quizvragen zijn.


Slide 1 - Tekstslide

Planning
  • Nakijken herhalingsopdracht 3.1 t/m 3.5
  • Lezen par. 3.6 (blz. 152-153)
  • Theorie bespreken + verwerken met korte opdrachten

Slide 2 - Tekstslide

Nakijken herhalingsopdracht

Slide 3 - Tekstslide

Leerdoelen 3.6
  1. Je kent de betekenis van de begrippen uit paragraaf 3.6.
  2. Je kent de onderdelen van de dwarsdoorsnede van een rivierengebied: rivierbed, zomerdijk, uiterwaarde, winterdijk, buitendijkse land, binnendijkse land.
  3. Je kent de aanleiding voor het programma 'Ruimte voor de rivier'.
  4. Je (her)kent de 9 maatregelen die genomen zijn om de rivieren meer ruimte te geven.
  5. Je kunt aan de hand van een casus aangeven welke maatregel genomen is en wat het effect zal zijn op de waterstand. 
  6. Je kent de 3 stappen uit de drietrapsstrategie: vasthouden, bergen en lozen.
  7. Je kent per stap (leerdoel 6) voorbeelden van maatregelen noemen.

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Kribben
Uiterwaarden
Zomerdijk
Winterdijk
Binnendijks gebied
Buitendijks gebied

Slide 6 - Sleepvraag

Slide 7 - Video

Ruimte voor de rivier
AANLEIDING
Na de extreem hoge waterstanden en (bijna) overstromingen van 1993 en 1995 in het rivierengebied, ging men anders nadenken over het overstromingsbeleid. 
Tot dan toe was alles erop gericht het water tegen te houden, dus vooral de dijken verhogen. Maar hiermee kwam je er niet meer. Men moest de rivier meer ruimte geven!

Slide 8 - Tekstslide

Noodzaak ruimte voor de rivier?
Als gevolg van klimaatverandering zullen er in de winter vaker piekafvoeren komen. Hierdoor heeft het rivierwater meer ruimte nodig.

Doordat de zeespiegel stijgt, kunnen rivieren hun water minder goed kwijt op zee. Doordat de zee meer tegendruk geeft, wil het zeewater landinwaarts komen. Hierdoor stijgt het waterpeil van de rivieren.

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Wat was de aanleiding voor het programma Ruimte voor de Rivier?

Slide 11 - Open vraag

Welke maatregelen horen bij de letters D t/m G?

Slide 12 - Open vraag

Om grote rivieroverstromingen als die in 1995 te voorkomen is de afgelopen 20 jaar een grootschalig overheidsprogramma uitgevoerd. Geef:
1. de naam van dit grootschalige overheidsprogramma;
2. uit dit programma een maatregel die wordt genomen in het zomerbed/ rivierbed om overstromingen tegen te gaan;
3. uit dit programma een maatregel die wordt genomen in het binnendijkse land om overstromingen tegen te gaan.

Slide 13 - Open vraag

Welke maatregel zie je op
de foto?
A
kribverlaging
B
nevengeul/hoogwatergeul
C
dijkverzwaring
D
uiterwaardvergraving

Slide 14 - Quizvraag

Bekijk de bron (kaart Deventer).
Geef met behulp van de bron aan waardoor in Deventer weinig maatregelen mogelijk zijn om de IJssel meer ruimte te geven.

Slide 15 - Open vraag

Aan de slag!
Maak van de opdrachten van par. 3.6:
2 en 3

Hiervoor krijg je 5 minuten de tijd.
Je werkt zelfstandig, dus in stilte.

Hierna kijken we na.

Eerder klaar? Start met opdracht 4.

Slide 16 - Tekstslide

Drietrapsstrategie
Vasthouden
Bij een groot wateraanbod is het de bedoeling dat het water eerst zelf in het gebied wordt vastgehouden. 
Bergen
Is het watervasthouden op de plek niet meer mogelijk, dan berg je het water tijdelijk in een retentiegebied. Dit gebied wordt tijdelijk gebruikt om water op te slaan.
Lozen
Als het niet anders kan, dan wordt het water afgevoerd. Om dit te bevorderen verwijder je bijvoorbeeld obstakels in de uiterwaarden (het gebied van de rivier tussen de dijken). 

Slide 17 - Tekstslide

1. Vasthouden
Zorgen dat het water daar waar de neerslag valt zoveel mogelijk de grond in kan trekken.

Slide 18 - Tekstslide

2. Bergen
Wanneer water niet meer opgeslagen kan worden in de bodem (infiltratie), dan moeten we water bergen. We slaan het tijdelijk elders op.

Rivieren: waterbergend vermogen vergroten - kan meer water bevatten.

Slide 19 - Tekstslide

3. Afvoeren (lozen)
Zorgen dat het rivierwater zo makkelijk en snel mogelijk kan doorstromen (naar zee). Water moet dus niet tegengehouden worden door o.a. obstakels.

Slide 20 - Tekstslide

Bij welke stap van de drietrapsstrategie past de afbeelding?
A
Bergen
B
Vasthouden
C
Afvoeren

Slide 21 - Quizvraag


A
Vasthouden
B
Bergen
C
Afvoeren

Slide 22 - Quizvraag


A
Vasthouden
B
Bergen
C
Afvoeren

Slide 23 - Quizvraag


A
Vasthouden
B
Bergen
C
Afvoeren

Slide 24 - Quizvraag

Gebruik de bron.
Je ziet dat een aantal steenfabrieken in uiterwaarden staan. De steenfabrieken zijn afgelopen jaren verwijderd.

Noem een voordeel voor het waterbeheer van het weghalen van een aantal steenfabrieken in de uiterwaarden.

Slide 25 - Open vraag

Aan de slag!
Maak van de opdrachten van par. 3.6:
2 t/m 6

Klaar? Laat je werk zien en je krijgt een nakijkboekje.

Klaar met nakijken? Boekje inleveren en 1 van de 2 proeftoetsen in LessonUp maken.

Slide 26 - Tekstslide