In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.
Onderdelen in deze les
Eerste 10 minuten..
Zelfstandig en in stilte werken aan:
* nakijken en verbeteren huiswerk
vragen stellen aan docent
basis; maken 3.3
kader vraag 9 en 10 op bladzijde 97
timer
1:00
Slide 1 - Tekstslide
PRODUCTIECAPACITEIT
& ARBEIDSPRODUCTIVITEIT
Slide 2 - Tekstslide
Leerdoelen
Je kunt de productie per werknemer berekenen.
Je kunt uitleggen hoe de productiecapaciteit en arbeidsproductiviteit verhoogd kunnen worden.
Slide 3 - Tekstslide
Productiecapaciteit
De productiecapaciteit is hoeveel een bedrijf maximaal kan produceren. Dit is afhankelijk van alle beschikbare kapitaalgoederen en arbeidskrachten.
Slide 4 - Tekstslide
Slide 5 - Video
arbeidsproductiviteit
totale productie in een periode : aantal werknemers
Slide 6 - Tekstslide
Voorbeeldsom
Het bedrijf van Tim produceert 960 tassen per dag.
Er zijn 6 werknemers die allemaal 8 uur per dag werken.
Bereken de arbeidsproductiviteit per uur.
Slide 7 - Tekstslide
Een kledingfabriek produceert 120.000 t-shirts per week. Er zijn 16 werknemers die elk 5 dagen per week werken. Wat is de arbeidsproductiviteit per dag?
Slide 8 - Open vraag
Welke manieren kun je de arbeidsproductiviteit vergroten?
Slide 9 - Open vraag
Arbeidsproductiviteit neemt toe door goede scholing.
A
juist
B
onjuist
Slide 10 - Quizvraag
De winkels zijn in december elke avond open. Wordt hierdoor de arbeidsproductiviteit groter?
A
ja
B
nee
Slide 11 - Quizvraag
Wat is NIET van invloed op de arbeidsproductiviteit?
A
scholing
B
arbeidsvoorwaarden
C
arbeidsverdeling
D
productiefactoren
Slide 12 - Quizvraag
productiecapaciteit
De maximale hoeveelheid producten die een bedrijf kan produceren.
Afhankelijk van: * het aantal manuren/mensuren in een bedrijf * de kapitaalgoederen die worden gebruikt