T4 Writing Lesson 2 & 3

1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo t, mavo, havo, vwoLeerjaar 2,3

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 25 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Goals this class
- Writing a good English sentence with the right word order 

Slide 2 - Tekstslide

English this week
Goals this week:
- Writing a good English sentence with the right word order 
- Describing feelings and events in personal notes, 
emails or on social media  
- Responding to advertisements  
- Writing a short, simple report 

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Woordvolgorde van een Engelse zin







Let op:
- TIJD kan ook vooraan in de zin (als je er de nadruk op wilt leggen)
- woorden die aangeven HOE VAAK iets gebeurd (always, often, never, usually, sometimes)
                      => komen VOOR het hoofdwerkwoord, maar NA ‘am/are/is/was/were’.

Slide 5 - Tekstslide

Kies de juiste volgorde/ choose the right wordorder
A
Wie - doet - waar - wat - wanneer
B
Wie - doet - waar - wanneer - wat
C
Wie - doet - wat - wanneer - waar
D
Wie - doet - wat - waar - wanneer

Slide 6 - Quizvraag

7. Welke zin is goed?
A
My mum and I went last week to London.
B
My mum and I went to London last week.

Slide 7 - Quizvraag

8. Welke zin is goed?
A
I walk never to school.
B
I never walk to school.

Slide 8 - Quizvraag

Wordorder
Waar hoort het bijwoord always ?
He is late for school.
A
He is always late for school.
B
He always is late for school.
C
Always he is late for school.
D
He is late for school always.

Slide 9 - Quizvraag

Wordorder
Welke zin is juist ?
A
He bought a car yesterday in London.
B
He bought a car in London yesterday.
C
Yesterday he bought a car in London.
D
Yesterday in London he bought a car.

Slide 10 - Quizvraag

Word order sleepvragen


Sleep de zinsdelen steeds naar de juiste plaats in de zin.

Slide 11 - Tekstslide

He
is
always
playing games
in his room
in the evening

Slide 12 - Sleepvraag

My parents
never
read
the newspaper
in the weekends

Slide 13 - Sleepvraag

Word order exercises

1. Do ex. 12, 13 & 14 (blz. 156)
2. Check your work. Use the answers in Teams.


Slide 14 - Tekstslide

Day 2: English this week
Goals this week:
- Writing a good English sentence with the right word order 
- Describing feelings and events in personal notes, 
emails or on social media  
- Responding to advertisements  
- Writing a short, simple report 

Slide 15 - Tekstslide

But first...
Today's news on CNN 10

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Link

Do you remember last class?
Word order

Slide 18 - Tekstslide

Kies de juiste volgorde/ choose the right wordorder
A
Wie - doet - waar - wat - wanneer
B
Wie - doet - waar - wanneer - wat
C
Wie - doet - wat - wanneer - waar
D
Wie - doet - wat - waar - wanneer

Slide 19 - Quizvraag

Woordvolgorde van een Engelse zin







Let op:
- TIJD kan ook vooraan in de zin (als je er de nadruk op wilt leggen)
- woorden die aangeven HOE VAAK iets gebeurd (always, often, never, usually, sometimes)
                      => komen VOOR het hoofdwerkwoord, maar NA ‘am/are/is/was/were’.

Slide 20 - Tekstslide

Lesson 3: Online shopping
Do you know the words about 'online shopping'?

Slide 21 - Tekstslide

asking price
refund
to collect
aankoop
aantal
allerlei
beantwoorden
een bod doen
kassa
momenteel
op voorraad
ophalen
terugbetalen
winkelwagen
vraagprijs
checkout
purchase
shopping cart
variety
in stock
quantity
to respond to
to make an offer
currently

Slide 22 - Sleepvraag

Writing, Lesson 3 exercises

1. Read the word about 'online shopping' page 190 and the expressions ons page 191.
2. Read the texts and do ex. 1, 2 & 3 (blz. 158)
2. Check your work. Use the answers in Teams.


Slide 23 - Tekstslide