herhaling evolutie en selectie

herhaling mutaties, selectie en evolutie
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 3

In deze les zitten 18 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

herhaling mutaties, selectie en evolutie

Slide 1 - Tekstslide

Geslachtelijke voortplanting

Slide 2 - Tekstslide

Mutatie
Een plotselinge verandering van een genotype = een mutatie
de veranderde genen zijn gemuteerd

Hoeft niet gevaarlijk te zijn (kan wel)

Een gemuteerd gen kan meegegeven worden aan de nakomelingen........--> langzaam nieuwe soorten

Slide 3 - Tekstslide

Mutatie

Een plotselinge verandering in het DNA in een eicel of zaadcel
De nakomeling kan er anders uitzien (zoals albino)

Een mutatie kan heel af en toe spontaan ontstaan (celdeling). Een mutatie kan ook ontstaan door mutagene stoffen.

Slide 4 - Tekstslide

Mutagene invloeden 

Slide 5 - Tekstslide

Er kan ook maar 1 cel muteren
Als 1 cel muteert heeft dit bijna nooit een gevolg op het fenotype (uiterlijk)

Bijvoorbeeld kanker


Slide 6 - Tekstslide

Kanker = mutatie in celdeling

Slide 7 - Tekstslide

Mutatie in lichaamscel
Mutatie in geslachtscel

Slide 8 - Tekstslide

De evolutietheorie gaat uit van 3 dingen:


  1. Variatie in genotypen
  2.  Natuurlijke selectie
  3. Het ontstaan van nieuwe soorten

Slide 9 - Tekstslide

1. Variatie in genotypen
Ontstaat door geslachtelijke voortplanting
en door....
mutaties

Slide 10 - Tekstslide

2. Natuurlijke selectie
Organismen die het best zijn aangepast aan het milieu waar ze op dat moment in leven, leven langer en hebben meer kans op nakomelingen.

Slide 11 - Tekstslide

3. Ontstaan van nieuwe soorten
isolatie 
Een groep organismen van een soort raakt van elkaar gescheiden.

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Overeenkomst in bouw(2)
  • Verschillende functies
  • Dezelfde bouw
  • Gemeenschappelijke voorouder

Of gemeenschappelijk doel:
vleugel insect en vleugel vogel

Slide 14 - Tekstslide

Biotechnologie
Biotechnologie zijn technieken waarbij organismes gebruikt worden.

Klassiek: Bijvoorbeeld brood maken met gist (schimmels) of kaas.

Modern: We kunnen uit met biotechnologie de erfelijke eigenschappen aanpassen van een organisme.



Slide 15 - Tekstslide

Genetische modificatie
Het aanpassen van erfelijke eigenschappen bij organismen door de mens wordt genetische modificatie genoemd.

Een genetisch gemodificeerd organisme noem je transgeen.

Slide 16 - Tekstslide

recombinant-DNA-technieken
Als we de erfelijke eigenschappen aanpassen van een organisme zijn we aan genetisch modificeren. 

1 manier daarvan is recombinant-DNA-technieken.

Bij dit proces wordt een stukje DNA met een bepaalde erfelijke eigenschap overgeplaatst in een ander organisme.
 

Slide 17 - Tekstslide

Maak de oefentoets op biologiepagina.nl

Slide 18 - Tekstslide