Gebruik:- Voor handelingen en gebeurtenissen die plaatsvonden in het verleden, maar die voor de spreker nog verbonden zijn met het heden.
- De tijdsaanduidingen uit blok 1 van je woordenlijst worden hier gewoonlijk bij gebruikt.
Ejemplos: Hoy me he levantado muy tarde.
Esta semana hemos tenido muchos deberes.
Este año han ido de vacaciones a Francia.
¿Nunca has estado en México?