LE 4 somatiek week 7 les 2 Orthopedie en traumatologie

Orthopedie en traumatologie
1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 3

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Orthopedie en traumatologie

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Tekstslide

Deze trauma’s zijn niet specifiek psychisch maar vooral lichamelijk.
Orthopedische traumatologie richt zich op letsels van het bewegingsstelsel als botten, kapsels, banden, spieren en pezen.
Chirurgische trauma richt zich op bijvoorbeeld steekwonden.

Slide 4 - Tekstslide

Het skelet bestaat uit botten/beenderen. Botten zijn hard en niet in te drukken. Anders zouden wij ook zo inzakken.
Bot is aan de buitenkant een soort schors. Dit deel is hard.
De binnenkant is sponsachtig weefsel: beenmerg. Bij ons geel (vet) of rood (bloedvaten) gekleurd. Zelfde als bij botten dieren. Wat kan beenmerg maken? Bloedcellen
Kraakbeen is flexibel en zit op plekken waar bewegen nodig is. Denk aan neus en oorschelpen.
Om het bot zit het periost, beenvlies. Zitten bloedvaten in, kan groeien, is levend. Vind je zenuwen in, bij botbreuk heb je kans dat zenuwen en bloedvaten beschadigen. Hematoom kan ontstaan of bloedverlies.
Zorgvrager kan ook veel pijn hebben. Ook last van periostitis  botvliesontsteking, pijnlijk.

Wat kan het rode beenmerg produceren?
A
Botweefsel
B
Zuurstof
C
Zenuwen
D
Bloedcellen

Slide 5 - Quizvraag

In het beenmerg zitten stamcellen die bloedcellen aanmaken. De bloedcellen waar behoefte aan is worden aangemaakt. Dus de cellen zijn in eerste instantie ongedifferentiëerd en differentieren later.

Slide 6 - Tekstslide

Bot veroudert en wordt afgebroken. Bot slijt snel door alle krachten. Er wordt continu nieuw bot gevormd. Bij jonge dieren en mensen groeien pijpbeenderen vanuit groeischijf. Andere botten vanuit periost.
Bij volgroeide mensen en dieren groeit het bot vanuit periost en is groeischijf gesloten.

Slide 7 - Tekstslide

Tumor, carcinoom en uitzaaiing. Duwt door het bot. Zetten kracht op bot
Botontkalking, osteoporose. Poreus bot.

Slide 8 - Tekstslide

Plaatje voorbeeld gesloten botbreuk genezen
Periost is aangetast. Bloed lekt en en bloedklont ontstaat. Hieromheen ontwikkelt kraakbeen en vormt zich bot

Slide 9 - Tekstslide

Kan iemand zijn ledemaat bewegen/gebruiken. Functioneel?
Nee? Waar ligt dat aan? Zwelling? Verkleuring? Hematomen?
Staat het deel recht of scheef?
Eerst lichamelijk onderzoek
Daarna foto met rontgen

Slide 10 - Tekstslide

Gesloten of eenvoudig  bot doormidden, maar stukjes passen nog precies. spieren houden fractuur goed op plek
Open fractuur  bovenste deel wijkt af van onderste. Past niet zelf in elkaar. Lastig om op plek te houden door spieren die tegenwerken. Stuk wat uitsteekt kan door huid naar buiten steken.
Kruislingse fractuur  twee botdelen wijken van elkaar. Spieren moeten weer zodanig werken om het in elkaar te laten passen
Greenstick  twijfelfractuur, niet hele bot doormidden. Deel bot weg.
Verbrijzeling  niet eenvoudig, kleine fragmenten.

Slide 11 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Welke fractuur is dit?
Open botbreuk
Verbrijzeling
Kruislingse fractuur

Slide 12 - Sleepvraag

Eerste plaatje kruislingse fractuur
Tweede open botbreuk
Derde verbrijzeling

Wat zijn mogelijke symptomen bij een fractuur?

Slide 13 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Tekstslide

Pijnstilling om behandeling mogelijk te maken. Soms ook repositie, in oorspronkelijke stand zetten.
Bijv. bij open breuk of kruislingse.
Fixatie om te zorgen dat ze op plek blijven zitten. Bijv. door gips of spalk.
Immobilisatie  beste pijnstilling, kan gewricht en breuk niet bewegen.
Prothese  beenbreuk waarbij bot verbrijzeld is. Nieuw bot of gewricht plaatsen.

Slide 15 - Tekstslide

Immobilisatie tractie zorgt voor rust en niet bewegen.
Tractie = trekkracht
snaartractie, gewichten aan snoer aan gewricht/ledemaat, botten blijven in vaste positie
Soms fixatie nodig. twee manieren: voorkoming dat spieren op verkeerde manier gaan inwerken op botbreuk. Zo kunnen ze goed helen.
Kan inwendig: pennen/platen/schroeven/cerclagedraad  osteosynthese
Uitwendig door fixateur externe
Cerclagedraad is draad dat om bot wordt gewikkeld.


Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies