Repaso: schrijf de antwoorden in je schrift
1.
Hay = er is/zijn, er staat/staan, er ligt/liggen
2. No hay = er is/zijn geen, er staat/staan geen, er ligt/liggen geen
3. de bank = el sofá
4. de woonkamer = el salón
5. het balkon = el balcón
6. de eetkamer = el comedor
7. de stoelen = las sillas
8. de keuken = la cocina