bio mondeling

bio mondeling
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

bio mondeling

Slide 1 - Tekstslide

Inhoud
5.1 het skelet
5.2 Kraakbeenweefsel en botweefsel
5.3 beenverbindingen
quiz

Slide 2 - Tekstslide

Het skelet
de functies van het skelet:
1 Het geeft stevigheid aan je lichaam.
2 Het geeft vorm aan je lichaam.
3 Het geeft bescherming aan tere organen. Je ribben beschermen bijvoorbeeld je longen en hart.
4 Het maakt beweging mogelijk. Veel botten zijn beweeglijk met elkaar verbonden. Spieren die aan de botten vastzitten, kunnen je botten bewegen.

Slide 3 - Tekstslide

Het skelet
Het menselijk skelet heeft 206 botten.

Een baby skelet heeft 270 
botten dat komt omdat veel botten later pas aangroeien.

Slide 4 - Tekstslide

Soorten botten
Pijpbeenderen: pijpbeenderen zijn langwerpig en komen vooral voor in de ledematen.

Beenderen: beenderen komen vooral voor in het schedel en in de romp.

Slide 5 - Tekstslide

kraakbeenweefsel
Bij kraakbeenweefsel liggen de cellen in groepjes bij elkaar in de tussencelstof, die wordt gemaakt door de cellen. Door de tussencelstof zijn de botten stevig maar ook buigzaam. Bij volwassen mensen komt kraakbeen voor, bijvoorbeeld in de neus en de oorschelp.

Slide 6 - Tekstslide

Beenweefsel
Bij beenweefsel liggen de cellen in kringen rondom nauwe kanaaltjes. Door die kanaaltjes lopen bloedvaten. De langwerpige botcellen zijn met elkaar verbonden door uitlopers.

Slide 7 - Tekstslide

Beenweefsel
De tussencelstof van been is harder dan die van kraakbeen. Deze bestaat grotendeels uit kalkzouten en lijmstof. Kalkzouten maken het beenweefsel hard, terwijl lijmstof ervoor zorgt dat het een beetje buigzaam blijft. zodat het niet zomaar breekt.

Slide 8 - Tekstslide

Een gewricht 
Een gewricht verbindt twee botten met elkaar. Het ene bot heeft een gewrichtskogel en het andere bot heeft een gewrichtskom. De gewrichtskogel kan bewegen in de gewrichtskom. Beide zijn bedekt met een kraakbeenlaagje, dat ervoor zorgt dat het soepeler beweegt en dat de botten minder slijten.

Slide 9 - Tekstslide

Soorten gewrichten
• Kogelgewricht: de gewrichtskogel van het ene bot draait in de gewrichtskom van het andere.
• Rolgewricht: de botten draaien om de lengteas om elkaar heen voor een draaiende beweging.
• Scharniergewricht: het ene bot beweegt als een scharnier ten opzichte van het andere bot.

Slide 10 - Tekstslide

Wat is de functie van het skelet?
A
Regulatie van temperatuur
B
Bescherming van organen
C
Productie van bloedcellen
D
Ondersteuning van het lichaam

Slide 11 - Quizvraag

Hoeveel botten heeft een volwassene?
A
198 botten
B
300 botten
C
206 botten
D
250 botten

Slide 12 - Quizvraag

Wat is de functie van gewrichten?
A
Stabiliteit bieden
B
Zuurstof transporteren
C
Energie opslaan
D
Beweging mogelijk maken

Slide 13 - Quizvraag

Welke soort gewricht is een schoudergewricht?
A
Scharniergewricht
B
Vaste verbinding
C
Kogelgewricht
D
Zadelgewricht

Slide 14 - Quizvraag

Slide 15 - Tekstslide