In deze les zitten 43 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.
Lesduur is: 30 min
Onderdelen in deze les
LessonUp
jezelf toevoegen aan een klas
Slide 1 - Tekstslide
kies: Leerlingen / studenten
Slide 2 - Tekstslide
kies: werk vanuit mijn browser
Slide 3 - Tekstslide
vul code in bij code invoeren
Slide 4 - Tekstslide
kies: inloggen
Slide 5 - Tekstslide
als het goed is kom je nu in je eigen klas uit.
Slide 6 - Tekstslide
Slide 7 - Tekstslide
leerdoelen
je kunt uitleggen hoe je een gesloten stroomkring maakt
je weet het verschil tussen geleiders en isolatoren
je kunt een aantal geleiders en isolatoren noemen
je kunt beschrijven wat elektrische stroom is
Slide 8 - Tekstslide
Hoofdstuk 4 elektriciteit
-maken introductie H4
-uitleg H4.1 "een stroomkring maken"
-vragen maken H4.1 1 t/m 10
- online Phed proef
timer
10:00
Slide 9 - Tekstslide
Slide 10 - Tekstslide
zelf stroomkring maken
hoe laat ik een lampje branden op een batterij.
wie kan dat uitleggen?
Slide 11 - Tekstslide
Een gesloten stroomkring maken
Slide 12 - Tekstslide
Slide 13 - Video
Introductie
Je komt in huis allerlei apparaten tegen die op elektriciteit werken. Zoals ...............?
Slide 14 - Tekstslide
lading
-stroom, stroomkring : iets stroomt of beweegt er door de snoeren en het lampje.
-dat "iets" hebben ze bij NaSk de naamLADING gegeven.
-een electrische stroom bestaat uit bewegende lading.
-als stroomkring onderbroken wordt valt die beweging stil, de lading is er nog wel maar kan niet meer door de stroomkring heen bewegen.
Slide 15 - Tekstslide
schakelaar
Hoe werkt een schakelaar?
Slide 16 - Tekstslide
Isolerende en geleidende stoffen
Slide 17 - Tekstslide
hoe werkt dat?
een bureaulamp met kabel en stekker?
Slide 18 - Tekstslide
Geleiders
Stoffen waar een elektrische stroom gemakkelijk doorheen kan lopen, heten geleiders.
noem voorbeelden van geleiders?
Isolatoren
Stoffen die een elektrische stroom niet of heel slecht doorlaten, heten isolatoren.
noem voorbeelden van isolatoren?
Slide 19 - Tekstslide
vragen maken H4.1
vraag 1 t/m 10 (blz 143 en verder)
-klaar?
-ga naar teamtegel mnn, bestanden, hoofdstuk 4 elektriciteit
en maak een stroomkring
timer
10:00
Slide 20 - Tekstslide
volgende week: stroom meten
Slide 21 - Tekstslide
opruim schema: vandaag tafel 5 en 6
Slide 22 - Tekstslide
vandaag
-maken test jezelf H4.1
-herhaling
-stroom meten
-werken aan voertuig/ afmaken 3D tekening huis
Slide 23 - Tekstslide
maken test jezelf H5.1
timer
10:00
Slide 24 - Tekstslide
leerdoelen H5.1
je kunt uitleggen hoe je een gesloten stroomkring maakt
je weet het verschil tussen geleiders en isolatoren
je kunt een aantal geleiders en isolatoren noemen
je kunt beschrijven wat elektrische stroom is
Slide 25 - Tekstslide
Een gesloten stroomkring maken
Slide 26 - Tekstslide
Isolerende en geleidende stoffen
Slide 27 - Tekstslide
De stroom meten
Met een stroommeter kun je meten hoe ‘sterk’ de elektrische stroom door een stroomkring is.
Je meet op een bepaald punt in de stroomkring hoeveel lading er in 1 seconde voorbijkomt.
hoeveelheid lading in 1 seconde is de stroomsterkte
Slide 28 - Tekstslide
De stroomsterkte heeft als eenheid de ampère (A)
Een stroommeter wordt ook wel ampèremeter genoemd.
Als de stroomsterkte klein is, meet je de stroom meestal in milliampère (mA).
Omrekenen doe zo: 1 A = .........mA 1 mA = .........A
1 A = 1000 mA
1 mA = 0,001 A
Slide 29 - Tekstslide
Twee manieren om de stroomsterkte te meten.
De stroomsterkte is op elke plaats in de stroomkring even groot (zie figuur ). Het maakt dan ook niet uit waar je de stroommeter in de stroomkring opneemt: links of rechts van het lampje.
Slide 30 - Tekstslide
Slide 31 - Video
vragen maken H4.1
vraag 10 t/m 13 (blz 143 en verder)
klaar? je buurman/buurvrouw ook klaar? (elkaar helpen)
-ga naar teamtegel mnn, bestanden, hoofdstuk 4 elektriciteit