derde klas - samentrekking

Vandaag:
oefenen met het herkennen van een (foutieve) samentrekking
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Vandaag:
oefenen met het herkennen van een (foutieve) samentrekking

Slide 1 - Tekstslide

Samentrekking:
Als in een samengestelde zin dezelfde woorden twee keer voorkomen, kun je deze woorden meestal de tweede keer weglaten.

Slide 2 - Tekstslide

De boer hield schapen en hield van zijn vrouw.

Slide 3 - Tekstslide

Samentrekking controleren
  1. Noteer de weggelaten woorden.
  2. Bepaal de functie, betekenis en getal van de samengetrokken woorden in het eerste deel.
  3. Bepaal de functie, betekenis en getal van de weggelaten woorden in het tweede deel. 
  4. Controleer of ze in beide gevallen hetzelfde zijn: functie, betekenis en getal

Slide 4 - Tekstslide

*De boer hield schapen en van zijn vrouw.
Fout = betekenis komt niet overeen (houden van en schapen houden)

Slide 5 - Tekstslide

Wanneer mag je woorden weglaten?
Het feest duurde lang en het feest was erg gezellig.
Dezelfde functie: In beide zinnen is 'het feest' het onderwerp
Dezelfde betekenis: 'het feest' heeft dezelfde betekenis
Hetzelfde getal: 'het feest' heeft hetzelfde getal

--> samentrekking op zinsniveau:
Het feest duurde lang en was erg gezellig.



Slide 6 - Tekstslide

Nog een voorbeeld:
De clown trok zijn kleren uit en hij trok zich niets van zijn publiek aan.
Dezelfde functie: In beide zinnen is 'trok' de persoonsvorm.
Dezelfde betekenis: 'trok' heeft NIET dezelfde betekenis
Hetzelfde getal: 'trok' heeft hetzelfde getal
--> samentrekking op zinsniveau is NIET mogelijk, want 'trok'' heeft in het 2de deel van de zin een andere betekenis!

Slide 7 - Tekstslide

Foutieve samentrekking -getal
Foutieve samentrekking betekenis
Foutieve samentrekking gram. functie
Jerry keek naar een hond en daardoor niet uit bij het oversteken. 
Ik ga vissen en jullie naar de bioscoop
Paul is ziek en naar huis gegaan.

Slide 8 - Sleepvraag

Na koffie te hebben gedronken in Hamburg, reed de bus richting Denemarken.
A
Goed
B
Fout

Slide 9 - Quizvraag

Na drie uur gewacht te hebben, gingen de hekken eindelijk open.
A
Goed
B
Fout

Slide 10 - Quizvraag

De man werd voortdurend gepest en tenslotte ziek.
A
goed
B
fout

Slide 11 - Quizvraag

Schaatsen is gezond en doe ik regelmatig.
A
goed
B
fout

Slide 12 - Quizvraag

GOED
FOUT
De ambulance bracht het slachtoffer naar het ziekenhuis en de agenten de dader naar het politiebureau. 
De docenten Nederlands geven les in het Nederlands en de docenten Engels in het Engels

Slide 13 - Sleepvraag

Snap je hoe je een samentrekking kunt controleren?
😒🙁😐🙂😃

Slide 14 - Poll

Lees blz. 230
Maak opdr. 1 t/m 4. 

Slide 15 - Tekstslide