Woche 8 Stunde 1 - Wiederholung Grammatik

Je mag je telefoon bij je houden.
1 / 46
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

In deze les zitten 46 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Je mag je telefoon bij je houden.

Slide 1 - Tekstslide

Lernziel
- Du weißt wie du die Grammatik lernen kannst.

- Du kannst die Wiederholung 5 + 6 machen.

Slide 2 - Tekstslide

studiewijzer

Slide 3 - Tekstslide

Programm
  • Wiederholung ein- und kein + bez. vnw
  • ein- und kein + pers. vnw. leren
  • Wiederholung Verben
  • Verben lernen

Slide 4 - Tekstslide

PW Kapitel 5 + 6
Kapitel 5:
Wortliste B (NL-DU)
Wortliste A, C, D, H (DU-NL)
Grammatik (ein- & kein-)
Kapitel 6:
Wortliste B (NL-DU)
Wortliste A, C, D, H (DU-NL)
Grammatik (werkwoorden)

Slide 5 - Tekstslide

Wiederholung ein- kein
Aufgabe 1
Kies de juiste vorm van ein of van kein. (meerkeuze)

Slide 6 - Tekstslide

(een) Ich habe ___ Katze (v).
A
ein
B
eine
C
kein
D
keine

Slide 7 - Quizvraag

(geen) ____ Teller (m) ist zu groß für das kleine Gericht.
A
ein
B
eine
C
kein
D
keine

Slide 8 - Quizvraag

Wie haben (geen) ____ Münzen (mv) mehr.
A
ein
B
eine
C
kein
D
keine

Slide 9 - Quizvraag

(een) Hast du ____ Glas (o) wasser für mich?
A
ein
B
eine
C
kein
D
keine

Slide 10 - Quizvraag

Hast du (geen) _____ Freundin, die dir dabei helfen kann?
A
ein
B
eine
C
kein
D
keine

Slide 11 - Quizvraag

Wiederholung bez. vnw.
Aufgabe 2
Sleep de bezittelijke voornaamwoorden naar de juiste vertaling.

Slide 12 - Tekstslide

mijn
jouw
zijn
haar
onze
jullie
hun
uw
dein-
Ihr-
unser-
euer/ eure
mein-
ihr-
ihr-
sein-

Slide 13 - Sleepvraag

Wiederholung ein- kein + bez. vnw.
Aufgabe 2
Vul de juiste vorm van ein- of kein of het bezittelijk voornaamwoord in.

Slide 14 - Tekstslide

(een) _____ Salat (m) bitte!

Slide 15 - Open vraag

(geen) In den Sommerferien haben wir ____ Schule (v)

Slide 16 - Open vraag

(zijn) ____ Gericht (o) schmeckt mir am besten!

Slide 17 - Open vraag

(jullie) Habt ihr ____ Bücher dabei?

Slide 18 - Open vraag

(haar) ____ Unterricht (m) war langweilig.

Slide 19 - Open vraag

(ons) Haben Sie ____ Haustier (o) schon gesehen?

Slide 20 - Open vraag

(mijn) ____ Freund hat heute Geburtstag.

Slide 21 - Open vraag

Wie lernst du die Grammatik?
Stap 1:
Bekijk de regel. (2 a 3 minuten)
Stap 2:
Probeer de regel op te schrijven.
Stap 3:
Verbeter wat je hebt opgeschreven en vul aan.
Stap 4:
Herhalen
Stap 5:
Heb je dit allemaal geleerd? Ga dan opdrachten maken.

Slide 22 - Tekstslide

Grammatik Lernen
Stap 1:
Bekijk de regel. (2 a 3 minuten)
Stap 2:
Probeer de regel op te schrijven.
Stap 3:
Verbeter wat je hebt opgeschreven en vul aan.
Stap 4:
Herhalen
Stap 5:
Heb je dit allemaal geleerd? Ga dan opdrachten maken.

timer
5:00

Slide 23 - Tekstslide

Wiederholung Verben
Wiederholung persoonlijk voornaamwoord.

Sleep het persoonlijk voornaamwoord naar de vertaling.

Slide 24 - Tekstslide

ik
jij
hij/ zij/ het
wij
jullie
zij/ u
wir
er/ sie/ es
ich
sie/ Sie
du
ihr

Slide 25 - Sleepvraag

Wiederholung Verben
Sleep de juiste uitgangen naar het persoonlijk voornaamwoord.

Slide 26 - Tekstslide

ich
du
er/ sie/ es
wir
ihr
sie/ Sie
stam + t
stam + t
stam + en
stam + en
stam + st
stam + e

Slide 27 - Sleepvraag

Wiederholung Verben
Sleep de juiste uitgangen naar het persoonlijk voornaamwoord.

Stam eindigt op een sis-klank

Slide 28 - Tekstslide

ich
du
er/ sie/ es
wir
ihr
sie/ Sie
stam + t
stam + t
stam + t
stam + en
stam + en
stam + e

Slide 29 - Sleepvraag

Wiederholung Verben
Sleep de juiste uitgangen naar het persoonlijk voornaamwoord.

Stam eindigt op een -d of -t

Slide 30 - Tekstslide

ich
du
er/ sie/ es
wir
ihr
sie/ Sie
stam + et
stam + et
stam + est
stam + e
stam + en
stam + en

Slide 31 - Sleepvraag

Wiederholung Verben
Vul de juiste vorm van de tegenwoordige tijd in.

Slide 32 - Tekstslide

(wohnen) Welche Tiere ___ im Insektenhotel?

Slide 33 - Open vraag

(reden) Ihr ___ immer so laut.

Slide 34 - Open vraag

(reiten) Du ___ seit 2 Jahre Pferd?

Slide 35 - Open vraag

(machen) Herr Thomsen, Sie ___ das sehr gut!

Slide 36 - Open vraag

(lesen) Welches Buch ___ ihr gerade?

Slide 37 - Open vraag

Wiederholung Verben
Kies de juiste vorm van het voltooid deelwoord.

Slide 38 - Tekstslide

machen
A
macht
B
gemacht
C
gemachet

Slide 39 - Quizvraag

reden
A
redt
B
geredt
C
geredet
D
gered

Slide 40 - Quizvraag

fotografieren
A
fotografiert
B
gefotografiert
C
gefotografieret

Slide 41 - Quizvraag

verstecken
A
versteckt
B
geversteckt
C
geverstecket

Slide 42 - Quizvraag

Wie lernst du die Grammatik?
Stap 1:
Bekijk de regel. (2 a 3 minuten)
Stap 2:
Probeer de regel op te schrijven.
Stap 3:
Verbeter wat je hebt opgeschreven en vul aan.
Stap 4:
Herhalen
Stap 5:
Heb je dit allemaal geleerd? Ga dan opdrachten maken.

Slide 43 - Tekstslide

Grammatik Lernen
Stap 1:
Bekijk de regel. (2 a 3 minuten)
Stap 2:
Probeer de regel op te schrijven.
Stap 3:
Verbeter wat je hebt opgeschreven en vul aan.
Stap 4:
Herhalen
Stap 5:
Heb je dit allemaal geleerd? Ga dan opdrachten maken.

timer
5:00

Slide 44 - Tekstslide

Hausaufgaben
Machen:
Wiederholung 5 (boek A) blz. 190 t/m 193
Wiederholung 6 (boek B) blz. 156

Lernen:
Kapitel 5 + 6

Slide 45 - Tekstslide

Slide 46 - Tekstslide