HEY 5.4 Reacties tussen ionen

5.4 Reacties tussen ionen les 1
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

5.4 Reacties tussen ionen les 1

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen
Je leert wat een neerslagreactie is.
Je leert hoe je een zout kunt maken.
Je leert hoe je ionsoorten in een oplossing kunt aantonen.

Slide 2 - Tekstslide

Neerslagreacties

Slide 3 - Tekstslide

2

Slide 4 - Video

Neerslagreacties
  • In een zoutoplossing bevinden zich losse ionen.
  • Bij samenvoegen van zoutoplossingen, ontstaat er soms een slecht oplosbaar zout.
  • Je ziet een suspensie ontstaan (troebel mengsel).
  • Er is sprake van een neerslagreactie.

Slide 5 - Tekstslide

Neerslagreacties
  1. Maak een mini-oplosbaarheidstabel met de ionen uit beide oplossingen.
  2. Vul 'g' of 's' in m.b.v. Binas 45A.
  3. Als een combinatie van ionen een 's' oplevert, geef je hiervan de reactievergelijking.

Slide 6 - Tekstslide

Neerslagreactie: lood(II)jodide
1. Mini-oplosbaarheidstabel
(Binas 45A)

2. Pb2+ en I- geven een neerslag (letter 's')
3. Reactievergelijking: Pb2+ (aq) + 2 I- (aq) -> PbI2 (s)
4. Kleur is te vinden in Binas 65B (geel)

Slide 7 - Tekstslide

Let op! dit is geen indampvergelijking. Het lijkt er wel op!
Een oplossing natriumcarbo-naat wordt bij een oplossing calciumchloride gevoegd.

Slide 8 - Tekstslide

Tribune-ionen
Ionen die er wel zijn maar die niet meedoen met de reactie.

Slide 9 - Tekstslide

Neerslagreactie: lood(II)jodide
1. Mini-oplosbaarheidstabel
(Binas 45A)

2. Pb2+ en I- geven een neerslag (letter 's')
3. Reactievergelijking: Pb2+ (aq) + 2 I- (aq) -> PbI2 (s)
4. Kleur is te vinden in Binas 65B (geel)
5. Tribune-ionen zijn K+ en NO3-

Slide 10 - Tekstslide

Op welke soort reactievergelijking lijkt de neerslag reactie?
A
Vormingsreactie
B
Ontledingsreactie
C
Indampvergelijking
D
Oplosvergelijking

Slide 11 - Quizvraag

Ontstaat er een neerslag als oplossingen van zilvernitraat en kaliumchloride worden gemengd?
A
Ja,AgNO3
B
Ja,AgCl
C
Nee,NaNO3lostgoedop
D
Ja,NaCl

Slide 12 - Quizvraag

Wat klopt er niet aan deze neerslag-vergelijking?
Ca2++PO43>Ca3(PO4)2
A
de coëfficiënt voor fosfaat
B
de coëfficiënt voor calcium-ion
C
beide coëfficiënten voor de pijl
D
de '3' en '2' in de verhoudingsformule

Slide 13 - Quizvraag

Wat zijn tribune-ionen?
A
Ionen die meedoen met de neerslag reactie.
B
Ionen die er niet zijn maar die wel meedoen met de neerslag reactie.
C
Ionen die in de tribune de tribune zitten.
D
Ionen die er wel zijn maar die niet meedoen met de neerslag reactie.

Slide 14 - Quizvraag

Aan de slag
5.4 Reacties tussen ionen lezen
Maken opdr. 45 t/m 51

Slide 15 - Tekstslide

5.4 Reacties tussen ionen les 2

Slide 16 - Tekstslide

Leerdoelen
Je leert wat een neerslagreactie is.
Je leert hoe je een zout kunt maken.
Je leert hoe je ionsoorten in een oplossing kunt aantonen.

Slide 17 - Tekstslide

Zoutoplossingen bij elkaar brengen
Stap 1: Maak je eigen oplosbaarheidstabel.
Stap 2: Vul je eigen oplosbaarheidstabel in.
Stap 3: Bepaal of er een neerslag reactie heeft plaatsgevonden.
Stap 4: Stel de neerslagvergelijking op.

Tribune-ionen = ionen die opgelost blijven

  • Natriumhydroxide + kopersulfaat?

Slide 18 - Tekstslide

Een slecht oplosbaar zout maken

Slide 19 - Tekstslide

Ontstaan neerslag
Slechts oplosbaar zout in water (bijv. magnesiumsulfide).
Suspensie, zakt naar de bodem = neerslag

wanneer ionen met elkaar reageren ontstaat een neerslag

Slide 20 - Tekstslide

ionsoort aantonen=oplossing toevoegen met ionsoort die neerslag geeft met gevraagde stof (=hier fosfaat)  

Slide 21 - Tekstslide

Oplosbaarheidstabel-tabel 35

Slide 22 - Tekstslide

Vul de oplosbaarheidstabel in.
g
g
g
s

Slide 23 - Sleepvraag

Welke stoffen noteer je in de neerslagreactie
A
Alle die aanwezig zijn in de buis
B
Alleen de ionen in de buis
C
Alleen de ionen die samen reageren

Slide 24 - Quizvraag

Welk ion geeft nooit een neerslagreactie?
A
Chloride
B
Nitraat
C
Jodide
D
Sulfaat

Slide 25 - Quizvraag

Welke zout kun je niet aantonen met een neerslagreactie?
A
natriumchloride
B
natriumsulfaat
C
magnesiumnitraat
D
kaliumnitraat

Slide 26 - Quizvraag

Geef de neerslagreactie van de reactie van met .
FeCl3
NaOH
A
Fe3++3Cl>FeCl3
B
Fe3++3OH>Fe(OH)3
C
Na++Cl>NaCl
D
Na++OH>NaOH

Slide 27 - Quizvraag

Aan de slag
5.4 Reacties tussen ionen lezen
Maken opdr. 52 t/m 61

Slide 28 - Tekstslide