Ma 10 maart tweelingfouten

Over taal H3

- Betekenis woorden

- Tweelingfouten 


1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Over taal H3

- Betekenis woorden

- Tweelingfouten 


Slide 1 - Tekstslide

DAN of ALS
Kees is groter DAN Mark.
OF
Kees is groter ALS Mark.
???


Slide 2 - Tekstslide

Groter als...? Groter dan...? 
  • Mijn moeder is groter dan mijn vader.
  • Regel 1: 'dan' na vergrotende trap
  • Mijn moeder is groter dan hij / dan ik.
  • Regel 2: voor het goede pers.vnw: voeg persoonsvorm toe en je weet de juiste vorm!
  • ...groter dan hij (is) / dan ik (ben)


  • *groter dan hem / dan mij is dus fout

Slide 3 - Tekstslide

ALS of DAN?

Hij is even groot ALS zijn broer. (gelijkheid)

Hij is groter DAN zijn zus. (niet gelijk)

Slide 4 - Tekstslide

Groter dan / even groot als
Regels



Gebruik dan na:
Gebruik als na:
vergrotende trap (meer dan)
net zo en even 
ander, andere, anders
niet zo
twee keer, drie (enz.) keer zo groot ...

Slide 5 - Tekstslide

groot - groter - grootst
  1. Jij bent groot.
  2. Ik ben groter.
  3. Hij is het grootst.

  1. Jij bent net zo groot als ik.
  2. Hij is groter dan ik.
  3. Hij is de grootste van het stel


Slide 6 - Tekstslide

groter dan of groter als
groter dan
vergrotende trap meer dan/kleiner dan/mooier dan
als
net zo en even net zo groot/even mooi als/niet zo groot als

Slide 7 - Tekstslide

groeien
groter worden
De baby is hard gegroeid. Hij is nu veel groter dan een maand geleden.                                                                                                               

Slide 8 - Tekstslide

Tweelingfouten
leggen/liggen
kennen/kunnen
als/dan
mits/tenzij

Slide 9 - Tekstslide

Tweelingfouten: verwarring bij woorden die op elkaar lijken

Slide 10 - Tekstslide

Tweelingfouten
Leggen - liggen
Kennen - kunnen
Als - dan
omdat - doordat
Mits - tenzij
Blijkbaar - schijnbaar
Rede - reden

Slide 11 - Tekstslide

Tweelingfouten
Die tv is groter dan die van ons.
Mijn cijfer is even goed als de jouwe.

Bij ongelijkheid = dan
Bij gelijkheid = als

Slide 12 - Tekstslide

Haal de tweelingfouten uit de tekst.
Mijn vader legt zo lekker te slapen. Dan ken je hem beter niet wakker maken. Want hij is chagrijniger als mijn moeder, omdat zei  zo geduldig is. Mits je haar een emmer water op het hoofd smijt. Maar daar is gelukkig ook geen rede toe. Me moeder zo pesten met behulp van me broertje, dat was maar een keer en nooit weer.

Slide 13 - Tekstslide

DAN of ALS
Kees is groter DAN Mark.
OF
Kees is groter ALS Mark.
???


Slide 14 - Tekstslide

Groter als...? Groter dan...? 
  • Mijn moeder is groter dan mijn vader.
  • Regel 1: 'dan' na vergrotende trap
  • Mijn moeder is groter dan hij / dan ik.
  • Regel 2: voor het goede pers.vnw: voeg persoonsvorm toe en je weet de juiste vorm!
  • ...groter dan hij (is) / dan ik (ben)


  • *groter dan hem / dan mij is dus fout

Slide 15 - Tekstslide

Verder met Formuleren
De trappen van vergelijking

Hij is groter als mij.
Hij is groter dan mij.
Hij is groter als ik.
Hij is groter dan ik.

Slide 16 - Tekstslide

groot - groter - grootst
  1. Jij bent groot.
  2. Ik ben groter.
  3. Hij is het grootst.

  1. Jij bent net zo groot als ik.
  2. Hij is groter dan ik.
  3. Hij is de grootste van het stel


Slide 17 - Tekstslide

ik of mij? 
Hij is groter dan ik / dan mij.

Kies je ik of mij?

Hij is groter dan ik/mij ben.
  Je zegt: hij is groter dan ik ben. Dus ook: Hij is groter dan ik. 


Als je de zin (in gedachten) aanvult, hoor je of je ik of mij in moet vullen. 

Slide 18 - Tekstslide

Taaldilemma's
Groter dan of groter als?

- Jouw kamer is groter dan mijn kamer.
- Jouw kamer is groter als mijn kamer.

- Karin verdient meer dan mij.
- Karin verdient meer dan ik.

Slide 19 - Tekstslide

Maak de zin langer.

Hij is groter dan ik (ben).
Hij is groter dan mij (ben)  = onjuist

Slide 20 - Tekstslide

dan ik (niet dan mij)
Fout:
Mijn broer is groter dan mij,
Goed:
Mijn broer is groter dan ik.
Mijn broer is groter dan ik ben. 

Slide 21 - Tekstslide

als
dan
Hij is groter... zijn moeder

Slide 22 - Sleepvraag

als
dan
gelijkheid
ongelijkheid
twee keer zo zwaar ...
groter ...

Slide 23 - Sleepvraag

Hij is groter als/dan ik.
A
als
B
dan

Slide 24 - Quizvraag

groter .................
A
als
B
dan

Slide 25 - Quizvraag

Hij is groter als/dan zij.
A
als
B
dan

Slide 26 - Quizvraag

Huiswerk voor do 16 maart
Maken 4 t/m 7

Dan of Als?
Groter dan
Even groot als
Maak de zelftoetsen van blok 3 en 4





Slide 27 - Tekstslide