4.3 Vruchtbaar worden

4.2 Een vrouw
4.3 Vruchtbaar worden
1 / 50
volgende
Slide 1: Tekstslide
Mens & NatuurMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

In deze les zitten 50 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 6 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

4.2 Een vrouw
4.3 Vruchtbaar worden

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
4.3.6 Je kunt uitleggen hoe zaadcellen en eicellen worden gevormd.
4.3.7 Je kunt de menstruatiecyclus beschrijven.

Vanaf de puberteit zorgen geslachtshormonen voor de productie van zaadcellen en de rijping van eicellen. Vanaf dat moment ben je vruchtbaar.




Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vruchtbaarheid
Als je vruchtbaar bent, kun je je voortplanten. Eicellen en zaadcellen zijn de geslachtscellen van de mens. Bij een bevruchting komen een zaadcel en een eicel samen. Hierdoor kan een nieuw mens ontstaan.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Teelballen en balzak
Hiernaast zie je de balzak. In deze huidplooi liggen de teelballen. Vanaf de puberteit gaan de teelballen zaadcellen maken. De teelballen maken dan elke dag miljoenen zaadcellen. Zaadcellen zijn de mannelijke geslachtscellen. De balzak (scrotum) bevindt zich buiten het lichaam.

Waarom? 
De temperatuur in de balzak is lager dan in het lichaam. 
Dit is beter voor de zaadcellen. 
Een spier kan de teelballen dichterbij het lichaam trekken of juist verder van het lichaam af houden. 

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zaadcellen
Als een jongen ongeveer 13 jaar is, beginnen zijn teelballen te functioneren. Vanaf die leeftijd produceren de teelballen elke dag vele miljoenen zaadcellen (spermacellen). Zaadcellen zijn de mannelijke geslachtscellen.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zaadcel man

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

En dan?
De zaadcellen worden tijdelijk opgeslagen in de bijballen. De zaadleiders vervoeren de zaadcellen.
De zaadblaasjes en de prostaat voegen vocht toe aan de zaadcellen. Het vocht uit de zaadblaasjes bevat voedingsstoffen voor de zaadcellen. Het vocht uit de zaadblaasjes en de prostaat met de zaadcellen samen noem je sperma. Bij de prostaat komen de zaadleiders uit in de urinebuis.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wist je dat?
  • Zaadcellen zijn veel kleiner dan eicellen
  • Zaadcellen kunnen 'zwemmen' met de zweepstaart
  • zaadcellen zijn bij de geboorte al aanwezig
  • tijdens puberteit vermeerdering door celdeling
  • per zaadlozing 200 miljoen zaadcellen
  • sperma= zaadcellen + zaadvocht uit prostaat + slijmerig vocht uit zaadblaasjes
  • Een man maakt zijn hele leven lang zaadcellen, ook als hij oud is. 

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zijn de vrouwelijke geslachtcellen. 
Ze zitten in de eierstokken.
Vanaf de puberteit rijpt er één keer per maand één eicel en 'springt' naar de eileder (ovulatie of eisprong). Via de eileider bereikt de eicel de baarmoeder. Als de eicel niet wordt bevrucht is hij binnen één dag dood. 
Eicellen

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Menstruatie
Een meisje wordt voor het eerst ongesteld tussen haar 10e en 16e levensjaar. Gemiddeld zijn meisjes voor het eerst ongesteld als ze 13 jaar zijn. Bij sommige meisjes duurt de menstruatie twee of drie dagen. Bij anderen kan het een week duren.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De baarmoeder
De wand van de baarmoeder bestaat uit een dikke spierlaag bekleed met slijmvlies. Het slijmvlies bevat veel bloedvaten.  In dit slijmvlies kan een bevruchte eicel zich vastzetten en ontwikkelen tot een kind. Als een eicel niet bevrucht is dan laat een deel van het slijmvlies los. Hierbij komt ook bloed vrij. Via de vagina komen het slijmvlies en het bloed naar buiten. Dit heet menstruatie of ongesteld zijn.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

PMS (pre menstrueel syndroom)

Enkele dagen voor de menstruatie:
chagrijnig
depressief
afwezig
hoofdpijn
rugpijn
pijnlijke borsten
opruimerig
zin in chocola
opgeblazen gevoel

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Tijdens de menstruatie
Tussen hun 10e en 16e jaar worden de meeste meisjes voor het eerst ongesteld. Bij sommigen duurt de menstruatie een dag of drie, bij anderen een week.
Het samentrekken van de baarmoederwand kan pijnlijk zijn. Sommige vrouwen kunnen zich net voor en tijdens de menstruatie zenuwachtig of verdrietig voelen. Anderen zijn sacherijnig of afwezig. Of hebben last van hoofdpijn, buikpijn, rugpijn of spierpijn. Er zijn ook vrouwen die nergens last van hebben.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De menstruatiecyclus
De dikte van het slijmvlies verandert tijdens de menstruatiecyclus.  Tijdens de menstruatie wordt het slijmvlies gedeeltelijk afgebroken. 
Na de menstruatie wordt het slijmvlies weer dikker. Dag 1 is de eerste dag van de menstruatie. Gemiddeld vindt op dag 14 de eisprong plaats. Het slijmvlies is dan weer dik geworden. Na ongeveer 28 dagen begint de volgende menstruatie. De menstruatiecyclus begint dan opnieuw.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

0

Slide 15 - Video

Deze slide heeft geen instructies

De overgang
Wanneer een vrouw tussen de 40 en 60 jaar oud is, worden steeds minder geslachtshormonen aangemaakt. De vrouw komt dan in de overgang. Uiteindelijk rijpen er geen eicellen meer. De vrouw kan dan niet meer zwanger worden. Ze wordt dan ook niet meer ongesteld. Dit noem je de menopauze.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Menstruatiecyclus
Om het slijmvlies en het bloed tijdens de menstruatie op te vangen, zijn verschillende middelen beschikbaar. Menstruatiemiddelen zijn er in verschillende maten.

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 19 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Video

Deze slide heeft geen instructies

1

Slide 21 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Video

Deze slide heeft geen instructies

00:32
ABSORPTIEGRAAD = 
hoeveel bloed de tampon kan 'opzuigen' 

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan het werk! Bio!
Wat? 4.3 Vruchtbaar worden- opdrachten 1 t/m 9.



Klaar? Test jezelf. 
Niet af? Dan is het Huiswerk!!!

timer
1:00

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het maagdenvlies is een echt vlies en sluit de vagina helemaal af
A
Juist
B
Onjuist
C
niet bij iedereen
D
dat kun je niet weten

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Het maagdenvlies sluit de baarmoeder af van de buitenwereld
A
Juist
B
Onjuist

Slide 26 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Wat is een ander woord voor eisprong
A
Orgasme
B
Organisme
C
Ovulatie
D
Innesteling

Slide 27 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Als je nog nooit met iemand gevreeën hebt, is je maagdenvlies nog intact (heel)
A
Ja
B
Nee
C
Dan kun je niet weten

Slide 28 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


In welk deel van het voortplantingsstelsel van een vrouw bevindt zich het maagdenvlies?
A
In de baarmoeder
B
In de grote schaamlippen
C
In de vagina
D
In de eierstok

Slide 29 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waarin liggen de eicellen?
A
Eierstokken
B
Baarmoeder
C
Eilleider
D
Vagina

Slide 30 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe noemen we het samensmelten
van zaadcel en eicel?
A
bevruchting
B
innesteling
C
menstruatie
D
ovulatie

Slide 31 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer spreken we
van het woord bevruchting?
A
Bij een bolletje cellen
B
Bij een eisprong
C
Tijdens een ovulatie
D
Bij het samensmelten van de kernen

Slide 32 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Volgorde van de voorzijde naar de achterzijde
bij de vrouw (in de schaamstreek):
A
clitoris, anus, vagina
B
vagina, anus, clitoris
C
clitoris, poepgat, anus
D
clitoris, vagina, anus

Slide 33 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


nr. 3
is
A
eierstok
B
urineblaas
C
zaadleider
D
eileider

Slide 34 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Een orgasme kan komen door prikkeling van de eikel of clitoris
A
Juist
B
Onjuist
C
dat kan nooit

Slide 35 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


nr. 2
is
A
eierstok
B
urineblaas
C
zaadleider
D
eileider

Slide 36 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


nr. 5
A
Vagina
B
Eierstok
C
Eileider
D
Urineblaas

Slide 37 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Vul in: De eileider is de verbinding
tussen de ..1.. en de ...2...

Slide 38 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

1. Een ander woord voor eisprong is ....
2. De eisprong vindt plaats van de ...... naar de .....

Slide 39 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Waar komt het sperma terecht tijdens de geslachtsgemeenschap?

Slide 40 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Baarmoeder
Anus
Baarmoedermond
Buitenste schaamlip
Binnenste schaamlip
Vagina
Blaas
Trechter
Clitoris
Ruggenwervel
Eierstok
Eileider
Schaambeen
Endeldarm
Urinebuis

Slide 41 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies


A
Eileider
B
Vagina
C
Urinebuis
D
Urineleider

Slide 42 - Quizvraag

Referentie:
http://mijnbiologie.weebly.com/uploads/1/1/1/6/11169311/5551621_orig.jpg
 

Slide 43 - Quizvraag

Referentie:
http://mijnbiologie.weebly.com/uploads/1/1/1/6/11169311/5551621_orig.jpg

A
Baarmoeder
B
Blaas
C
Endeldarm
D
Ruggenwervel

Slide 44 - Quizvraag

Referentie:
http://mijnbiologie.weebly.com/uploads/1/1/1/6/11169311/5551621_orig.jpg

A
Baarmoeder
B
Blaas
C
Endeldarm
D
Ruggenwervel

Slide 45 - Quizvraag

Referentie:
http://mijnbiologie.weebly.com/uploads/1/1/1/6/11169311/5551621_orig.jpg

A
Endeldarm
B
Urinebuis
C
Urineleider
D
Vagina

Slide 46 - Quizvraag

Referentie:
http://mijnbiologie.weebly.com/uploads/1/1/1/6/11169311/5551621_orig.jpg

A
Baarmoeder
B
Blaasspier
C
Clitoris
D
Voorste schaamlippen

Slide 47 - Quizvraag

Referentie:
http://mijnbiologie.weebly.com/uploads/1/1/1/6/11169311/5551621_orig.jpg

A
Achterste schaamlippen
B
Voorste schaamlippen
C
Binnenste schaamlippen
D
Buitenste schaamlippen

Slide 48 - Quizvraag

Referentie:
http://mijnbiologie.weebly.com/uploads/1/1/1/6/11169311/5551621_orig.jpg

A
Endeldarm
B
Urinebuis
C
Urineleider
D
Vagina

Slide 49 - Quizvraag

Referentie:
http://mijnbiologie.weebly.com/uploads/1/1/1/6/11169311/5551621_orig.jpg
Hoe noemen we het samensmelten van zaadcel en eicel?
A
bevruchting
B
innesteling
C
menstruatie
D
ovulatie

Slide 50 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies