4.c De verbanden in een tekst

4.c De verbanden in een tekst
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 12 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 80 min

Onderdelen in deze les

4.c De verbanden in een tekst

Slide 1 - Tekstslide

Programma
-Huiswerk nakijken + controleren
10 min
-Herhalen structuur van een tekst
10 min
-De verbanden in een tekst
10 min
-Zelfstandig oefenen
45 min

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoelen
Wat behandelen we vandaag?

  • Ik weet wat signaalwoorden zijn en wat de functie is van verbanden.
  • Ik kan signaalwoorden en verbanden in een tekst herkennen.
  • Ik kan uitleggen wat verbanden in een tekst zijn.
  • Ik kan zelf verbanden leggen en die toepassen in een tekst.

    Slide 3 - Tekstslide

    Wat weet je nog van vorige les?

    Slide 4 - Woordweb

    De structuur van een tekst
    Alinea --> een deel van een tekst, onderscheiden door witregels.
    Inleiding --> de aankondiging van een tekst. 
    Middenstuk --> de kern, daar waar de deelonderwerpen worden behandeld. 
    Slot --> de afsluiting van het verhaal. 

    Slide 5 - Tekstslide

    Zo maak je een game

    Er is een idee voor een game. De tekenaars maken figuren die bij het spel passen. Je ziet een klein beetje hoe de game eruit gaat zien. Er wordt een kartonnen bordspel van de game gemaakt. De programmeurs en de geluidstechnici gaan aan de slag. De testers komen aan de beurt Zij spelen alle levels wel honderd keer om zelfs de kleinste foutjes te ontdekken.

    Slide 6 - Tekstslide

    Zo maak je een game

    Het begint met een idee voor een game. Eerst maken de tekenaars figuren die bij het spel passen. Zo zie je een klein beetje hoe de game eruit gaat zien. Daarna wordt er een kartonnen bordspel van de game gemaakt. Vervolgens gaan de programmeurs en de geluidstechnici aan de slag. Als laatste komen de testers aan de beurt Zij spelen alle levels wel honderd keer om zelfs de kleinste foutjes te ontdekken.

    Slide 7 - Tekstslide

    Tekstverbanden en signaalwoorden


    In onderstaande tekst worden nogal wat misdrijven opgesomd. Noem er één als ik je naam noem. 
    Wat is waarschijnlijk de belangrijkste oorzaak van het ongeluk?
    Waarover blijft de politie zich verwonderen (al. 3)?


    Slide 8 - Tekstslide

    Tekstverbanden 
    en 
    signaalwoorden


    Slide 9 - Tekstslide

    Tekstverbanden en signaalwoorden
    kwartet


    Verdeel de klas in 5 groepjes van 4 personen. 
    We gaan kwartet spelen. Wie kent de spelregels? 

    Slide 10 - Tekstslide

    Oefeningen
    Wie?
    Zelfstandig.
    Wat?
    Hoofdstuk 4 paragraaf c, opdracht 5 t/m 11. 
    Hoe?
    Oefenboek blz 66-69.
    Handboek blz 52-53.
    Hulp?
    Docent.
    Tijd?
    Tot 12:50.
    Uitkomst?
    Je beheerst de leerdoelen.
    Klaar?
    Huiswerk volgende week, zie Magister/Studiewijzer. 

    Slide 11 - Tekstslide

    Welke leerdoelen beheers je nu?
    Deze leerdoelen beheers ik nu al
    Deze leerdoelen beheers ik nog niet. Dus ga ik hier nog mee verder oefenen/lezen. Anders vraag ik hulp aan de docent.
    Ik weet wat signaalwoorden zijn en wat de functie is van verbanden.

    Ik kan signaalwoorden en verbanden in een tekst herkennen.
    Ik kan uitleggen wat verbanden in een tekst zijn.

    Ik kan zelf verbanden leggen en die toepassen in een tekst.

    Slide 12 - Sleepvraag