AI en het PWS - 126

AI en het PWS
Een interactieve sessie over AI-gebruik bij onderzoek en onderwijs
1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
IntersectoraalMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 5,6

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

AI en het PWS
Een interactieve sessie over AI-gebruik bij onderzoek en onderwijs

Slide 1 - Tekstslide

Planning
  • Introductie 
  • Aan de slag met een large language model
  • Pauze
  • Reflectie
  • Vooruitblik
  • Afsluiting en evaluatie

Slide 2 - Tekstslide

Doel en opzet van de workhop
' We moeten iets met AI' 

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Link

Samenvattend;
Antwoord-machine
Contentcreatie
Sparren
Alles
Niets

Slide 5 - Poll

Waarom is AI relevant voor het PWS? 
Refereren naar het document.

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Link

Hoe heb je het gebruik van de AI ervaren?
😒🙁😐🙂😃

Slide 8 - Poll

Waarom is AI relevant voor het PWS? 

Maak een logboekje. 

'lever je 'product' in bij je begeleider'

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Link

Als de vorige link niet werkte was ik daar niet ingelogd..;
  • Bias – Systematische vertekening in de output door een onevenwichtige of gekleurde dataset.
  • Hallucinaties – Verzonnen informatie omdat het model patronen extrapoleert zonder feitelijke controle.
  • Bluf – Overdreven zelfverzekerde antwoorden, zelfs zonder kennis, omdat het model geoptimaliseerd is om overtuigend en compleet te klinken.

Slide 12 - Tekstslide

  • Confabulatie – Een term uit de psychologie die verwijst naar verzonnen herinneringen. In LLM-context is dit een specifiek soort hallucinatie waarbij het model consistent een verkeerd feit blijft herhalen, alsof het een betrouwbare bron is.
  • Mode collapse – Het model wordt steeds repetitiever en minder divers in zijn antwoorden, wat een soort “verstarring” in patronen veroorzaakt.
  • Echo chamber-effect – Als het model vaak dezelfde soort antwoorden genereert en die antwoorden steeds vaker worden bevestigd, ontstaat een zelfversterkende lus waarbij het model bepaalde denkbeelden of stijlen onevenredig vaak gebruikt.
  • Confabulatie – Een term uit de psychologie die verwijst naar verzonnen herinneringen. In LLM-context is dit een specifiek soort hallucinatie waarbij het model consistent een verkeerd feit blijft herhalen, alsof het een betrouwbare bron is.
  • Mode collapse – Het model wordt steeds repetitiever en minder divers in zijn antwoorden, wat een soort “verstarring” in patronen veroorzaakt.
  • Echo chamber-effect – Als het model vaak dezelfde soort antwoorden genereert en die antwoorden steeds vaker worden bevestigd, ontstaat een zelfversterkende lus waarbij het model bepaalde denkbeelden of stijlen onevenredig vaak gebruikt.

Slide 13 - Tekstslide

En... beperkte originaliteit?
1. Te vloeiende en voorspelbare zinnen
2. Overmatig gebruik van sjablonen en opvulwoorden
3. Gebrek aan echte diepgang of subjectieve nuance
4. Geen echte fouten, maar soms gekke fouten
5. Consistente toon, zonder natuurlijke variatie
6. Geen echte meningen of persoonlijke ervaringen

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Link

Slide 16 - Tekstslide

Quote: "Met behulp van A.I. halen de leerlingen hun leerdoelen nu veel efficiënter, helaas zijn de leerdoelen daardoor nu niet meer relevant." 

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Link

Positief en negatief?
Hopelijk al genoemd maar hier de mijne;
+ Leerling houdt tijd over voor meer diepgang in het onderwerp
+ Het eindproduct wordt beter?
- Sommige vaardigheden gaan verloren.
- Als iedereen zo makkelijk een tekst maakt, wordt de waarde van zelf een tekst ontwerpen om je gedachten te ordenen nog wel gewaardeerd en aangeleerd?

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Hier slides afsluiting en evaluatie

Quote: "If the sky is the limit, knowing where you want to go is most important." – Paul Hamoen 

Slide 21 - Tekstslide