IP-adressering en subnetting

1 / 29
volgende
Slide 1: Tekstslide
ICTMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 29 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

      Activiteiten
                   Tijd                                                Activiteiten
                   0-10 min                                     Introductie en lesdoelen  
                  10-45  min                                  Presentatie IP-adressering en subnetten
                  45-60 min                                  Quiz
                   60-70 min                                  Samenvatting

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

  Lesdoelen
  De studenten begrijpen van een IP-adres is
  De studenten begrijpen het verschil tussen netwerkadres en hostadres 
  De studenten kunnen uitleggen wat een Klasse A, B en C IP-adres is
  De studenten begrijpen wat subnetten zijn en waarvoor ze worden gebruikt
                  
 

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Wat weet je al over IP-adressen?

Slide 6 - Woordweb

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Tekstslide

Wat is en voorbeeld van een IPV4-adres?
A
192.168.0.1
B
3ffe:1900:4545:3:200:f8ff:fe21:67cf
C
2001:0db8:85a3:0000:0000:8a2e:0370:7334
D
10.0.0.256

Slide 24 - Quizvraag

Waar wordt het subnetmasker voor gebruikt bij IP-adressering?
A
Om het hostdeel van een IP-adres te identificeren
B
Om het netwerkdeel van een IP-adres te identificeren
C
Om de standaardgateway te identificeren
D
Om de DNS-server te identificeren

Slide 25 - Quizvraag

Welke klasse van IPv4-adressen wordt gebruikt voor een groot aantal hosts?
A
Klasse A
B
Klasse B
C
Klasse C
D
De klassen worden alleen gebruikt voor kleine tot middelgrote netwerken

Slide 26 - Quizvraag

Wat is een voordeel van het verdelen van een groot netwerk in kleinere subnetten?
A
Het maakt het netwerk moelijker te beheren
B
Om IPv6-adressen om te zetten naar IPv4-adressen
C
Het verhoogt de complexiteit van het netwerk
D
Het vermindert het uitzendverkeer en optimaliseert netwerkprestaties

Slide 27 - Quizvraag

Wat hebben we vandaag geleerd?

Slide 28 - Tekstslide

Werkboek: 
Hoofdstuk 2 - opdracht 5 en 6
Hoofdstuk 5 - opdracht 2 en 3

Slide 29 - Tekstslide