Project 1BK - De Vlieger

Project  De Vlieger
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
ProjectMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 1

In deze les zitten 31 slides, met tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 40 min

Onderdelen in deze les

Project  De Vlieger

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen
• Leerlingen leren hoe een vlieger in de lucht blijft.
• Leerlingen maken kennis met verschillende toepassingen van zweven.
• Leerlingen leren een ontwerp te maken.
• Leerlingen leren eisen te stellen waaraan een vliegerconstructie moet voldoen.
• Leerlingen verwerken een vlieger tot kunstuiting.
• Leerlingen leren registratietechnieken toe te passen: kleurcontrast en collage.
• Leerlingen leren een ontwerp uit te voeren en te testen.
• Leerlingen leren over een ontwerp te rapporteren en te presenteren.

Slide 2 - Tekstslide

Geschiedenis
Vliegen is altijd een van de grootste wensen van de mens geweest. Uit oude verhalen weten we dat mensen altijd al probeerden te vliegen. Ze sprongen van een rots en maakten vliegbewegingen, net als vogels. Dat lukte natuurlijk niet. Je hebt wel iets meer nodig om in de lucht te blijven.

Slide 3 - Tekstslide

Geschiedenis






                            1891                                                                             1903

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Video

Vooronderzoek belangrijk
Google: Vlieger maken

Slide 6 - Tekstslide

Eerste opdracht
We gaan een “proefvlieger” maken van A-4 papier.
Achterin het project zit werkblad 1: “Maak een A-4 vliegertje”
Bekijk dit werkblad en voer de stappen uit.
Per groepslid krijg je 1 A-4 papier. Je kunt dus een aantal keer experimenteren met verschillende modellen.

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Project  De Vlieger

Slide 9 - Tekstslide

Leerdoelen
• Leerlingen leren hoe een vlieger in de lucht blijft.
• Leerlingen maken kennis met verschillende toepassingen van zweven.
• Leerlingen leren een ontwerp te maken.
• Leerlingen leren eisen te stellen waaraan een vliegerconstructie moet voldoen.
• Leerlingen verwerken een vlieger tot kunstuiting.
• Leerlingen leren registratietechnieken toe te passen: kleurcontrast en collage.
• Leerlingen leren een ontwerp uit te voeren en te testen.
• Leerlingen leren over een ontwerp te rapporteren en te presenteren.

Slide 10 - Tekstslide

Vooronderzoek belangrijk
Google: Vlieger maken

Slide 11 - Tekstslide

Groepjes
1: Eefke, Aimee, Thijmen
2: Babette, Jessie, Aaron
3: Alicia, Tuur, Ronny, Lara
4: Doutzen, Juul, Duuk
5: Koen, Tess, Lynn
6: Milan, Willem, Wioletta
7: Roos, Batuhan, Tijn

Slide 12 - Tekstslide

De vlieger
Ontwerp
• Het ontwerp laat zien dat jullie fantasie hebben. Het ontwerp valt op door de vorm en het kleurgebruik.
Constructie (de bouw)
• De constructie van de vlieger is stevig.
• Het gekozen materiaal past bij de constructie.
Decoratie (de versiering)
• De decoratie past bij het ontwerp en de gekozen constructie.
• Voor de decoratie is gebruik gemaakt van de techniek collage.
• Voor de decoratie is gebruik gemaakt van kleurencontrast dat past bij het ontwerp.

Slide 13 - Tekstslide

De vlieger - Opdracht 2
Jullie mogen een eigen ontwerp maken van een vlieger. Zoek maar eens op internet. Denk er wel aan dat hij ook echt moet kunnen vliegen.
Jullie zullen dus na moeten denken over de constructie:
hoe de vlieger gemaakt moet worden.
Een constructie betekent hier dat je onderdelen gaat samenvoegen door knopen, lijmen en/of tapen. Je zou het ook het geraamte van de vlieger kunnen noemen.
Bij dit project vind je een aantal constructietekeningen van vliegers. Deze mag je ook gebruiken.
Als je zelf gaat ontwerpen, maak dan een duidelijke tekening op A4.
Maak een materialenlijst en bespreek die met de docent/pleinmeester.
Let op: vliegerpapier is 50x70 cm.
            De vlieger mag dus niet te groot zijn!



Slide 14 - Tekstslide

Project  De Vlieger

Slide 15 - Tekstslide

Leerdoelen
• Leerlingen leren hoe een vlieger in de lucht blijft.
• Leerlingen maken kennis met verschillende toepassingen van zweven.
• Leerlingen leren een ontwerp te maken.
• Leerlingen leren eisen te stellen waaraan een vliegerconstructie moet voldoen.
• Leerlingen verwerken een vlieger tot kunstuiting.
• Leerlingen leren registratietechnieken toe te passen: kleurcontrast en collage.
• Leerlingen leren een ontwerp uit te voeren en te testen.
• Leerlingen leren over een ontwerp te rapporteren en te presenteren.

Slide 16 - Tekstslide

Groepjes
1: Eefke, Aimee, Thijmen
2: Babette, Jessie, Aaron
3: Alicia, Tuur, Ronny, Lara
4: Doutzen, Juul, Duuk
5: Koen, Tess, Lynn
6: Milan, Willem, Wioletta
7: Roos, Batuhan, Tijn

Slide 17 - Tekstslide

De vlieger - Opdracht 3
Ieder groepslid maakt een ontwerp voor de decoratie (versiering) van de vlieger
rekening houdend met de eisen van collage en kleurcontrast.
Kleurcontrast:
Zie volgende dia.




Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Video

Kleurcontrasten
Kleuren hebben met gevoel te maken. Ze kunnen je vrolijk maken of juist verdrietig.
Dat komt omdat we aan kleuren een betekenis geven. Bij rood denk je aan kwaad of
gevaar. Groen is juist rustgevend.
De kleuren van de figuren op het schilderij hiernaast van Henri Matisse vallen erg op. Het oranje van de danseressen steekt af tegen de blauwe en groene achtergrond. De kleuren zijn in tegenstelling met elkaar. Dit noemen we een kleurcontrast.












Slide 20 - Tekstslide

Complentair contrast
Kleuren die tegenover elkaar liggen in de kleurencirkel, noemen we complementair. Bijvoorbeeld rood en groen. Deze kleuren versterken elkaar. Als je rood en groen bij elkaar plaatst, lijkt het rood roder en het groen groener. In het schilderij hiernaast
zie je er een voorbeeld van.

Slide 21 - Tekstslide

Koud-warm contrast
Sommige kleuren ervaren we als “warm” en andere geven meer een “koud” gevoel. Als die kleuren met elkaar gecombineerd worden noemen we dit een koud-warm contrast. De kleuren van de linkerhelft van de kleurencirkel zijn koud. De kleuren van de rechterhelft zijn warm.

Slide 22 - Tekstslide

Licht-donker contrast
Lichte en donkere kleuren steken tegen elkaar af. Dit noemen we een licht-donkercontrast. In het schilderij hiernaast steekt het lichte gezicht van de vrouw af tegen de donkere haardos. Het gezicht is het belangrijkste deel van het schilderij. De schilder wil hiermee alle aandacht aan het gezicht geven.

Slide 23 - Tekstslide

Collage

Slide 24 - Tekstslide

De vlieger - Opdracht 3
Collage:
• In tijdschriften/internet zoek je afbeeldingen (minimaal 2 per persoon) die passen bij jullie ontwerp.
• Je mag ook met Paint of Adobe Photoshop werken.
• Print ze in kleur uit.
• Maak met de plaatjes die je hebt gevonden een ontwerp.
• Je knipt de plaatjes in stukken en plakt die in een nieuwe samenstelling op een wit A4.
Als iedereen klaar is, kies je samen de collage die je gaat gebruiken bij de vlieger.

Bij dit project vind je een aantal constructietekeningen van vliegers. Deze mag je ook gebruiken.
Als je zelf gaat ontwerpen, maak dan een duidelijke tekening op A4.
Maak een materialenlijst en bespreek die met de docent/pleinmeester.
Let op: vliegerpapier is 50x70 cm.
            De vlieger mag dus niet te groot zijn!



Slide 25 - Tekstslide

Project  De Vlieger

Slide 26 - Tekstslide

Leerdoelen
• Leerlingen leren hoe een vlieger in de lucht blijft.
• Leerlingen maken kennis met verschillende toepassingen van zweven.
• Leerlingen leren een ontwerp te maken.
• Leerlingen leren eisen te stellen waaraan een vliegerconstructie moet voldoen.
• Leerlingen verwerken een vlieger tot kunstuiting.
• Leerlingen leren registratietechnieken toe te passen: kleurcontrast en collage.
• Leerlingen leren een ontwerp uit te voeren en te testen.
• Leerlingen leren over een ontwerp te rapporteren en te presenteren.

Slide 27 - Tekstslide

Groepjes
1: Eefke, Aimee, Thijmen
2: Babette, Jessie, Aaron
3: Alicia, Tuur, Ronny, Lara
4: Doutzen, Juul, Duuk
5: Koen, Tess, Lynn
6: Milan, Willem, Wioletta
7: Roos, Batuhan, Tijn

Slide 28 - Tekstslide

Slide 29 - Link

De vlieger - Groepsopdracht
Kies je ontwerp
  • Het ontwerp laat zien dat jullie fantasie hebben. Het ontwerp valt op door de vorm en het kleurgebruik.

Kies je constructie
  • De constructie van de vlieger is stevig.
  • Het gekozen materiaal past bij de constructie.
  • Teken je constructie uit (met liniaal en potlood, op schaal met afmetingen erbij)

Kies je decoratie
  • De decoratie past bij het ontwerp en de gekozen constructie.
  • Voor de decoratie is gebruik gemaakt van de techniek collage.
  • Voor de decoratie is gebruik gemaakt van kleurencontrast dat past bij het ontwerp.

Maak een materiaallijst: wat heb je nodig en hoeveel?











Slide 30 - Tekstslide

De vlieger - Opdracht 4
Jullie kunnen nu aan de slag met het maken van de constructie voor de vlieger, de bekleding, de decoratie en niet te vergeten de bevestiging van het vliegertouw aan de vlieger.

Daar waar het touw samenkomt, maak je een paperclip vast. Hiermee kun je de vlieger makkelijk los- en vastmaken aan het vliegertouw van de klos.

Slide 31 - Tekstslide