In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Onderdelen in deze les
Slide 1 - Tekstslide
Slide 2 - Tekstslide
Zonder code kan een robot niets doen
A
Waar
B
Niet waar
Slide 3 - Quizvraag
Welke code werkt de hele tijd?
Slide 4 - Sleepvraag
Slide 5 - Tekstslide
Welke klopt? De snelheid is kleiner dan 15
A
snelheid = 15
B
snelheid < 15
C
snelheid > 15
D
snelheid = 11
Slide 6 - Quizvraag
Welke klopt? De snelheid is precies 15
A
snelheid = 15
B
snelheid < 15
C
snelheid > 15
D
snelheid = 11
Slide 7 - Quizvraag
Welke klopt? De snelheid is groter dan
A
snelheid = 15
B
snelheid < 15
C
snelheid > 15
D
snelheid = 11
Slide 8 - Quizvraag
Bij welke code stopt de auto met rijden als de afstand precies 10 is?
Slide 9 - Sleepvraag
Slide 10 - Tekstslide
Wat is geen als gedachte?
A
Zet het licht aan
B
Als de bel gaat, ga naar de les
C
Als het donker is, zet het licht aan
D
Als op de knop wordt gedrukt, zet een lamp aan
Slide 11 - Quizvraag
Wat is geen als gedachte?
A
Als de aarde droog is, geef de plant water
B
Smeer boter op je boterham
C
Als de koelkast langer dan 2 minuten open staat. Geef een piepje
D
Als ik honger heb, dan pak ik een appel
Slide 12 - Quizvraag
Welke logica hoort bij deze code?
Slide 13 - Sleepvraag
Slide 14 - Tekstslide
Wat is geen als.. anders.. gedachte?
A
Als ik het koud heb, doe ik een trui aan. Anders doe ik de trui uit.
B
Als ik honger heb, eet ik een boterham. Anders stop ik met eten
C
Als de brug open is, zet ik de auto uit. Anders rij ik gewoon door.
D
Als het glas leeg is, zet ik de kraan aan.
Slide 15 - Quizvraag
Welke code zet de verwarming uit als de kamer warm genoeg is?
Slide 16 - Sleepvraag
Wat doet deze code?
Als de ultrasoon sensor een waarde minder dan 10 meet. Dan gaan alle motoren vooruit met een snelheid van 0. Anders gaan ze vooruit met een snelheid van 30
Als de snelheid onder 10 is. Dan gaan alle motoren stil staan. Anders gaat de motor verder met een snelheid van 10.
Als de ultrasoon sensor kleiner dan 10 is. Dan gaan alle motoren stil staan.