In deze les zitten 13 slides, met tekstslides en 1 video.
Lesduur is: 45 min
Onderdelen in deze les
5.3 Onderwijs
Slide 1 - Tekstslide
Sociale grondrechten
De staat moet actief zorgen dat inwoners prettig kunnen leven (welzijn + welvaart stimuleren!)
Bijv. recht op onderwijs en gezondheidszorg
Slide 2 - Tekstslide
leerplicht
In Nederland heeft iedereen leerplicht tussen vijf en zestien jaar.
Heb je op je zestiende nog niet aan de startkwalificatie voldaan (mbo-2, havo of vwo), dan geldt de plicht tot je achttiende.
Bij spijbelgedrag grijpt de leerplichtambtenaar in.
Onderwijsinstellingen worden op kwaliteit beoordeeld door de Onderwijsinspectie.
Slide 3 - Tekstslide
Goed opgeleide beroepsbevolking
Een goed opgeleide beroepsbevolking draagt bij aan onze welvaart.
Door technologische innovaties verandert de arbeidsmarkt voortdurend.
‘Een leven lang leren’ is daarom voor de overheid en bedrijven belangrijk.
Let op: Een goed opgeleide beroepsbevolking betekent niet altijd een hoogopgeleide beroepsbevolking. Een samenleving (actueel!) heeft ook voldoende vakmensen nodig, zoals loodgieters, bouwvakkers en elektriciens.
Actualiteit
Slide 4 - Tekstslide
Leerplicht
1901:
invoering leerplichtwet
grote verandering voor arbeiders en plattelandskinderen
Slide 5 - Tekstslide
Kansengelijkheid
Meritocratisch ideaal: een samenleving waarin inzet en talenten bepalend zijn voor je sociaal-economische status (SES)
Slide 6 - Tekstslide
5.3 Onderwijs
Belangrijke doelen van de overheid op het gebied van onderwijs zijn:
burgerschapsvorming
zorgen voor een goed opgeleide beroepsbevolking
kansengelijkheid
Slide 7 - Tekstslide
Sociale klassen/maatschappelijke positie --> SES
Slide 8 - Tekstslide
Burgerschapsvorming
Onderwijs brengt groepen in de samenleving met elkaar in contact en draagt bij aan de onderlinge verbinding (sociale cohesie).
School bereid je voor op deelname aan de maatschappij.
Slide 9 - Tekstslide
Kansengelijkheid
Onderwijs is het middel om mensen een eerlijke kans te geven zich te ontwikkelen.
Meritocratisch ideaal = een samenleving waarbij inzet en talenten bepalend zijn voor je maatschappelijke positie. Is in de loop der tijd het ideaal geworden.
Maatschappelijke positie = je beroep, inkomen, vermogen en genoten opleiding >> ook wel sociaal-economische status (SES).
Slide 10 - Tekstslide
Cultureel en sociaal kapitaal
Het streven naar kansengelijkheid, betekent niet dat iedereen gelijk is: er zijn aangeboren verschillen (talent, inzicht) en daarnaast speelt de omgeving waarin iemand opgroeit een belangrijke rol (kapitaal).
mensen met veel sociaal en cultureel kapitaal hebben vaak meer privileges: dat zijn voorrechten die je kansen op een goede maatschappelijke positie vergroten.