Werkwoorden vervoegen en zinnen maken.

Werkwoorden en zinsvolgorde
1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2Middelbare schoolvmbo bLeerjaar 1

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Werkwoorden en zinsvolgorde

Slide 1 - Tekstslide


😒🙁😐🙂😃

Slide 2 - Poll

We gaan oefenen 
- werkwoorden vervoegen
- zinsvolgorde

Slide 3 - Tekstslide

timer
2:00
Welke werkwoorden ken je?

Slide 4 - Woordweb

Wat is dit?
A
tijpen
B
typen
C
typpen
D
teepen

Slide 5 - Quizvraag

Wat is dit?
A
eeten
B
eten
C
aten
D
eeteen

Slide 6 - Quizvraag

Wat is dit?
A
schrieven
B
scrijven
C
schreiven
D
schrijven

Slide 7 - Quizvraag

Wat is dit?
A
praaten
B
praten
C
preeten
D
preten

Slide 8 - Quizvraag

Wat is dit?
A
leezen
B
lesen
C
lezen
D
leesen

Slide 9 - Quizvraag

Wat is dit?
A
drienken
B
driinken
C
dranken
D
drinken

Slide 10 - Quizvraag

Wat is dit?
A
herhalen
B
herhaalen
C
heerhaalen

Slide 11 - Quizvraag

Wat is dit?
A
ziten
B
zitten
C
sitten
D
siten

Slide 12 - Quizvraag

Wat is dit?
A
studeren
B
studeeren
C
stuuderen

Slide 13 - Quizvraag

Wat is dit?
A
vraagen
B
wragen
C
ragen
D
vragen

Slide 14 - Quizvraag

het huis
Werkwoord
geen werkwoord
eten
slapen
het papier
de klas
schrijven
het raam
de deur

Slide 15 - Sleepvraag

Hoe vervoeg je een werkwoord?
1) ik - je/jij erachter       ik-vorm           ik loop/loop jij?
1) je/hij/zij/het                 ik-vorm+t       Jan loopt/Inge loopt
meer dan 1)                      hele woord    wij lopen/jullie lopen

Slide 16 - Tekstslide

Wat is goed:
De jongen ....
A
drink
B
drinkt
C
drinken

Slide 17 - Quizvraag

Ik ..... naar de buurman.
A
luister
B
luistert
C
luisteren

Slide 18 - Quizvraag

Hij ...... zijn naam.
A
zeg
B
zegt
C
zeggen

Slide 19 - Quizvraag

Jullie .... het goed.
A
begrijp
B
begrijpt
C
begrijpen

Slide 20 - Quizvraag

Wij .... koffie.
A
drinkt
B
drink
C
drinken

Slide 21 - Quizvraag

Zij (1 persoon) ...... een brief.
A
schrijf
B
schrijven
C
schrijft

Slide 22 - Quizvraag

Wie     +  werkwoord    + rest
Hakim                                         loopt                                 in de straat.
Miriam                                        leest           vandaag    een boek.
Alle kinderen                          gaan            nu                naar school.
Mijn moeder                           kookt           het eten.

Slide 23 - Tekstslide

Ik
vandaag
loop
naar school.

Slide 24 - Sleepvraag

Tekst
Tekst
Tekst
1
2
3
4
Ik 
knip
met 
de schaar.

Slide 25 - Sleepvraag

Tekst
Tekst
Tekst
1
2
3
4
Ik 
plak
met 
de lijm.

Slide 26 - Sleepvraag

Tekst
Tekst
Tekst
1
2
3
4
Ik 
zit
op
de stoel.

Slide 27 - Sleepvraag

Tekst
Tekst
Tekst
1
2
3
4
Ik 
luister
naar 
de leerkracht.

Slide 28 - Sleepvraag

Tekst
Tekst
Tekst
1
2
3
4
Ik 
typ
een woord
op de computer.

Slide 29 - Sleepvraag

Tekst
Tekst
Tekst
1
2
3
4
Wij
zitten
in
de klas.

Slide 30 - Sleepvraag

Tekst
Tekst
Tekst
1
2
3
4
Shamsullah en Rahimullah
schrijven
in
de map.

Slide 31 - Sleepvraag

Tekst
Tekst
Tekst
1
2
3
4
Wij
vinden
school
leuk.

Slide 32 - Sleepvraag

Ik vond de les
😒🙁😐🙂😃

Slide 33 - Poll

Pak je schrift.
Schrijf 5 of 10 zinnen over school.

Als iedereen klaar is, lezen we om de beurt een zin voor.

Slide 34 - Tekstslide

Ik vond de les
Moeilijk!
Makkelijk

Slide 35 - Poll