Grondwet 1848 herhaling en actualiteit

Herhaling 
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

Onderdelen in deze les

Herhaling 

Slide 1 - Tekstslide

Wat zijn de drie belangrijkste jaartallen van hoofdstuk 3?
A
1840, 1848, 1870
B
1815, 1830, 1840
C
1815, 1840, 1848
D
18:30, 1840, 1848

Slide 2 - Quizvraag

Bij de jaartallen 1815 en 1840 hebben allebei iets te maken met een grondwet. Leg uit per jaartal.

Slide 3 - Open vraag

Noem minimaal drie zaken uit de grondwet van 1848.

Slide 4 - Open vraag

Sinds 1848 hebben we een echter "trias Politica" in Nederland. Welke machten zijn dat, en wie vormt elke macht in Nederland?

Slide 5 - Open vraag

Slide 6 - Video

Bij Prinsjesdag kun je goed zien waar de meeste macht ligt in het Nederlandse Staatsbestel. Bij wie, en waarom?

Slide 7 - Open vraag

Waarom die jaartallen 1815, 1840 en 1848? Leg kort uit per jaartal.

Slide 8 - Open vraag

Grondwet 1848

Slide 9 - Woordweb

Met de grondwet van 1848 werd Nederland een "klassieke rechtsstaat." Wat is dat?

Slide 10 - Open vraag

In de grondwet van 1848 staan een aantal rechten die de Tweede Kamer heeft. Één van die rechten is het Recht van Interpellatie. Wat was dat ook weer?
A
Het recht vragen te mogen stellen aan de regering.
B
Het recht om buiten de regering om grote kwesties te onderzoeken.
C
Het recht van kamerleden om een wetsvoorstel in te dienen.
D
Het recht van kamerleden om ministers ter verantwoording te roepen.

Slide 11 - Quizvraag

Slide 12 - Link

Slide 13 - Video

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Video

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Video

Stelling: Het Recht van Interpellatie geeft de kern van de grondwet van 1848 weer. Leg die stelling uit.

Slide 18 - Open vraag