10.3 Krachten samenstellen

Startopdracht:
Stijn moet een kracht van 75 N naar rechts tekenen met een krachtenschaal van 1 cm ≙ 15 N.
Teken de kracht
1 / 17
volgende
Slide 1: Open vraag
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 4

In deze les zitten 17 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 10 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Startopdracht:
Stijn moet een kracht van 75 N naar rechts tekenen met een krachtenschaal van 1 cm ≙ 15 N.
Teken de kracht

Slide 1 - Open vraag

10.3 Krachten samenstellen
  • 10.3.1 Je kunt situaties beschrijven waarin twee krachten elkaar opheffen.
  • 10.3.2 Je kunt de resultante berekenen als twee (of meer) krachten in dezelfde richting werken.
  • 10.3.3 Je kunt de resultante berekenen als twee krachten in tegenovergestelde richting werken.
  • 10.3.4 Je kunt twee krachten samenstellen door een nauwkeurige tekening op schaal te maken.
  • 10.3.5 Je kunt de grootte van getekende krachten bepalen met behulp van een krachtenschaal.

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Resultante / nettokracht
Krachten die dus in dezelfde lijn liggen kun je bij elkaar op tellen (als ze dezelfde kant opgaan) of van elkaar aftrekken (als ze tegenovergesteld staan).

Slide 5 - Tekstslide

Krachten samenstellen
De resultante is de optelsom van alle krachten, ook wel nettokracht of somkracht genoemd.

Slide 6 - Tekstslide

Twee Krachten samenstellen
Krachten kunnen 3 "effecten" hebben. Vormverandering, bewegingsverandering, snelheidsverandering
of geen zichtbare gevolgen. In die laatste situatie spreken we over evenwicht. 

De krachten zijn dan aan beide kanten even groot waardoor er niets lijkt te gebeuren. 

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

Waar gaat deze boot heen? 

Slide 9 - Tekstslide

10.3 Krachten samenstellen
Als krachten in andere richtingen gaan wordt het lastiger om krachten op te tellen, we gebruiken daarvoor de
parallellogram methode. 

Bij deze methode gaan we de krachten zo tekenen dat er een parallellogram ontstaat.

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

Parallelogram

Slide 12 - Tekstslide

Krachten 
construeren

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Video

Wat is de
nettokracht?
A 25 N ->
B 225 N ->
C 1,25 N ->
D 12500 N ->
A
25N
B
225N
C
1,25N
D
12500N

Slide 15 - Quizvraag

Wat is de grootte en richting van de nettokracht?
A 510 N links
B 510 N rechts
C 130 N links
D 130 N rechts
A
510 Newton naar links
B
510 newton naar rechts
C
130 Newton naar links
D
130 Newton naar rechts

Slide 16 - Quizvraag

Bereken de nettokracht op de scooter.

Slide 17 - Open vraag