les 8 Geld moet rollen

§ 2.4 Geld moet rollen
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

§ 2.4 Geld moet rollen

Slide 1 - Tekstslide

Js 2.4
EM 2.2
SK 3.4
svdv 7.2

Slide 2 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet je nog van
§ 2.3 Wie leent, maakt schulden

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

§ 2.4 Geld moet rollen

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
In deze les leer je:
  • op welke manieren je geld gebruikt
  • hoe banken bemiddelen bij vraag naar en aanbod van geld
  • hoe de hoogte van de rente bepaald wordt
  • hoe banken geld verdienen

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Soorten geld
Chartaal geld
Giraal geld

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geldfuncties
Ruilmiddel
Rekenmiddel
Spaarmiddel

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Als ik betaal, gaat het geld meteen van mijn betaalrekening af.
A
pinpas
B
creditcard
C
beide

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het saldo?
Creditsaldo: een positief saldo, ‘in de plus’
Debetsaldo: een negatief saldo, rood staan of ‘in de min’
Nieuw saldo berekenen:


Bekijk het rekeningoverzicht op de telefoon.
Wat is het saldo op dit moment?
€ 2.452,20
Hoeveel was het saldo op 24 maart?
€ 2.452,20 + € 4,75 + € 9,20 = € 2.466,15






Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De rol van de bank en de ECB
Banken bemiddelen tussen de vraag naar geld en het aanbod van geld.
Aanbod van geld: komt van spaarders, de bank betaalt hun rente als vergoeding.
Vraag naar geld: komt van gezinnen en bedrijven die geld willen lenen, zij betalen rente.

Rente = de prijs van geld.
Rente hoog → meer sparen, minder lenen
Rente laag → minder sparen, meer lenen

ECB (Europese Centrale Bank) = de centrale bank voor de eurozone.
De ECB bepaalt voor alle eurolanden de basisrente.



Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

ECB kan rente laten dalen of stijgen..

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Winst voor de bank
Banken verdienen geld met:
regelen girale betalingen en ontvangsten
  • sparen
  • lenen
  • verzekeren
Creditrente: rente over tegoeden, lager dan debetrente.
Debetrente: rente over tekorten, hoger dan creditrente.
Het verschil is (bruto)winst voor de bank.


Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Afsluiten

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Weet je waarom mensen lenen en waarop je moet letten als je geld leent


Ja
Nee
Ik moet hier nog op studeren

Slide 15 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Weet je hoe je de kosten van een lening berekent


Ja
Nee
Ik moet hier nog op studeren

Slide 16 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Weet je wat voor leningen een bank verstrekt



Ja
Nee
Ik moet hier nog op studeren

Slide 17 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Weet je hoe een leverancier krediet kan geven
Ja
Nee
Ik moet hier nog op studeren

Slide 18 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Weet je wat het bijzondere is van een hypothecaire lening

Ja
Nee
Ik moet hier nog op studeren

Slide 19 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Extra uitleg
Kijk voor meer uitleg de volgende video's

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 21 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Video

Deze slide heeft geen instructies