In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 50 min
Onderdelen in deze les
H1: Jagers en Boeren
... tot ongeveer 3000 V.chr
Slide 1 - Tekstslide
Slide 2 - Tekstslide
Waarom is geschiedenis belangrijk?
Kan gewoon leuk zijn, interessant of spannend!
Het verleden leert ons de huidige wereld om ons heen beter te begrijpen
Slide 3 - Tekstslide
Leerdoel(en)
Je beschrijft hoe jagers-verzamelaars leefden.
Je beschrijft manieren waarop we jagers en verzamelaars onderzoeken.
Slide 4 - Tekstslide
Deze les
Leer jij...
Hoe de eerste mensen samenleefden
Hoe we dingen weten over deze mensen
Welke soorten samenlevingen er zijn.
Wat het verschil is tussen oorzaken en gevolgen.
Slide 5 - Tekstslide
Historische vaardigheden
Geschiedenis
Prehistorie:Geschiedenis van de tijd voordat mensen dingen opschreven en bewaard zijn gebleven.
Historie:Geschiedenis van tijd dat mensen het schrift hebben uitgevonden en mensen dingen opschreven die bewaard zijn gebleven.
Slide 6 - Tekstslide
Jagen en verzamelen.
Ongeveer 13.500 jaar geleden eindigde de laatste ijstijd. Het werd warmer op aarde en gebieden die altijd bevroren waren werden bewoonbaar, waaronder Nederland.
Slide 7 - Tekstslide
Historische vaardigheden
Oorzaak en gevolg.
Er kunnen meerdere oorzaken en gevolgen zijn.
Oorzaak: Waarom of waardoor iets gebeurt
Gevolg: Datgene wat na de oorzaak komt
Voorbeeld: Ongeveer 13.500 jaar geleden werd het warmer op aarde, hierdoor eindigde de laatste ijstijd.
Slide 8 - Tekstslide
Jagen en verzamelen.
Mensen kwamen aan voedsel door te jagen op dieren en het verzamelen van planten, noten en vruchten. Dit was hun Middel van bestaan.
Middel van bestaan:manier om aan voedsel
te komen.
Slide 9 - Tekstslide
Geen vaste woonplaats
Jager- verzamelaars:Mensen die leefden van de jagen en verzamelen.
Nomade: iemand die rondtrekt
zonder vaste woonplaats
Slide 10 - Tekstslide
Hoe weten we dat allemaal?
Onderzoek en kennis van wat in het verleden is gebeurd noemen we geschiedenis. Om het verleden te leren hebben wij bronnen nodig.
1. Geschreven bron:stukken tekst uit het verleden.
Boeken, manuscripten, hiërogliefen.
2. Ongeschreven bron:voorwerpen uit het
verleden zoals wapens, schilderijen, foto’s, beelden
Slide 11 - Tekstslide
Hoe weten we dat allemaal? TL + HAVO
Soorten bronnen
Primaire bronnen: Primaire bronnen komen uit de tijd waar de bron over gaat. Achtergelaten door iemand die aanwezig was bij de gebeurtenissen waar de bron over gaat.
BV: Dagboek Anne Frank
Secundaire bronnen: Primaire bronnen gaan over het verleden maar komen niet uit de tijd waar de bron over gaat. Achtergelaten door iemand die niet aanwezig was bij de gebeurtenissen waar de bron over gaat.
BV: School/geschiedenisboek
Slide 12 - Tekstslide
Slide 13 - Tekstslide
Bronnen: Hoe weten we dat allemaal?
Archeologie
Experimentele archeologie
Bestudering van tegenwoordige jager- verzamelaars
Slide 14 - Tekstslide
Soorten samenlevingen.
In de geschiedenis onderscheiden we vijf soorten Samenlevingen: (maatschappijen) hoe een grote groep mensen samenleeft.
Samenleving van de jager-verzamelaars
Landbouwsamenleving
Landbouw-stedelijke samenleving
Industriële samenleving
Informatie samenleving
Slide 15 - Tekstslide
Wat is een middel van bestaan?
A
Hoe je woont
B
Hoe je aan kleding komt
C
Hoe je aan voedsel komt
Slide 16 - Quizvraag
Wat waren de middelen van bestaan van de jager-verzamelaars?
Slide 17 - Open vraag
Welke twee soorten bronnen heb je deze les geleerd?
Slide 18 - Open vraag
Hoe weten wij hoe mensen duizenden jaren geleden leefden?
A
Onderzoeken van overblijfselen
B
Naspelen hoe mensen toen leefden
C
Kijken naar mensen die vandaag de dag nog zo leven.
Slide 19 - Quizvraag
In welke samenleving leven wij nu?
A
Landbouw samenleving
B
Jagers - verzamelaars samenleving
C
Informatiesamenleving
Slide 20 - Quizvraag
Samenleving van de jager-verzamelaars
landbouwsamenleving
landbouw-stedelijke samenleving
industriële samenleving
informatie samenleving
Slide 21 - Sleepvraag
Aan de slag!
Maken paragraaf 1.1. Als je klaar bent met oefenen, dan ga je het leerdoel proberen te beantwoorden in je schrift
Je mag fluisterend met je groepje overleggen. Je maakt je eigen oefeningen.
Laat je antwoord op je leerdoel checken door de docent, zo weet je zeker dat je het goed hebt.
Wij gebruiken cookies om jouw gebruikerservaring te verbeteren en persoonlijke content aan te bieden. Door gebruik te maken van LessonUp ga je akkoord met ons cookiebeleid.