In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.
Onderdelen in deze les
7.1 Soorten
Slide 1 - Tekstslide
Leerdoelen
Je herkent abiotische en biotische factoren.
Je interpreteert gegevens uit een tolerantiediagram.
Je bepaalt de indeling van soorten in groepen op basis van hun wetenschappelijke soortnaam.
Slide 2 - Tekstslide
Slide 3 - Video
Slide 4 - Video
Slide 5 - Tekstslide
Verspreiding van soorten
- Voor iedere abiotische factor heeft elke soort zijn eigen tolerantiegebied. Bij waarden buiten de tolerantiegrenzen sterven alle organismen van dat soort.
- Optimumwaarden
Slide 6 - Tekstslide
Slide 7 - Tekstslide
Soort
Een soort is een groep organismen die zich onderling geslachtelijk voortplanten en vruchtbare nakomelingen krijgen.
Slide 8 - Tekstslide
Linnaeus
Bedacht wetenschappelijke naam en een systeem van ordening.
Hij plaatste groepen in steeds grotere groepen.
Bron 3
BINAS 92A+B
Slide 9 - Tekstslide
Naamgeving
De wetenschappelijke naam van een soort bevat twee delen:
1. Geslacht (groep verwante soorten) met een hoofdletter
2. soort
Soms volgt er nog een afkorting of naam van de ondersoort of toevoeging van persoon die het soort als eerste beschreven heeft.
Slide 10 - Tekstslide
Rassen
Een nieuw ras is een groep organismen met nieuwe eigenschappen vanuit een bestaand dier- of plantensoort.
Slide 11 - Tekstslide
Wat zijn biotische factoren?
A
dieren, planten, schimmels en bacterien
B
planten, schimmels en dieren
C
dieren en planten
D
dieren, planten en bacterien
Slide 12 - Quizvraag
Wat is een biotische factor?
A
Regen
B
Temperatuur
C
Grondsoort
D
Gras
Slide 13 - Quizvraag
Wat is geen abiotische factor?
A
Water
B
Lucht
C
Aarde
D
Nestgelegenheid
Slide 14 - Quizvraag
Wat is een abiotische factor?
A
Lucht
B
Concurrentie
C
Voedsel
D
Ziekteverwekkers
Slide 15 - Quizvraag
Wat is een biotische invloed?
A
Een rivier
B
Een heuvel van een berg
C
Een aantal roofdieren
D
Een koude luchtstroom
Slide 16 - Quizvraag
Wat is geen biotische factor
A
aantal rijpe bananen in het woud
B
aantal gorilla's in het woud
C
aantal chimpansees in het woud
D
de hoeveelheid regen in het woud.
Slide 17 - Quizvraag
Tolerantiegebied
timer
1:00
Minimum temperatuur
Maximum temperatuur
Optimum temperatuur
Slide 18 - Sleepvraag
Kies de juiste stelling over het tolerantiegebied van een abiotische factor.
A
hoe KLEINER het tolerantiegebied, hoe HOGER de overlevingskans
B
hoe GROTER het tolerantiegebied, hoe HOGER de overlevingskans
C
hoe GROTER het tolerantiegebied, hoe KLEINER de overlevingskans
D
Het tolerantiegebied heeft geen invloed op de overlevingskansen
Slide 19 - Quizvraag
Is het tolerantiegebied van een organisme een biotische factor of een abiotische factor?
A
Biotische factor
B
Abiotische factor
Slide 20 - Quizvraag
Welke soort heeft het grootste tolerantiegebied voor temperatuur?
A
A
B
B
C
C
D
D
Slide 21 - Quizvraag
Wat is van de volgende soorten de geslachtsnaam en de soortaanduiding:
a) Lepus europaeus d) Motacilla alba yareli
Slide 22 - Open vraag
Geef de juiste volgorde van het systeem van ordening.