Aanplant van heesters, coniferen en klimplanten

Aanplant van heesters, coniferen en klimplanten
1 / 30
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Aanplant van heesters, coniferen en klimplanten

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Op welke manieren kun je een heester toepassen?

Slide 3 - Open vraag

Wat is een veel voorkomend probleem bij de toepassing van heesters?
A
verschil in snoeisnelheid
B
snoeiachterstanden
C
voldoende ruimte voor de heesters
D
duidelijk eindbeeld

Slide 4 - Quizvraag

Hoe heet deze situatie?

Slide 5 - Open vraag

Slide 6 - Tekstslide

Wat hoort bij duurzaamheid?
A
biodiversiteit
B
afstand en manier van transport
C
manier van kweken
D
alles hoort bij duurzaamaheid

Slide 7 - Quizvraag

Wat houdt de afkorting C2 in als het gaat om kwaliteit en maat?
A
De heester wordt geleverd in een pot van 2 dm. doorsnede
B
De heester wordt geleverd in een container/plasticzak met een doorsnede van 2 dm.
C
De heester wordt geleverd met takken van 2 dm. hoog
D
De heester wordt geleverd in een container/plastic zak van 2 liter

Slide 8 - Quizvraag

Wat houdt dat de kwaliteit/maat 60-80 is?
A
De heester wordt geleverd in een pot tussen de 60-80 mm.
B
De heester wordt geleverd met een lengte tussen de 60-80 cm.
C
De heester die wordt geleverd is tussen de 60-80 weken oud
D
Geen van de antwoorden is juist

Slide 9 - Quizvraag

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Wat is de beste planttijd voor bladhoudende heesters
A
nov-febr (behalve bij vorst), want dan is de heester in rust
B
mrt-mei, want dan start de heester met groeien en kan die vastgegroeid de zomer in
C
juni-aug, want dan is het lekker warm buiten
D
aug-okt, want dan kan de heester wortelen voor de winter

Slide 14 - Quizvraag

Wat is de beste planttijd voor bladverliezende heesters
A
okt-apr (behalve bij vorst), want dan is de heester in rust en kan die zich vastgroeien voor het voorjaar
B
mei-aug, want dan start de heester met groeien en kan die vastgegroeid de zomer in
C
aug-okt, want dan is het lekker warm buiten

Slide 15 - Quizvraag

Wat is de beste planttijd voor heesters in container
A
okt-apr (behalve bij vorst), want dan is de heester in rust en kan die zich vastgroeien voor het voorjaar
B
mei-aug, want dan start de heester met groeien en kan die vastgegroeid de zomer in
C
aug-okt, want dan is het lekker warm buiten
D
het hele jaar door, behalve bij vorst.

Slide 16 - Quizvraag

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Waar denk jij aan bij grondbewerking?

Slide 19 - Woordweb

Bij grondbewerking kun je denken aan:
 - Structuur / structuurbederf (bijv. bewerken bij natte omstandigheden)
 - Machinekeuze
 - Bodemverbetering:  Hoe / waarmee / hoeveelheden?
 - Vrij van wortelonkruiden.
 - Vrij van puin / bouwmaterialen

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Verwerken van plantmateriaal:
Beoordelen geleverde materialen:
 volgens bestellijst / offerte
Waarop?
 Aantal
 Soorten (sortimentskennis / label)
 Maat
 Kwaliteit (plant > maar ook beworteling / kluit)




Slide 22 - Tekstslide

Hoeveel groter dan de kluit maak je het plantgat van een heester?
A
aan alle kanten 5 cm.
B
Half keer zo groot
C
Een derde keer zo groot
D
Een kwart keer zo groot

Slide 23 - Quizvraag

Hoe heet dit plantverband?
A
Rechthoek plantverband
B
Wild plantverband
C
Driehoek plantverband
D
Verspringend plantverband

Slide 24 - Quizvraag

Hoe heet dit plantverband?
A
Rechthoek plantverband
B
Wild plantverband
C
Driehoek plantverband
D
Verspringend plantverband

Slide 25 - Quizvraag

Hoe heet dit plantverband?
A
Rechthoek plantverband
B
Wild plantverband
C
Driehoek plantverband
D
Verspringend plantverband

Slide 26 - Quizvraag

Slide 27 - Tekstslide

Wat is inboeten?
A
De planten die ziek zijn vervangen
B
De planten die dood zijn na één groeiseizoen vervangen
C
De planten inventariseren (kijken wat er staat)
D
De planten die de klant niet mooi vindt vervangen

Slide 28 - Quizvraag

Wanneer ga je inkuilen?

Slide 29 - Open vraag

Opdracht
Maak bij de aanvullingen in cumlaude hoofdstuk 4.

Slide 30 - Tekstslide