les 5 grammatica - taalkundig ontleden 1

Welkom A2I
1 / 30
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 70 min

Onderdelen in deze les

Welkom A2I

Slide 1 - Tekstslide

Programma
  1. Nakijken
  2. Doel benoemen
  3. Brain dump
  4. Herhaling  taalkundig ontleden
  5. Zelf aan de slag
  6. Afsluiting en vooruitblik

Slide 2 - Tekstslide

Nakijken 
Les 11 opdracht 1, 2, 3, 6A/B en 7 pagina 46/49

Slide 3 - Tekstslide

Doel

Na deze les kun je verschillende woordsoorten herkennen in een zin.

Slide 4 - Tekstslide

Braindump
Wat weet je over taalkundig ontleden
timer
2:00

Slide 5 - Tekstslide

Wat hoort bij taalkundig ontleden?
A
lidwoord
B
persoonsvorm
C
onderwerp
D
lijdend voorwerp

Slide 6 - Quizvraag

Wat hoort bij taalkundig ontleden?
A
gezegde
B
onderwerp
C
bijwoord
D
meewerkend voorwerp

Slide 7 - Quizvraag

Wat hoort bij taalkundig ontleden?
A
lijdend voorwerp
B
hulpwerkwoord
C
persoonsvorm
D
bijwoordelijke bepaling

Slide 8 - Quizvraag

Taalkundig ontleden
Bij taalkundig ontleden bepalen we van elk woord in de zin wat voor woordsoort het is.

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Tekstslide

Wie maakt wat?

Had je alle vragen goed? Dan mag je zelfstandig aan het werk
Les opdracht 1A/B/C, 2, 3A/B/C en 4A/B/C op blz. 23


De rest doet mee met de instructie 

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

De musical Sunset Boulevard speelt zich af in het Hollywood van de jaren vijftig.

Het woord ‘musical’ is een….
A
bijwoord
B
zelfstandig naamwoord
C
lidwoord
D
voorzetsel

Slide 19 - Quizvraag

De musical Sunset Boulevard speelt zich af in het Hollywood van de jaren vijftig.

Het woord ‘speelt' is een….
A
bijwoord
B
zelfstandig naamwoord
C
werkwoord
D
voorzetsel

Slide 20 - Quizvraag

De musical Sunset Boulevard speelt zich af in het Hollywood van de jaren vijftig.

Het woord ‘van' is een….
A
lidwoord
B
zelfstandig naamwoord
C
werkwoord
D
voorzetsel

Slide 21 - Quizvraag

De musical Sunset Boulevard speelt zich af in het Hollywood van de jaren vijftig.

Het woord ‘vijftig' is een….
A
bijvoeglijk naamwoord
B
zelfstandig naamwoord
C
werkwoord
D
voorzetsel

Slide 22 - Quizvraag

De musical Sunset Boulevard speelt zich af in het Hollywood van de jaren vijftig.

Het woord ‘de' is een….
A
bijvoeglijk naamwoord
B
zelfstandig naamwoord
C
werkwoord
D
lidwoord

Slide 23 - Quizvraag

Zelf aan de slag

  • Les 5 opdracht 1A/B/C, 2, 3A/B/C en 4A/B/C  blz. 22 en 23.
  • Klaar? Pak je stilleesboek en ga stillezen.     
  • Je mag zachtjes overleggen met je buur. 
  • Je maakt de opdrachten in je schrift!
  • Let op spelling en het maken van goede zinnen!

Slide 24 - Tekstslide

Lesdoelcheck!
Wat is taalkundig ontleden?

Slide 25 - Open vraag

Lesdoelcheck!
Noteer de afkortingen van de verschillende woordsoorten.

Slide 26 - Open vraag

Huiswerk
  • Het huiswerk is opdracht 1 t/m 3 op pagina 23 van je boek. 
  • Bekijk deze opdrachten even. 
  • Noteer in je schrift hoeveel tijd je kwijt denkt te zijn en time dit weer eens een keer! 

Slide 27 - Tekstslide

Opdracht 1 nakijken
a zelfstandige naamwoorden: musical, Sunset Boulevard, Hollywood, jaren vijftig
lidwoorden: de, het, de
b zelfstandige naamwoorden: regie, musical, zin, woord
bijvoeglijke naamwoorden: ouderwets, goede
lidwoorden: de, het
c zelfstandige naamwoorden: privacywet, weken, sportverenigingen, Nederland, administratie
bijvoeglijke naamwoorden: nieuwe, Europese, duizenden
lidwoorden: de
d zelfstandige naamwoorden: Sportverenigingen, toestemming, ouders, foto’s, jeugdleden
e zelfstandige naamwoorden: aantal, vliegbewegingen, Schiphol, jaren
bijvoeglijke naamwoorden: afgelopen
lidwoorden: het, dE
f zelfstandige naamwoorden: circusvrachtwagen, olifanten, maandag, snelweg, Spanje
lidwoorden: een, een

Slide 28 - Tekstslide

Opdracht 2 nakijken
a in, van
b aan, in, van
c over, in, in
d onder, van, van
e van, naar
f met, langs

Slide 29 - Tekstslide

Opdracht 3 nakijken
a ooit
b explosief
c altijd, daar, wel
d zeker, nog, langer
e waarom, ook, altijd
f morgen, minstens

Slide 30 - Tekstslide