6.4 Noordelijk bezoek

6.4
Noordelijk bezoek.
1 / 44
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 44 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 5 videos.

Onderdelen in deze les

6.4
Noordelijk bezoek.

Slide 1 - Tekstslide

Hier zie je een hele bekende schoolplaat over de Vikingen. Kun jij alle onderdelen vinden? 
Plunderaar met helm
Loopplank
Drakekop
Zeil
Muzikant
Plundering/brand

Slide 2 - Sleepvraag

Slide 3 - Tekstslide

Leerdoel
Aan het eind van deze les kun je herkennen en uitleggen welke rol de Noormannen speelden in Europa in de vroege middeleeuwen .

Slide 4 - Tekstslide

Leerdoelen
  • Je kunt voorbeelden geven van de invloed van de Noormannen op Noord-Europa.
  • Je kunt verschillende voorbeelden geven waarom de plunderingen van de Noormannen in de elfde eeuw afgenomen zijn.
  • Je kunt de betrouwbaarheid van bronnen controleren aan de hand van auteur, inhoud en tijd.

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Wat weet je van de
Noormannen?

Slide 7 - Woordweb

Vikingen
  • De Vikingen waren een Germaans volk, net als de Friezen.

  • De Vikingen waren echter niet 
    " bekeerd"  tot het Christendom, maar geloofden in de Germaanse goden.

Slide 8 - Tekstslide

Germaanse/Noorse Mythologie
  • De mensen in noord Europa geloofden in goden met de namen Wodan/Odin en Donar/Thor en nog vele andere.

  • Wij vieren nu kerst en andere feesten op de momenten dat deze mensen hun religieuze feesten vierden.

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

  • 'Vik' betekent zoiets als fjord.
  • De vikingen in  Noorwegen woonden bij fjorden.

Slide 12 - Tekstslide

Hoe zag een viking eruit? Sleep het plaatje naar het juiste vak,
Verzonnen / niet waar 
Feit / waar

Slide 13 - Sleepvraag

Stripboeken
De serie Vikings

Slide 14 - Tekstslide

Dit is GEEN viking helm
Ze dronken NIET uit de schedels van hun vijanden

Slide 15 - Tekstslide

Dit is een vikinghelm

Slide 16 - Tekstslide

  • Vikingen hielden van lange baarden.

  • Deze verzorgden ze goed.

  • Soms versierden ze de baarden en hadden ze er vlechten in.

Slide 17 - Tekstslide

Noormannen
  • Rond het jaar 900 vertrekken de Noormannen (of Vikingen) vanuit Scandinavie.

  • De Vikingen hebben erg goede schepen.

  • Ze gebruikten hun schepen om handel te drijven, maar ook om op rooftocht te gaan.
De Vikingen geloofden dat ze in het Walhalla (de Vikinghemel) kwamen als zij dapper vochten. Sterven in de strijd was de hoogte mogelijke eer.
Valt het je ook op dat de Vikingen op de afbeelding helmen zonder hoorns dragen... Dat komt omdat de hoorns er later bij bedacht zijn, in het echt hadden ze dat helemaal niet!

Slide 18 - Tekstslide

De schepen van de Noormannen

Slide 19 - Tekstslide





Schepen
Om te reizen bouwden de Vikingen goede schepen, de bekendste is het langschip. Dit schip was snel en licht, en geschikt voor handel en oorlog. Ze konden met die schepen goed op de zee en goed op de rivieren varen, een groot voordeel!
Op de voorkant werd vaak uit hout een draken- of slangenkop gesneden om tegenstanders bang te maken en boze geesten te verjagen.

Slide 20 - Tekstslide

Karvi 15 meter 13 roeiplaatsen
Snekkja 17 meter 16 roeiplaatsen

Slide 21 - Tekstslide

Skeid 30 meter
Drakkar 30 roeiplaatsen

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Video

Plunderen
  • Elke zomer tussen 800 en 900
  • Door heel Europa
  • Weinig weerstand
  • Veel schatten

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

Karel de Grote komt in conflict met de Noormannen:

  • 1. zijn vijanden, de Saksen, waren vrienden van de Noormannen.
  • 2. De Noormannen wilden de rijkdommen uit zijn gebied veroveren.
  • 3. De Noormannen wilden zich niet bekeren tot het Christendom.


Slide 28 - Tekstslide

Aantekeningen

Slide 29 - Tekstslide

Vanaf de 11e eeuw minder plunderingen, want:
  • de Noormannen vermengden zich met de plaatselijke bevolking.

  • de Noormannen bekeerden zich tot het Christendom.

  • de Noormannen sloten verdragen met de vorsten in Europa 
        (Normandië in leen)

  • In 911 een vredesverdrag getekend tussen de West-Frankische koning Karel de Eenvoudige en de Noorman Rollo. In dit verdrag werd de Franse streek Normandië aan de Noormannen in leen gegund in ruil voor een einde aan de plundertochten.

Slide 30 - Tekstslide

Vikingen/Noormannen
Kenmerken:
  • Denemarken, Zweden, Noorwegen
  • Kleine dorpjes.
  • Goede boten.
  • Voedseltekort in Scandinavië.
  • Handel en oorlog.
  • Walhalla.

Slide 31 - Tekstslide

Waarom gingen vooral de jongere broers bij de Noormannen op reis?

Slide 32 - Open vraag

De Vikingen kwamen van IJsland.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 33 - Quizvraag

Waarom was het voor de Vikingen makkelijk om kloosters te veroveren?

Slide 34 - Open vraag

Geef twee redenen waarom de verteller niet meer ging veroveren.

Slide 35 - Open vraag

Wijs het juiste leefgebied van de Vikingen aan op de kaart.

Slide 36 - Sleepvraag

Sleep de afbeeldingen naar het juiste vak. Kies of de afbeelding een oorzaak of gevolg is van de komst van de vikingen.
                         
Oorzaak
Gevolg

Slide 37 - Sleepvraag

Welke landen hebben de Vikingen allemaal ontdekt?
A
Walhalla - IJsland - Amerika
B
IJsland - Groenland - Amerika
C
Walhalla - IJsland - Groenland
D
Walhalla - Groenland - Amerika

Slide 38 - Quizvraag

Slide 39 - Video

vaardigheid: Betrouwbaarheid van bronnen.

Slide 40 - Tekstslide

Bron betrouwbaar?
  1. veel bronnen vergelijken.
  2. reden van de schrijver van de bron:
  • over welke gebeurtenis of persoon gaat de bron?
  • was de schrijver erbij?
  • heeft de schrijver een reden om goed of slecht over de gebeurtenis/bron te schrijven?

Slide 41 - Tekstslide

Bron betrouwbaar?
Auteur (objectief?)
Tekst (meningen of feiten?)
Tijd (uit de tijd zelf of later?)

Slide 42 - Tekstslide

Aantekeningen

Slide 43 - Tekstslide

Slide 44 - Video