D-toets

Plaatsbepalingen
Schrijf op waar de voorwerpen/personen zich bevinden. 





José
Carmen
José está enfrente de Carmen
1 / 51
volgende
Slide 1: Tekstslide
SpaansMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

In deze les zitten 51 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Plaatsbepalingen
Schrijf op waar de voorwerpen/personen zich bevinden. 





José
Carmen
José está enfrente de Carmen

Slide 1 - Tekstslide

¿Dónde está la manzana?
<-- caja

Slide 2 - Open vraag

¿Dónde está la pelota?

Slide 3 - Open vraag

¿Dónde está el oso?

Slide 4 - Open vraag

¿Dónde está el perro?
klik hier
de kraan = el grifo

Slide 5 - Open vraag

¿Dónde está el perro?
klik hier
de kraan = el grifo

Slide 6 - Open vraag

¿Dónde está el elefante?

Slide 7 - Open vraag

¿Dónde está el gato?
klik hier
de doos = la caja

Slide 8 - Open vraag

¿Dónde está el perro?

Slide 9 - Open vraag

¿Dónde está el póster?

Slide 10 - Open vraag

El verbo estar

Vul de juiste vorm in van het 
werkwoord estar.

Slide 11 - Tekstslide

¿Dónde __________ María y Pablo?

Slide 12 - Open vraag

Yo____________ en el instituto.

Slide 13 - Open vraag

¿La farmacia __________ por aquí?

Slide 14 - Open vraag

Máma, ¿dónde _________ mis libros?

Slide 15 - Open vraag

La cama __________ al lado del armario.

Slide 16 - Open vraag

- ¿Cómo ________? * Muy bien, ¿y tú?

Slide 17 - Open vraag

Maak de vragen over de vervoersmiddelen.

Slide 18 - Tekstslide


Paco va al trabajo_____
Maak de zinnen af met de ontbrekende woorden.

Slide 19 - Open vraag


Vamos al colegio______
Maak de zinnen af met de ontbrekende woorden.

Slide 20 - Open vraag


Vamos a Ibiza______
Maak de zinnen af met de ontbrekende woorden.

Slide 21 - Open vraag


Carlos siempre va______ al trabajo.
Maak de zinnen af met de ontbrekende woorden.

Slide 22 - Open vraag


No podemos viajar_____
Maak de zinnen af met de ontbrekende woorden.

Slide 23 - Open vraag


¿Vais _____ a Barcelona?
Maak de zinnen af met de ontbrekende woorden.

Slide 24 - Open vraag


Mañana voy_____ a Amsterdam.
Maak de zinnen af met de ontbrekende woorden.

Slide 25 - Open vraag

Vul de vragen in over de voorzetsels [a], [de] & [en].

Slide 26 - Tekstslide


Vamos al centro ________ metro.
Vul het juiste voorzetsel in: a / en/ de

Slide 27 - Open vraag


Adiós mamá, voy ______ casa de Pepe.
Vul het juiste voorzetsel in: a / en/ de

Slide 28 - Open vraag


¿Cómo vamos? ______ taxi?
Vul het juiste voorzetsel in: a / en/ de

Slide 29 - Open vraag


Soy ______ Sevilla.
Vul het juiste voorzetsel in: a / en/ de

Slide 30 - Open vraag


¿Vas ______ la fiesta de Paula?
Vul het juiste voorzetsel in: a / en/ de

Slide 31 - Open vraag

Vertaal de volgende woorden naar het Spaans.

Slide 32 - Tekstslide


de plattegrond

Slide 33 - Open vraag

het platteland

Slide 34 - Open vraag

de ingang

Slide 35 - Open vraag

de boom

Slide 36 - Open vraag

de beer

Slide 37 - Open vraag

Vertaal de volgende woorden naar het Nederlands.

Slide 38 - Tekstslide

la guía

Slide 39 - Open vraag

de madera

Slide 40 - Open vraag

el pájaro

Slide 41 - Open vraag

la primera vez

Slide 42 - Open vraag

la cantimplora

Slide 43 - Open vraag

Bekijk het filmpje en maak daarna de sleepvragen over de regelmatige werkwoorden  -[ar], -[er], -[ir].

Slide 44 - Tekstslide

Slide 45 - Video

Sleep het antwoord naar de juiste plek!
3.  ................ escucho música en mi habitación.
1. ..............hablas con amigos en el salón.
2. ..............camina por el parque.
5. .............................trabajamos en el hotel.
4. ................cantáis muy bien.
6. .........................cantan en la ducha.
Yo
Tú y Carlos
Nosotros
Pedro
Ellos

Slide 46 - Sleepvraag

Sleep de -AR werkwoorden naar de juiste plek.
3.  Yo...................perfectamente el inglés.
1. Tú...............la salsa y el flamenco.
2. Pedro.............música española en su dormitorio.
5. Nosotros..................bien.
4. Carlos y tú .............por el parque.
6. Juan y María .......................en la escuela.
hablo
bailas
escucha
camináis
cantamos
estudian

Slide 47 - Sleepvraag

Sleep de -ER werkwoorden naar de juiste plek.
3.  Yo................un libro en el salón.
1. Tú.............paella.
2. Pedro.............en la cocina.
5. Nosotros..................un café y un refresco.
4. Carlos y tú............holandés.
6. Juan y María .......................francés.
leo
comes
come
aprendéis
bebemos
aprenden

Slide 48 - Sleepvraag

Sleep de -IR werkwoorden naar de juiste plek.
3.  Yo................un correo electrónico.
1. Tú.............la puerta.
2. Pedro.............en Barcelona.
5. Nosotros..................en Helmond.
4. Carlos y tú............en el salón.
6. Juan y María......un Whatsapp a sus amigos.
escribo
abres
vive
discutís
vivimos
escriben

Slide 49 - Sleepvraag

Maak de volgende opdracht in je schrift. Ben je klaar? Klik dan op het envelopje om de antwoorden na te kijken. 

Slide 50 - Tekstslide

Maak de vragen en kijk jezelf na
  1. trabajan
  2. escribe
  3. abren
  4. bebemos
  5. camina
  6. vivo
  7. discutís
  8. estudias
  9. viven
  10. come
1) Ellas _________________________________ (trabajar) en España.
2) Nélida _______________________________ (escribir) una carta.
3) Carla y Penélope nunca ______________ (abrir) la puerta.
4) Juan y yo _________________________ (beber) agua mineral..
5) Yo ______________________________________(vivir) España.
6) Tú y ella siempre _______________________(discutir) .
7) Tú ________ (estudiar) en la biblioteca.
8) Ella _________ (comer) paella.

Slide 51 - Tekstslide