elektra les 1

Kennen en Kunnen
  • Herinneren wat er in klas 2 is besproken.
  • Weten wat een stroombron is.
  • Weten wat een stroomkring is.
  • De stroomsterkte kunnen meten.
  • Wat gebeurt er met de stroomsterkte bij een vertakking.
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

In deze les zitten 12 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Kennen en Kunnen
  • Herinneren wat er in klas 2 is besproken.
  • Weten wat een stroombron is.
  • Weten wat een stroomkring is.
  • De stroomsterkte kunnen meten.
  • Wat gebeurt er met de stroomsterkte bij een vertakking.

Slide 1 - Tekstslide

Wat heb je geleerd in de vorige klassen over (elektrische) stroom?

Slide 2 - Woordweb

Wat weet  je  al!
  • In huis is de spanning 230 V, dit noemen we netspanning.
  • In huis krijg je de elektrische stroom uit het stopcontact, dus het stopcontact is de stroombron.
  • Andere stroombronnen zijn een batterij en een (auto)accu.
  • Elektrische apparaten gebruiken elektrische energie.

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Link

Slide 5 - Video

Nieuwe theorie

Elektrische stroom is de beweging van elektronen in een stroomkring.


Stroomsterkte is het aantal elektronen die per seconde door de stroomkring gaan.


Spanning is de snelheid waarmee die elektronen door de stroomkring gaan.

Slide 6 - Tekstslide

De stroomsterkte

De stroomsterkte heeft het symbool I en de éénheid Ampère (A)


De stroomsterkte meet je in een stroomkring


De stroomkring kan vertakken, dan verdeel  je de stroomsterkte (hoeft  niet evenveel per tak te zijn)

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Link

Antwoord

Slide 9 - Woordweb

Opdracht

Bereken steeds de stroomsterkte.


18 A  verdeeld in drie gelijke vertakkingen.

Iedere vertakking splitst weer in 3 gelijke vertakkingen.

Hoeveel  Ampère heeft iedere vertakking uiteindelijk?

Slide 10 - Tekstslide

Antwoord

Slide 11 - Woordweb

Kennen en Kunnen
  • Maak zelf je kennen en kunnen lijst van deze les en voeg deze toe achter in je schrift.
  • Bespreek deze Kennen en Kunnen lijst met je buur.
  • Laat je Kennen en  Kunnen lijst zien aan de docent. 
timer
2:00

Slide 12 - Tekstslide