Kennismaken doelgroepen GGZ Autisme en volwassenen

Volwassenen
1. Autisme en volwassenen
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
VerzorgingMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

Volwassenen
1. Autisme en volwassenen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel procent van de mensen met Autisme hebben een verstandelijke beperking?
A
10%
B
20%
C
30%
D
40%

Slide 2 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Op welke twee gebieden komen de oorzaken van Autisme voor?
A
Sociale interactie & Communicatie
B
Erfelijkheid & Communicatie
C
Erfelijkheid & Omgeving
D
Sociale interactie & Erfelijkheid

Slide 3 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Autisme wordt gediagnostiseerd door...
A
DNA-test
B
Bloedonderzoek
C
NIPT test
D
Psychiatrisch onderzoek

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn juiste kenmerken die horen bij autisme?
A
Deze mensen zoeken situaties op waarbij je veel verschillende mensen ontmoet
B
Routines, rituelen, moeite met veranderingen
C
Deze mensen kunnen zich zeer goed in de situatie van een ander verplaatsen
D
Informatie die via de zintuigen binnen komt, word anders verwerkt, in puzzelstukjes.

Slide 5 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Licht verstandelijke beperking
Matig verstandelijke beperking
Ernstig verstandelijke beperking
Ernstig meervoudige beperking
Leren langzaam en moeilijk.
Ontwikkelings leeftijd tussen de 4 en 8 jaar
Hebben vaak bijkomende problemen zoals: Motorische stoornissen, epilepsie, autisme, probleemgedrag
 
Verhoogd risico op gezondheidsproblemen

Slide 6 - Sleepvraag

Welk kenmerk hoort bij welke mate van VB?
• Het IQ bij matige ernstige VB ligt tussen 35 en 50
• Het IQ bij ernstige VB ligt tussen 20 en 35
• Het IQ bij zeer ernstige VB is lager dan 20
• Ter vergelijk: bij lichte VB ligt het IQ tussen 50 en 70
Mensen met een ernstige verstandelijke beperking hebben soms ook nog bijkomende problemen. Onderstaande problemen komen dan het meest voor.
• Motorische stoornissen (bijvoorbeeld spasticiteit).
• Epilepsie.
• Autisme.
• Probleemgedrag (door bijkomende psychische stoornis, maar komt ook voor als gevolg van gebrekkige communicatie).
Mensen met EMB zijn kwetsbaar. Ze hebben een sterk verhoogd risico op gezondheidsproblemen. Denk aan epilepsie, een reflux, slaapstoornissen, slikproblemen en luchtweginfecties.

Slide 7 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht: Verken de website van ‘Geef me de 5’
doe dit in deze 5 stappen

Doel: Studenten maken kennis met de methode ‘Geef me de 5’ van Colette de Bruin en ontdekken hoe ze gratis hulpmiddelen uit de webshop kunnen inzetten voor hun cliënten.

1. Website Verkenning: Bezoek de website van ‘Geef me de 5’  - https://www.geefmede5.nl
Lees de informatie over de ‘Geef me de 5’ methode.
2. Bedenk drie tips die je aan een medestudent kunt geven over hoe deze methode kan bijdragen aan de begeleiding van (je) cliënten. Schrijf deze tips op en wees bereid om ze te delen. 
3. Navigeer naar de webshop en zoek naar gratis hulpmiddelen die beschikbaar zijn. Hulpmiddel Selectie:
Kies een gratis hulpmiddel uit de webshop dat je nuttig vindt voor je cliënt(en). Beschrijf kort waarom je dit hulpmiddel hebt gekozen en hoe je denkt dat het kan helpen.
4. Je gaat je tips en je hulpmiddel en je uitleg hierbij uitwisselen aan je medestudent waaraan je bent gekoppeld. 
5. Je medestudent kan aan eind een korte ELEVATOR PITCH houden over jouw bevindingen dus:
     3 tips over gebruik methode geef me de 5- welke hulpmiddel en waarom deze?  binnen 1 minuut!





Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Link

Deze slide heeft geen instructies

vandaag doelgroep les
Prikkelvrije optocht (discussie)
Casus GGZ autisme (duo opdracht)
werkvorm feit of fabel autisme (individuele opdracht)


Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Link

Deze slide heeft geen instructies

"Joris is een man van 35 jaar met een ernstig verstandelijke beperking en ASS. Hij heeft tot twee jaar geleden bij zijn ouders gewoond. Zijn ouders wonen op een boerderij. Overdag hielp hij zijn vader. "

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Duo opdracht Casus Joris
Zet Joris bovenaan
luister goed naar de casus en maak allebei aantekeningen.
(maak korte aantekeningen of teken)
twee horen meer dan 1.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Duo opdracht casus Joris
Tijdens de bespreking van de casus gaan jullie als duo eerst in op de huidige situatie (knelpunten)

en vervolgens brainstormen jullie samen over wat nodig is
voor Joris. (interventies)
Schrijf jullie bevindingen duidelijk op .

Na 15 min geven jullie je blad door naar dichtstbijzijnde duo.
Jullie bespreken dit blad en vullen aan of strepen door wanneer je niet eens bent met deze interventie.

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nabespreking Joris
luister naar de conclusie en het advies en beoordeel het blad wat voor je ligt:

Komen er zaken overeen? Herken je het advies? (omcirkel)
Mis je iets? 

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Conclusie & Advies 
Voor Joris is het belangrijk dat hij kan zien wat hij kan doen. 
Hij volgt de ander of gaat aan de slag met wat hij ziet. 
De foto’s herkent hij wel, maar begrijpt hij niet. Ze hebben daardoor niet een verwijzende functie maar bevestigen wat hij al weet. 

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Conclusie & Advies 
Naast duidelijkheid is het voor Joris ook belangrijk dat hij zijn eigen tempo mag volgen. Het dagprogramma op dagbesteding is alleen zo vol dat er een hoog tempo wordt gevraagd. 
Ook is er daardoor geen ruimte voor eigen initiatief, iets wat hij thuis vroeger wel kon en wat ouders ook heel belangrijk vinden.

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Conclusie & Advies 
Joris moet weten waar hij aan toe is, terwijl hij tegelijkertijd ruimte moet zijn voor eigen tempo en eigen inbreng. 
Omdat hij de verwijzende functie van foto’s niet begrijpt, is het werken met ankerpunten zinvol.

ankerpunten is iets of iemand dat houvast geeft.

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Conclusie & Advies 
De zoektocht zal zijn hoeveel ankerpunten hij nodig heeft om genoeg houvast aan de dag te hebben. De tijd tussen de ankerpunten mag hij ‘zelf’ invullen door te doen wat hij wil. 

Hierbij heeft hij wel aansturing nodig en dit kan begeleiding bieden door dingen voor te doen, samen te doen of door iets klaar te leggen.  



Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Conclusie & Advies 
Belangrijk hierin is te blijven variëren zodat er voldoende uitdaging blijft. Afhankelijk van het tempo van Joris op dat moment kunnen meerdere activiteiten aangeboden worden.

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bedenk een feit en een fabel 
gebruik Google en je eigen note blok en noteer in stilte:
1 feit over autisme 
1 fabel over autisme 
aan de klas presenteer je de uitspraak en 
daarna vraag je feit of fabel? 

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fabels over Autisme
- Autisme is te genezen
- Autisme komt meer voor bij mannen
- Mensen met autisme willen het liefst alleen zijn
- Mensen met autisme vermijden oogcontact
- Mensen met autisme hebben een verhoogd testosterongehalte
- Mensen met autisme hebben geen empathisch vermogen
- Mensen met autisme hebben geen gevoel voor humor
- Iederéén is een beetje autistisch
- Mensen met autisme kunnen het beste repetitief werk doen, met veel structuur en weinig              sociale interactie – zoals bijvoorbeeld de functie van computerprogrammeur




Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies